Ondertoezichtstelling. Niet met gezag beklede vader als belanghebbende aangemerkt. 798 lid 1 en 799 Rv.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:247 BW
Genoemd in 3.440 uitspraken · Officiële wettekst
3.440 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Tussenvonnis. Onrechtmatige daad van de Politie en Stichting Samen Veilig Midden-Nederland tegenover de vader van twee (destijds) minderjarige kinderen in verband met hun vertrek uit Nederland zonder zijn toestemming.
Art. 1:253n BW. Beëindiging gezamenlijk gezag in het belang van de minderjarige noodzakelijk: geen feitelijke invulling van gezamenlijk gezag mogelijk.
Het hof veroordeelt verdachte ter zake van het medeplegen van kindermishandeling, meermalen gepleegd. Artikel 1:247 BW.
Het hof veroordeelt verdachte ter zake van het medeplegen van kindermishandeling, meermalen gepleegd. Artikel 1:247 BW.
Hoger beroep. Kort geding. Vordering tot meewerken aan omgangsregeling afgewezen, gezien het karakter van het gevorderde: een ordemaatregel.
Een 55-jarige vrouw uit Bunschoten-Spakenburg is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld omdat zij niet ingreep bij de regelmatige mishandeling van 10 van haar kinderen. De rechtbank legt de vrouw een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden op met een proeftijd van 2
Verbod afreizen met minderjarige; voorlopig hoofdverblijf.
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling. Art. 1:255 BW. Statusvoorlichting; vgl. HR 18 maart 2016, ECLI:NL:HR:2016:452.
Gezamenlijk gezag, wijziging geslachtsnaam en wijziging voornaam. De rechtbank wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag van de moeder en de stiefvader toe en wijzigt de geslachtsnaam van de minderjarigen van de geslachtsnaam van de vader naar de geslachtsnaam van de stiefvader. De
Vaststelling omgangsregeling. Biologische vader kan in zijn verzoek worden ontvangen, nu er sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking met de minderjarige. De rechtbank verplicht moeder tot statusvoorlichting, zodat begeleide omgang kan worden opgestart.
Informatie- en consultatieplicht, statusvoorlichting. Dwangsom.
Op grond van de artt. 8 EVRM, 1:377a lid 1 BW en 9 lid 3 IVRK moet het contact tussen de vader en het kind, dat 2,5 jaar verbroken is geweest, weer geleidelijk worden opgebouwd. De rechtbank ziet geen contra-indicaties voor contactherstel als bedoeld in art. 1:377a lid 1 BW. De b
onderlinge communicatie tussen partijen laat sterk te wensen over; voorgenomen verhuizing voldoende noodzakelijk geacht en ook voldoende doordacht en voorbereid; gerechtvaardigde verwachting dat de kinderen gezien hun leeftijd in staat zijn om binnen een redelijke tijd een nieuw
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Verzoek wijziging gezamenlijk ouderlijk gezag in eenhoofdig gezag. Art. 1:251a onder a BW. Art. 1:247 BW.
“Verzoek namens man tot vaststelling van een omgangsregeling tussen grootmoeder vaderszijde en de minderjarigen op grond van artikel 1:253a BW. Rechtbank is van oordeel dat man niet-ontvankelijk is in zijn verzoek, nu door hem niet is aangetoond dat het geschil in dit geval op en
Moeder met eenhoofdig ouderlijk gezag wil op zeer korte termijn naar Ierland verhuizen. Voorzieningenrechter acht voornemen moeder niet in overeenstemming met de op haar rustende ouderlijke verantwoordelijkheid om voldoende recht te doen aan de belangen van daadwerkelijk contact
Familierecht; art. 1:247, 253a BW, art. 815 Rv. Gezamenlijk verzoek om echtscheiding zonder overeenstemming over ouderschapsplan. Verzoek moeder op de voet van art. 1:253a BW om met kinderen naar Spanje te mogen verhuizen. Oordeel hof dat rechtbank dit verzoek ten onrechte heeft
Toewijzing omgangsregeling in kort geding voor de duur van de bodemprocedure.
De man verzoekt wijziging van omgangsregeling voor minderjarig kind. Verzocht wordt om hem mede te belasten met het ouderlijk gezag over de minderjarige. De vrouw verzoekt om afwijzing. 1:253c BW, 1:247 lid 1 BW, 1253o BW Rechtbank wijzigt gezag. Gezag wordt uitgeoefend door de v
Moeder niet in staat “uitgekleed” gezag uit te oefenen. Klemcriterium en noodzakelijkheidscriterium.
Kosten tandheelkundige behandeling ten behoeve van een minderjarig kind. Ouder normaliter geen partij bij de overeenkomst. Het enkele feit dat een ouder die het gezag uitoefent over zijn minderjarige kind op grond van artikel 1:247 BW een verzorgingsplicht heeft, brengt niet mee
Niet klem of verloren i.g.v. “uitgekleed” gezamenlijk gezag.
Gezamenlijk “uitgekleed” gezag.
De moeder van een inmiddels meerderjarige jongen stelt een vordering in tegen de school die haar zoon tussen zijn veertiende en zeventiende jaar bezocht. Toen de jongen 16 jaar oud was, vond hij onderdak in een ander gezin, waarna de school de moeder nog slechts summier informeer