Successiewet; het begrip ‘kind’ in art. 32(1)4°(c) SW en het begrip ‘afstammeling’ in art. 24(1) SW; uitleg van art. 2(3)i AWR; is het kind dat family life heeft met de biologische vader, maar met wie geen familierechtelijke rechtsbetrekking in juridische zin bestaat, een kind en
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:3 BW
Genoemd in 21 uitspraken · Officiële wettekst
21 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Biologische vader die zijn kind niet heeft erkend is niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot beëindiging van de voogdij van een gecertificeerde instelling, omdat hij geen bloedverwant van het kind is.
Successiewet; het begrip ‘kind’ in art. 32(1)4°(c) SW en het begrip ‘afstammeling’ in art. 24(1) SW; uitleg van art. 2(3)i AWR; is het kind dat family life heeft met de biologische vader, maar met wie geen familierechtelijke rechtsbetrekking in juridische zin bestaat, een kind en
Kind erft van biologische vader, terwijl hij een andere juridische vader heeft. Geen recht op kindvrijstelling en tariefgroep 1 van de Successiewet. Artikel 2, derde lid, letter i van de AWR knoopt voor het begrip kind weliswaar aan bij bloedverwantschap, maar de rechtbank is van
Ontslag mentor. Bloedverwant (neef in derde graad) is belanghebbende en kan hoger beroep instellen, ook al is hij in eerste aanleg niet verschenen. Taak van de mentor. De in de beschikking beschreven kring van personen zorgt voor en bewaakt het welzijn van de rechthebbende. Mento