Ontslag curator. Het zorgdragen voor een stabiele financiële situatie van de curanda is een van de belangrijke taken van de curator. Uit de door rechthebbende overgelegde stukken blijkt onvoldoende dat de curator de financiële belangen van rechthebbende goed behartigd heeft, zoda
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:383 BW
Genoemd in 102 uitspraken · Officiële wettekst
102 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Curatele. Afwijking van uitdrukkelijke voorkeur van de onder curatele gestelde en de wettelijke voorkeur als bedoeld in artikel 1:383 lid 2 en 3 BW omdat gegronde redenen zich tegen de benoeming van de zoon tot curator verzetten.
curatele
Ontslag curator (ambtshalve). Rechtsmacht en toepasselijk recht.
Gronden curatele. Benoeming curator. Afwijking voorkeur betrokkene.
Ondercuratelestelling. De minder ingrijpende maatregel van onderbewindstelling volstaat in dit geval niet.
Onder curatelestelling persoon die weigert zich aan geriatrisch of psychologisch onderzoek te onderwerpen op basis stukken en eigen waarneming rechter. Veronderstelde voorkeur van betrokkene voor personen die tot curatoren moeten worden benoemd niet gevolgd.
Beschikking op verzoek tot ondercuratelestelling Kantonrechter wijkt gemotiveerd af van uitdrukkelijke voorkeur betrokkene (art. 1:383, lid 2 BW) wat betreft keuze curator. Kantonrechter benoemt in afwijking van art. 1:383, lid 1 BW) niet één curator maar twee. Een curator om de
Curatele. Grond voor ondercuratelestelling en persoon van de curator. Twee (medische) verklaringen voldoende voor vaststellen stoornis.
Anders dan door belanghebbende aangevoerd is het hof van oordeel dat de vrouw wel in staat is haar voorkeur uit te spreken omtrent de persoon die tot curator moet worden benoemd in het kader van de ondertoezichtstelling.
Curatele, uitgesproken tijdens minderjarigheid en ingaande bij meerderjarigheid van betrokkene.
Deze zaak betreft een verzoek tot ondercuratelestelling wegens een geestelijke stoornis. De zoon van betrokkene wordt tot curator benoemd, nu het bezwaar van betrokkene zich vooral lijkt te richten tegen de ondercuratelestelling op zich en niet tegen de persoon van de voorgesteld
Ontslag van de curator in curatele wegens gewichtige redenen en benoeming van een derde tot curator, met motivering waarom de in de wet genoemde voorkeurspersonen worden gepasseerd.
Nu er geen objectief aanknopingspunt is dat X niet in het belang van betrokkene zal handelen, is hij naar het oordeel van de rechtbank in deze geschikt als curator. Verweerders hebben onvoldoende met concrete feiten en/of schriftelijke stukken onderbouwd dat X de belangen van bet
In de uitspraak van de Hoge Raad van 1 december 2000 (kenmerk: LJN AA8717) is beslist dat curatorschap door twee ouders gezamenlijk mogelijk is. Uit deze uitspraak valt af te leiden dat afwijzing van het verzoek om twee ouders te benoemen als curator leidt tot een ongerechtvaardi
Het hof acht gegronde redenen aanwezig die zich verzetten tegen benoeming van de door de betrokkene voorgestane persoon tot curator. Krachtens het bepaalde in art. 1:383 lid 3 BW wordt een zuster tot curator benoemd. Deze benoeming wordt in het belang van de betrokkene geacht, on