De uitspraak ziet - in het kader van een verzoek van het openbaar ministerie om vadergegevens uit een geboorteakte te laten verwijderen - op de vraag of er al dan niet een afstammingsrelatie bestaat tussen een Franse vader en een Frans/Surinaams kind (moeder is Surinaamse) in een
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:199 BW
Genoemd in 121 uitspraken · Officiële wettekst
121 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Nationaliteit. Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap; “belanghebbende” in de zin van art. 18 lid 2 RWN; maatstaf (vgl. HR 10 november 2006, LJN AY8290, NJ 2007/45).
Niet-nakoming verrekenbeding uit huwelijkse voorwaarden. Bij echtscheiding gesloten overeenkomst over verrekening vermogen niet vernietigbaar op grond van art. 6:229 BW (voortbouwende overeenkomsten).. Art. 1:132 e.v. ook van toepassing op bij echtscheiding overeengekomen verreke
Art. 1:246 BW, stoornis van de geestvermogens van de moeder, geen gezag van rechtswege.
Positief banksaldo geldt niet als storting kapitaal in BV.
Een stichting heeft nog slechts als vermogensbestanddeel een gevaarlijke schoorsteen. De economische waarde van de schoorsteen is negatief. Omdat er geen fondsen zijn voor herstel, besluit het bestuur tot ontbinding. Door gevaar bedreigd naastgelegen bedrijf vordert in kort gedin
De f&o genoemd in de toelichting op het middel kunnen niet voor het eerst in cassatie naar voren worden gebracht. Zonder blijk te geven van een onjuiste rechtsopvatting kon het Hof tot een bewezenverklaring en de daarbij behorende kwalificatie komen.
Art. 304 Sr. Het middel berust op de opvatting dat "voor de strafbaarheid en de strafwaardigheid, zoals bedoeld in art. 304 Sr, het niet van belang is of de vader de biologische vader is, doch het erom gaat dat er op grond van samenwoning, zoals bij levensgezellen, dan wel een an
De vader, die de minderjarige heeft erkend, maar niet het gezag heeft, heeft haar gedurende ruim 6 jaar niet meer gezien en geen contact gehad met de moeder. Hij kan voor de ots en de uithuisplaatsing niet meer worden aangemerkt als belanghebbende. Er is geen sprake meer van fami
Betreft verzoek van de rvdk om moeder van het gezag over de minderjarige te ontheffen en om BJZ met de voogdij te belasten (zaaknr. 84543/FA RK 08-151). Daarnaast betreft het verzoek van de man, die bij beschikking van deze rb van 12 maart 2008 vervangende toestemming heeft gekre
Familierecht. Betwisting van afstamming; staat (niet) overeenkomstig de geboorteakte (art. 1:209 BW); afwijzing verzoek tot gegrondverklaring van de betwisting van afstamming in strijd met art. 8 EVRM?
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over de vraag of de alimentatieverplichting van de man uit hoofde een echtscheidingsconvenant ingevolge art. 1:157 lid 6 van rechtswege is geëindigd omdat hun huwelijk kinderloos is gebleven (81 RO).
art. 1:253g BW; criterium lid 3; i.c. gezag naar voogdij-instelling in plaats van naar andere derde waarvan niet vast staat dat die de overlevende ouder is.
Het alsnog vermelden van de vader in de geboorteakte is mede afhankelijk van de gewone verblijfplaats van de ouders ten tijde van de geboorte. Artikel 1 lid 1 van de Wet conflictenrecht adoptie.
De man is niet de juridische vader van het kind. Daarom is hij niet-ontvankelijk in zijn verzoek om belast te worden met het gezag.
[...] Niet gebleken is dat de echtgenoten vóór het huwelijk het op hun huwelijksvermogensregime toepasselijke recht hebben aangewezen. Krachtens artikel 4, eerste lid, van het Haags Huwelijksvermogensverdrag van 14 maart 1978, Trb. 1988, 130, wordt het huwelijksvermogensregime be
Heeft betrokkene recht op kinderbijslag voor zijn uit een in Bangladesh gesloten relieus huwelijk geboren kind? Wettelijke regeling voor export van uitkeringen. Redelijke en objectieve rechtvaardigingsgrond.
Recht op halfwezenuitkering. Vaderschap. Kan de gepretendeerde biologische vader van de kinderen van betrokkene als vader worden aangemerkt, zodat de kinderen in aanmerking komen voor een halfwezenuitkering? Verboden ongelijke behandeling?
1. Verplichting tot onderhoud en verzorging ex art. 255 Sr. 2. Strafmotivering. Ad 1. Verdachte heeft X, tot wiens onderhoud en verzorging hij verplicht was, tezamen en in vereniging met diens moeder, zijnde zij de ouder die ex art. 1:247 jo. 245 BW verplicht was X als haar minde
-
-