I. Afwijzen verzoek tot beëindiging ouderlijk gezag II. Verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:266 BW
Genoemd in 639 uitspraken · Officiële wettekst
639 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Ambtshalve gezagsbeëindiging kind van bijna 18.
Beschikking meervoudige kamer: gezagsbeëindiging voor beide ouders - vader is niet betrokken - de situatie van de moeder is lange tijd niet stabiel: haar persoonlijke problematiek staat op de voorgrond, zij heeft geen vaste woon- of verblijfplaats, is met regelmaat slecht bereikb
Vanwege visieverschil tussen de GI en de Raad, doet de rechtbank uitspraak over de noodzaak tot een gezagsbeëindiging en gaat ambtshalve daartoe over (art. 1:267 en 1:266 BW). Ondanks dat de ouders zich erin lijken te berusten dat het perspectief van de minderjarigen bij de pleeg
I. Beëindiging ouderlijk gezag en benoeming voogdij II. Afwijzen verzoek verlenging ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing
Beschikking van de meervoudige kamer. Afwijzing verzoek beëindiging ouderlijk gezag. Volgens de Raad en de GI maakt het voor de rol van de moeder in het leven van de kinderen niet uit of zij haar gezag behoudt of niet. Met het oog op de rechtsbescherming van family life, zoals ge
Wel of geen beëindiging gezag na perspectiefbesluit: Raad vindt nog niet, GI wel. Visieverschil voorgelegd aan rechtbank op grond van artikel 1:267 BW. Rechtbank volgt GI en beëindigt gezag. Moeder accepteert plaatsing in gezinshuis nog steeds niet en belast kind. Kindbrief.
Personen- en familierecht. Herstel in ouderlijk gezag; toetsing aan criteria van art. 1:277 lid 1 BW; relevantie van toeslagenaffaire.
Gezagsbeëindiging en benoeming voogd. Art. 1:266 lid 1 sub a, 1:267 en 1:275 BW. Gezagsvacuüm ontstaan door afwezigheid en niet bereikbaar zijn van moeder. Daardoor stagneert o.a. hulpverlening. Kind groeit al jaren op bij pleegmoeder. Pleegmoeder benoemd tot voogd.
Gezagsbeëindiging vanwege het verstrijken van de aanvaardbare termijn. De onzekerheid over het opgroeiperspectief mag niet langer voortduren.
Gezagsbeëindiging artikel 1:266 lid 1 BW. De ouder steunt het verzoek. Beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
gezagsbeëindiging van een onder curatele gestelde moeder
Gezagsbeëindigende maatregel. Besluit voorgelegd aan de rechtbank. Artikel 1:267 lid 2 BW. Ouderlijk gezag beëindigd. GI benoemd tot voogd.
Gezagsbeeindiging draagmoeder
De rechtbank is van oordeel dat voldaan is aan de criteria van zowel artikel 1:266, eerste lid, onder a, BW als van artikel 8 EVRM en acht een beëindiging van het gezag van de vader noodzakelijk.
Beschikking meervoudige kamer: gezagsbeëindiging na doodslag op andere ouder - aan beide gronden van artikel 1:266 BW wordt voldaan - benoeming bijzondere curator na verzoek van de Raad om een omgangsregeling vast te stellen op grond van artikel 1:242a BW.
Meervoudige kamer. Beeindiging ouderlijk gezag en benoeming voogdij. Afronding deskundigenonderzoek.
Ambtshalve beëindiging van het gezag van de moeder op grond van artikel 1:267, tweede lid, BW. De rechtbank is na toetsing aan artikel 1:266, eerste lid, BW en artikel 8 EVRM van oordeel dat de beëindiging van het ouderlijk gezag noodzakelijk is.
Verzoek tot gezagsbeëindiging afgewezen. Artikel 1:266 BW en artikel 8 EVRM. De maatregel is niet noodzakelijk en staat niet in redelijke verhouding tot het doel dat wordt beoogd. Ouders accepteren niet dat het opgroeiperspectief niet meer bij hen ligt. Dit heeft geleid tot veel
Verzoek GI ex art. 1:267 lid 2 BW jo art. 1:266 lid 1 BW. GI en de Raad verschillen van mening over de vraag of een gezagsbeëindigende maatregel voor beide ouders op zijn plaats is. De rechtbank beëindigt het gezag van de ouders. De aanvaardbare termijn is verstreken. Minderjarig
De Raad verzoekt de rechtbank op grond van artikel 1:267, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) om te beoordelen of beëindiging van het gezag van de moeder over de minderjarige noodzakelijk is. Anders dan de Raad is de rechtbank van oordeel dat het gezag van de moeder beëin
Beëindiging ouderlijk gezag van de vader en de moeder en benoeming voogd.
Bekrachtiging gezagsbeëindigende maatregel: minderjarige geboren in detentie en vanaf geboorte uithuisgeplaatst in perspectiefbiedend pleeggezin.
Ambtshalve beëindiging van het gezag (artikel 1:267 lid 2 BW). Beëindiging van het gezag vormt een gerechtvaardigde inbreuk op artikel 8 EVRM.
Gezagsbeëindiging moeder. De minderjarige woont al bijna zijn hele leven in een pleeggezin. Het gezamenlijk gezag van de ouders wordt beëindigd en de vader wordt belast met het eenhoofdig gezag over de minderjarige (artikel 1:266 BW). De kinderrechter gaat voorbij aan het beroep