Uithuisplaatsing; zelfstandige rechtsingang minderjarigen?; ontvankelijkheid minderjarigen; artikel 12 IVRK; artikel 6 EVRM; artikelen 24 en 47 van het Handvest van de grondrechten van de EU; bijzonder curator; rechtens afdwingbare aanwezigheid advocaat bij horen minderjarigen?;
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:261 BW
Genoemd in 483 uitspraken · Officiële wettekst
483 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Jeugdrecht; art. 29c Wet op de jeugdzorg (Wjz). Maatregel gesloten jeugdzorg, voorlopige machtiging. Geen instemming gedragswetenschapper met verklaring bureau jeugdzorg. Uitzondering dat onderzoek feitelijk onmogelijk is; omstandigheden van het geval. Ingrijpende aard van de maa
Cassatie in het belang der wet. Wet op de Jeugdzorg (Wjz). Art. 1:262 lid 3 BW (verval machtiging tot uithuisplaatsing bij gebreke van tenuitvoerlegging binnen drie maanden) ook van toepassing op machtiging tot opneming en verblijf in gesloten inrichting op de voet van art. 29b W
Familierecht. Machtiging als bedoeld in art. 29b Wet op de jeugdzorg om minderjarige gedurende dag en nacht te plaatsen in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg. Dat instemmingsverklaring, bedoeld in art. 29b lid 5, is afgegeven door een gedragswetenschapper, in de zin van art
Cassatie in het belang der wet. Wet op de Jeugdzorg (Wjz). Art. 1:262 lid 3 BW (verval machtiging tot uithuisplaatsing bij gebreke van tenuitvoerlegging binnen drie maanden) ook van toepassing op machtiging tot opneming en verblijf in gesloten inrichting op de voet van art. 29b W
Gesloten plaatsing: deze bijzondere machtiging, verleend krachtens de Wet op de jeugdzorg, vervalt niet indien zij gedurende drie maanden niet ten uitvoer is gelegd. Ontvankelijkheid. Twee minderjarigen.
Geen vervaltermijn in Wet Gesloten Jeugdzorg, artikel 1:262 BW niet van (overeenkomstige) toepassing
Uithuisplaatsing in gesloten jeugdzorg, art 29b WJZ; verklaring inhoudend instemming van een gedragswetenschapper is niet overgelegd.
Uithuisplaatsing in gesloten jeugdzorg, art 29b WJZ; verklaring inhoudend instemming van een gedragswetenschapper wordt eerst in hoger beroep overgelegd; t.a.v. instemmingsvereiste minderjarige wordt geanticipeerd op de voorgenomen wetswijziging.
Gelet op de omstandigheid dat gedurende een niet onaanzienlijke periode van vijf maanden nog geen enkele aanvang is gemaakt met een voortvarende behandeling van [de minderjarige] en deze gezien de bestaande wachtlijst ook niet binnen enkele maanden te verwachten valt, is naar het
Gesloten en later gevolgde besloten plaatsing van de minderjarige niet langer meer noodzakelijk, nu blijkt dat de plaatsing contra-productief is en behandeling op de juiste plek niet mogelijk is.
Overgangsrecht gewijzigde Wet op de Jeugdzorg ten behoeve van gesloten plaatsing. Onmiddellijke werking. Voor vóór 1 januari 2008 werkende machtiging. Geen instemming jeugdige tenuitvoerlegging in JJI vereist. Evenmin instemming gedragswetenschapper alsnog vereist.
Artikel VII Wjz bepaalt dat de wijzigingswet Wjz gesloten jeugdzorg onmiddellijke werking heeft. Deze onmiddellijke werking houdt in, dat bij (her-)beoordeling van een machtiging de situatie met ingang van 1 januari 2008 getoetst moet worden aan de criteria van artikel 29b lid 3
Gesloten plaatsing in het kader van de Wet op de jeugdzorg, plaatsing in een justitiële jeugdinrichting.
Familierecht. Ondertoezichtstelling; uithuisplaatsing in justitiële jeugdinrichting; cassatieberoep kind niet-ontvankelijk bij gebrek aan belang wegens verstrijken termijn.
Familierecht. Ondertoezichtstelling; uithuisplaatsing in justitiële jeugdinrichting; cassatieberoep kind niet-ontvankelijk bij gebrek aan belang wegens verstrijken termijn.
Plaatsing in justitiële jeugdinstelling voor dag en nacht, hof oordeelt dat de rechter niet beslist of dit “gesloten”of “besloten”is.
Uithuisplaatsing in een gesloten inrichting.