Benoeming bijzondere curator met daarbij in de overwegingen een specifieke uitleg gericht aan de minderjarigen.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:250 BW
Genoemd in 702 uitspraken · Officiële wettekst
702 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 18 · live
Informele rechtsingang en benoeming bijzondere curator ex 1:250 BW. Minderjarige verzoekt eenhoofdig gezag bij terminale moeder, zodat de oom na het overlijden voogd over haar kan worden.
Afwijzing verzoek moeder tot vaststelling zorgregeling met minderjarige. Hoofdverblijf bij vader. alimentatie verzoek ingetrokken.
Aanhouding wijziging omgangsregeling Ambtshalve benoeming bijzonere curator
De rechtbank had het hoofdverblijf van de drie kinderen, die na de scheiding van hun ouders de moeder zijn gaan afwijzen, bepaald bij de moeder. Ondanks de inzet van hulp en met diverse dwangmaatregelen, waaronder een langdurende uithuisplaatsing van de twee oudste kinderen, wijz
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling. Omgangsregeling. Art. 8 EVRM.
IPR. Verzoek tot beëindiging van het gezamenlijk gezag ex artikel 1:253n BW en wijziging van de zorg- c.q. omgangsregeling. De rechtbank beoordeelt eerst of de ouders gezamenlijk met het gezag over de minderjarige zijn belast. De ouders zijn tweemaal gehuwd geweest. Het eerste h
Gezagsbeëindigende maatregel. De rechtbank benoemt een bijzonder curator om een onderzoek te doen naar plaatsing binnen netwerk (eigen cultuur) waar het zusje ook woont.
Ondertoezichtstelling, verzoek bijzondere curator.
Betrokkenheid vader bij overlijden moeder. Gezag vader wordt beëindig en voogd benoemd. Kinderen wonen in pleeggezinnen. Vader wil omgang met kinderen en informatie. Bijzondere curator wordt gevraagd om onderzoek te doen.
beëindiging gezag vader. Vader verdachte van partnerdoding. Vaststelling omgangsregeling; afwijzing benoeming bijzonder curator ex artikel 1:242a jo. art. 1:250a BW.
Echtscheiding. Verschillende zorgregeling voor minderjarigen. Deel beschikking gericht aan minderjarige.
Ondertoezichtstelling; afwijzing vaststellen zorgregeling; ambtshalve benoeming bijzondere curator.
De zorgen over het uitblijven van een structurele contactregeling van de kinderen met de moeder zijn zo groot dat het hof - ondanks het aanwezig advies van een pedagoge - een raadsonderzoek en forensische mediation voorstaat.
Verlening uithuisplaatsing. Art 1:265c BW. Verlenging uithuisplaatsing bekrachtigd. Verzoek om (minderjarige) zus en oma moederszijde aan te merken als belanghebbende of informant, afgewezen. benoeming bijzondere curator afgewezen. verzoek nader deskundigenonderzoek afgewezen.
Hevige ex-partnerstrijd. Door het hof bepaalde schottenaanpak is niet van de grond gekomen. De discussie over het contact tussen de kinderen en de vader houdt de ouders zodanig verdeeld, dat de belangen van de ouders strijden met die van de kinderen en dat daarom de benoeming van
benoeming bijzondere curator ex artikel 1:250BW
Afwijzing bekrachtiging schriftelijke aanwijzing Afwijzen zelfstandig verzoek tot benoeming bijzondere curator ex artikel 1:250 BW
Personen- en familierecht, procesrecht. Ontvankelijkheid van door minderjarige zelf ingesteld hoger beroep. Bekrachtiging van nietige rechtshandeling (art. 3:58 BW). Minderjarige is niet bevoegd om herstel van beëindigd ouderlijk gezag te verzoeken. Informeel omgangsverzoek ex ar
gecombineerde behandeling van kort geding en verzoek van de GI tot vaststelling van een zorgregeling. Zie ook ECLI:NL:RBROT:2021:2467
bijzondere curator en machtiging.
afwijzing voorlopige voogdij; spoedvoorziening en ambtshalve benoeming bijzondere curator ex art. 1:250 BW
Artikel 1:250 BW, rechter kan overgaan tot benoeming van een bijzondere curator als sprake is van een wezenlijk conflict tussen de ouder/voogd en de minderjarige. De kinderen zijn gebaat bij rust. Het hof acht de benoeming van een bijzondere curator – die wederom met de kinderen
Afwijzing verzoek bijzondere curator 1:250 BW, geen verdere verlenging ondertoezichtstelling, twee-conclusieregel en zelfstandig verzoek in hoger beroep, 347 lid 1 Rv, 362 Rv.
“Verlenging ondertoezichtstelling. Afwijzing (aangehouden) verzoeken uithuisplaatsing, omdat het het meest in het belang van de minderjarige wordt geacht dat hij weer bij de moeder gaat wonen. Hiermee wordt hem een duidelijk (toekomst)perspectief geboden. Voortdurende uithuisplaa