Echtscheiding met nevenvoorzieningen. De rechtbank overweegt dat zij op dit moment over onvoldoende gegevens beschikt om te kunnen beoordelen of een gelijke draagplicht in strijd is met de redelijkheid en billijkheid. Het gokverleden van de vrouw zou een reden kunnen zijn om af t
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:164 BW
Genoemd in 316 uitspraken · Officiële wettekst
316 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Hof is van oordeel dat een bedrag van € 42.500 tot de huwelijksgemeenschap behoort en in de verdeling moet worden betrokken. Het hof acht het betoog van de vrouw niet geloofwaardig dat zij het bedrag van € 42.500 in beheer had genomen van haar ouders. Bij de bepaling van de draag
De vrouw verzoekt te bepalen dat zij niet draagplichtig is voor de schulden op naam van de man die ontstaan zijn tijdens het geregistreerd partnerschap. Haar beroep op artikel 1:100 lid 2 BW (nieuw) slaagt niet, omdat er geen sprake is van een negatieve boedel. Het beroep van de
IB/PVV. Onderhoudsverplichtingen. Wettelijke verplichting.
echtscheiding met nevenvoorzieningen, partneralimentatie, aannemen verdiencapaciteit, geen limitering duur alimentatie, verspilling goederen der gemeenschap
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap, verdeling opbrengsten activa, onvolledige opgave huuropbrengsten, discrepantie inkomsten en uitgaven, kasstroomanalyse deskundige, onderlinge draagplicht passiva, regresvorderingen, belastingschulden eenmanszaken en vennootschappen, gebruik
wijze van verdeling vastgesteld
Twee-conclusieregel. Peildatum waardering te verdelen vermogensbestanddelen. Stelplicht terugbetaling lening. Gelden onttrokken aan de gemeenschap? Wettelijke rente.
Vaststellen kinderalimentatie in geval van voortduring van de situatie van ‘birdnesting’ waarbij beide ouders voorlopig nog zijn ingeschreven op hetzelfde adres. Als partijen niet onderling tot overeenstemming komen, kan de rechtbank niet anders dan uitgaan van fictieve omstandig
In het kader van de echtscheiding wordt de vrouw met het eenhoofdig gezag over de kinderen belast en de ontbonden huwelijksgemeenschap verdeeld. De rechtbank geeft een spoorboekje voor de overname/verkoop van de echtelijke woning en verkoop sieraden. Het mondelinge verzoek van de
Verkapt executiegeschil. Tenuitvoerlegging van in hoger beroep bekrachtigde beslissing dat de man moet meewerken aan de verkoop en levering van de gemeenschappelijke woning aan een derde. Geen aanknopingspunten om te veronderstellen dat de man de toedeling van de woning aan hem n
Hoofdverblijfplaats minderjarige, zorgregeling, kinder- en partneralimentatie en afwikkeling huwelijksvermogen (deels naar Pools - en deels naar Nederlands recht).
Bonaire. Verdeling huwelijksgemeenschap. Verschillen tussen BW BES en BW andere gebiedsdelen Koninkrijk. Eerdere afspraken tussen partijen. Klachten over gedrag van de eerste rechter.
Vanwege lange wachtlijst in te zetten hulptraject zijn partijen een voorlopige zorgregeling overeengekomen en het hoofdverblijf is niet meer in geschil. Kinderalimentatie en partneralimentatie bepaald. Wijze van verdelen van de gemeenschap gelast. Er is sprake van benadeling van
Echtscheiding met nevenvoorzieningen, partneralimentatie bepaald, appartement in [plaats] valt op grond van de redelijkheid en billijkheid niet in de huwelijksgemeenschap.
Echtscheiding. Geen sprake van dwang bij sluiting huwelijk. Huwelijk daarom niet nietig. Geen sprake van zodanige bijzondere omstandigheden dat afgeweken moet worden van een verdeling bij helfte.
Personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; sedert het feitelijk uiteengaan van partijen in 2018 verblijft de vrouw in de voormalige echtelijke woning. Aan de orde komen de vraag: of de vordering tot verdeling van de woning moet worden uitgesloten in de zin van art. 3:178
“Is hier sprake van opzettelijke verzwijging (art. 3:194 lid 2 BW) of benadeling (art. 1:164 BW)? De rechtbank stelt vast dat de feiten en omstandigheden aanleiding geven tot het vermoeden van benadeling. Bij beide partijen is sprake van benadeling van de boedel. Nu geen van part
verdeling huwelijksgoederengemeenschap, beroep op dwaling ex 3:196 BW afgewezen, benadeling gemeenschap art. 1:164 BW.
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en partneralimentatie (grievend gedrag, behoefte, behoeftigheid en draagkracht).
Partneralimentatie. Het hof kent aan de vrouw een hoge verdiencapaciteit toe gelet op haar HBO-opleiding. Dat zij geen ambitie heeft om op dat niveau te werken is geen reden voor een ander oordeel.
Echtscheiding. De vrouw stelt dat er afspraken zijn gemaakt over 300 gram goud in het kader van een ‘Mihir’ (bruidsgave). De rechtbank kwalificeert een Mihir-overeenkomst als een overeenkomst sui generis (dat wil zeggen een overeenkomst met een eigen aard). Voor de uitleg van de
Echtelieden hebben beiden zowel Marokkaanse als Nederlands nationaliteit. Huwelijksvermogensrecht. Verdeling na echtscheiding. Rechtsmacht. Toepasselijk recht. Huwelijksgoederengemeenschap. Verdeling bij helfte. Geen afwijking van wettelijk uitgangspunt. Verordening Brussel 11-bi
De eerder in Turkije op verzoek van de man uitgesproken echtscheiding wordt door Nederland niet erkend en is doorgehaald. Ter beoordeling ligt voor het daarna door de vrouw ingediende verzoek tot echtscheiding met nevenvoorzieningen. Door de doorhaling van de in Turkije tussen p
Partneralimentatie Verdeling