Partneralimentatie. Behoeftigheid onvoldoende onderbouwd.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:401 BW
Genoemd in 1.651 uitspraken · Officiële wettekst
1.651 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 36 · live
Partneralimentatie. Draagkracht van de man. Situatie tijdens en na het faillissement. schulden. geen terugbetaling.
Familierecht; verzoek om kinderalimentatie jegens biologische vader; art. 1:394 lid 1 BW; doorbreking stelsel wet? HR 26 april 1996, LJN AD2542, NJ 1997/119; daarin opgenomen opsomming van gevallen waarin doorbreking kan worden aangenomen niet limitatief. Omstandigheid dat wettig
Kinderalimentatie. Inzicht in handelsactiviteiten en verdiensten man onvoldoende: risico man. Geen wijziging op grond van artikel 1:401, lid 4 BW.
De enkele stelling van de man dat er sprake is van een wijziging van omstandigheden is voldoende om het in zijn verzoek te ontvangen. Mocht zich geen relevante wijziging hebben voorgedaan dan diens afwijzing van het verzoek te volgen.
Familierecht. Alimentatie; toewijzing - met terugwerkende kracht - van verzoek tot wijziging van een eerder vastgestelde bijdrage in het levensonderhoud (nihilstelling); maatstaven van HR 25 januari 2008, LJN BB9246, NJ 2008, 65; berekening behoefte alimentatiegerechtigde. (81 RO
Nu de man zijn financiële positie in het geheel niet inzichtelijk heeft gemaakt en onweersproken is gebleven dat hij inmiddels een woning heeft gekocht met een hypotheek van € 155.000,-- en is gaan samenwonen, in staat moet worden geacht de kinderalimentatie te voldoen.
Partneralimentatie; invloed nieuwe partner man op diens draagkracht.
Jongmeerderjarige vraagt ivm haar kosten van levensonderhoud en studie wijziging van de beschikking, waarin kinderalimentatie op nihil is gesteld. Verzoek wordt afgewezen vanwege haar onbehoorlijke gedrag tov haar vader (doodsverwensingen). Rechter heeft bij artikel 1:395a BW ook
Ingangsdatum van de kinderalimentatie vastgesteld op 15 juli 2007 en niet op 16 augustus 2005, zoals door de rechtbank gehanteerd. Reden: vrouw heeft gewacht tot 18 juni 2009 met het indienen van haar verzoekschrift.
Kinder- en partneralimentatie. Bij de inkomsten van de vrouw wordt uitgegaan van hetgeen zij momenteel verdient en van hetgeen zij tot voor kort verdiende en binnen afzienbare tijd ook weer zal kunnen verdienen. Bij de man wordt rekening gehouden met een arbeidsloze periode. In d
Kinderalimentatie; inkomensverhouding: moeder en haar (nieuwe) echtgenoot tegenover die van de vader. Proceskostenveroordeling
Betreft partneralimentatie. Geen grove miskenning wettelijke maarstaven, nu partijen bewust van de maatstaven zijn afgeweken. Geen wijziging van omstandigheden. Daarbij niet in te zien dat het gaan samenwonen van de man zijn draagkracht zou doen toenemen
Kinderalimentatie. Heeft de beschikking uit 1996 voldaan aan de wettelijke maatstaven ? Is sprake van een wijziging van omstandigheden; de geopperde wijzigingen worden achtereenvolgens besproken.
De man zit in minnelijk traject schuldhulpverlening. Nu blijkt dat hij in dat traject in staat is de schulden af te lossen, ziet het hof daarin aanleiding om het uitganspunt dat ook in het vrijwillige traject de onderhoudsverplichting op nihil te stellen.
Zowel het verzoek van de man tot wijziging van zijn verzoek in het principaal appel toegelaten. Beslissing met betrekking tot ingangsdatum, terugwerkende kracht en dat de vrouw niet gehouden is tot terugbetaling.
Rechtbank heeft de vrouw terecht niet- ontvankelijk verklaard in haar ingediende aanvullend verzoek tot verhoging van de partneralimentatie. Het verzoek van de vrouw in het incidenteel appel tot verhoging moet dan ook worden aangemerkt als een voor het eerst in hoger beroep gedaa
In het licht van het door het hof genoemde omstandigheden is het hof van oordeel dat de overeenkomst niet is aangegaan met grove miskenning van de wettelijke maatstaven en acht het hof ook niet aannemelijk dat de man en zijn parnter niet in staat zullen zijn een redelijk bestaans
(Geen) wijziging van omstandigheden en kostenveroordeling in appel én eerste aanleg.
Partneralimentatie; echtscheidingsconvenant; geen gebondenheid aan niet-wijzigingsbeding, redelijkheid en billijkheid; artikel 1:159 lid 3 BW.
Geschil betreft aanspraak van vrouw op verrekening van meerwaarde van woning van man. Hof oordeelt dat er onvoldoende feiten en omstandigheden zijn aangevoerd om een recht op verrekening ten aanzien van de waardevermeerdering van de onroerende zaak aan te nemen. Partijen waren on
Familierecht; verzoek tot wijziging overeenkomst betreffende levensonderhoud op de voet van art. 1:401 leden 1 en 5 BW en tot beëindiging van de alimentatieverplichting op de voet van art. II lid 2 WLA. Beslissing tot alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaren van uitspraak kan wo
Familierecht; verzoek man tot wijziging partneralimentatie op de voet van art. 1:401 BW. Artt. 21 en 22 Rv. en waardering overgelegde gegevens. (81 RO)
wijziging van omstandigheden in de zin van 1:401 lid 1 BW niet aangetoond
Hoewel de man opzettelijk de afkoop van een levensverzekering heeft verzwegen, zal het hof het verzoek om de man in de kosten te veroordelen niet toewijzen.