Ontheffing ouderlijk gezag, art 1:266 en 268 BW
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:266 BW
Genoemd in 639 uitspraken · Officiële wettekst
639 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 26 · live
Betreft verzoek van de rvdk om moeder van het gezag over de minderjarige te ontheffen en om BJZ met de voogdij te belasten (zaaknr. 84543/FA RK 08-151). Daarnaast betreft het verzoek van de man, die bij beschikking van deze rb van 12 maart 2008 vervangende toestemming heeft gekre
Ontheffing gezag na uithuisplaatsing van een kind dat 3 maanden na de geboorte uit huis is geplaatst afgewezen
Ontheffing gezag na uithuisplaatsing van een kind dat kort na de geboorte uit huis is geplaatst
Vernietiging van de bestreden beschikking voor zover de moeder van het gezag over kind is ontheven. De gronden voor ontheffing zoals bedoeld in artikel 1:266 BW zijn niet aanwezig. Het is het hof gebleken dat de moeder in het verleden ongeschikt en/of onmachtig was de plicht tot
Familierecht. Gedwongen ontheffing van ouderlijk gezag op voet van art. 1:266 en 268 lid 2, aanhef en onder a, BW (81 RO).
Ontheffing gezag van ouders over kinderen
Ontheffing ouderlijk gezag: Hoewel de moeder bezwaar heeft tegen haar ontheffing van het gezag, weegt het recht van de kinderen op duidelijkheid omtrent hun opvoedingsperspectief en ongestoorde hechting in het pleeggezin zwaarder dan haar wens het gezag over haar kinderen te blij
Ontheffing uit het gezag. Moeder ongeschikt althans onmachtig om haar kind te verzorgen en op te voeden.
De huidige stabiele opvoedingssituatie bij de oma moet worden veiliggesteld. Gelet op de artt. 3 lid 1 en 20 IVRK dient aan het belang van de kinderen bij continuïteit van de opvoedingssituatie en een ongestoord hechtingsproces een zwaarwegende betekenis te worden toegekend. De i
Betreft de vraag of sprake is van vrijwillige of onvrijwillige ontheffing van een moeder van het gezag over 3 kinderen indien moeder voorwaarde stelt aan ontheffing. Benoeming van een natuurlijk persoon tot voogdes en onder handhaving van de ondertoezichtstelling van de kinderen.
Ontheffing gezag over kinderen ondanks verzet moeder.
Ontheffing gezag.
Door de rechtbank is ter zitting aan de orde gesteld dat het in deze situatie voor de hand zou liggen dat moeder eenhoofdig gezag over [naam minderjarige] vraagt. Desgevraagd heeft de Raad aangegeven deze mogelijkheid te hebben uitgesloten, omdat in het verleden is gebleken dat d
23 april 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/126HR RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], 2. [Verzoekster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERZOEKERS tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n STICHTING BUREAU JEUGDZORG NOORD-BRABANT,
-
-