Partneralimentatie. De ex-echtgenote van belanghebbende woonde in het jaar 2009 in de voormalige echtelijke woning. Belanghebbende heeft in dat jaar de woonlasten van het pand betaald. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende niet aannemelijk gemaakt dat deze beta
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:158 BW
Genoemd in 75 uitspraken · Officiële wettekst
75 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Art. 81 lid 1 RO. Partneralimentatie. Verlenging onderhoudsplicht na verstrijken termijn van twaalf jaar. Art. 1:157 lid 4 en art. 1:158 BW.
Partneralimentatie. Echtscheidingsconvenant. Art. 1:159 lid 2 BW. Vervalt niet-wijzigingsbeding van rechtswege indien echtscheidingsconvenant gesloten meer dan drie maanden voor indiening echtscheidingsverzoek? Ambtshalve toepassing? HR 13 oktober 1978, ECLI:NL:HR:1978:AC3205, NJ
Hof bekrachtigt beschikking van de RB, waarbij verzoek tot verlenging van de partneralimentatie is afgewezen. Weliswaar is achteruitgang ingrijpend, maar kan deze naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid van de vrouw gevergd worden.
Verzoek om beëindiging van de partneralimentatie. In het geding is of de Wet Limitering Alimentatie na scheiding van toepassing is en of de partneralimentatie na 12 of 15 jaar dient te eindigen. De verweerder verzoekt vervolgens de termijn van de partneralimentatie te verlengen h
Alimentatie overeenkomst. Verplichting vastgesteld op bedrag dat in een bepaalde periode is betaald.
Art 7:400 BW, advocaat heeft beroepsfouten gemaakt bij behandeling van echtscheidingszaak, met name bij opstellen van een echtscheidingsconvenant.
Partneralimentatie. Artikelen 1:401, tweede lid, en 1:157, vijfde lid, BW; termijn voor indiening van een verlengingsverzoek; te late indiening leidt tot niet-ontvankelijkheid. Status latere toezeggingen.
Alimentatie vrouw in echtscheidingsconvenant, verwijzing door HR. Haviltex.
alimentatie, limitering, 12-jaarstermijn
Echtscheiding; Nihilbeding; Haviltexnorm; oneigenlijke dwaling. De schriftelijke verklaring van de vrouw dat zij financieel niets wenste te ontvangen, had geen betrekking op haar recht om aanspraak te maken op partneralimentatie. De man heeft haar verklaring ook niet als zodanig
Alimentatie na echtscheiding, behoefte en behoeftigheid vrouw met vermogen.
Door de man opgesteld convenant met nihilbeding partneralimentatie geen nietige overeenkomst wegens strijd met de goede zeden, geen vernietiging van de overeenkomst wegens misbruik van omstandigheden, geen wijziging op grond van grove miskenning van de wettelijke maatstaven.
Familierecht. Wijziging van partneralimentatie die bij de echtscheidingsuitspraak overeenkomstig een echtscheidingsconvenant is vastgesteld; behoefte vrouw t.t.v. echtscheiding, onbegrijpelijk oordeel; taak wijzigingsrechter, beoordeling ‘ex nunc’.
Geschil tussen voormalige echtelieden over de verplichting van de man tot betaling van partneralimentatie aan de vrouw bij het bereiken van zijn pensioengerechtigde leeftijd, (redelijke) uitleg echtscheidingsconvenant, schending motiveringsplicht; rechtsstrijd van partijen in app
Verlenging partneralimentatie: Uitleg artikel 157 lid 5 BW, juncto artikel 1:401 lid 2 BW Standpunt rechtbank: in lid 2 van artikel 401 BW is bepaald dat op een verzoek tot verlenging het vijfde lid, tweede en derde zin, van artikel 157 van overeenkomstige toepassing is. Standpun
Man verzoekt na ontslag wegens gewijzigde omstandigheden nihilstelling van de partneralimentatie van 2.000 euro per maand die partijen in hun echtscheidingsconvenant zijn overeengekomen. De kantonrechter heeft de man bij de ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst een ontslagvergo
8 april 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/006HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n DE GEMEENTE EDAM-VOLENDAM, gevestigd te Volendam, VERWEERSTER in cassatie, advoca
Huwelijksvermogensrecht; verrekenregels art. 1:132 e.v. BW.
9 januari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/052HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. D. Rijpma, t e g e n [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. E.
12 september 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/084HR JMH/HJH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. H.H. Barendrecht, t e g e n [de man], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advoc
-
-
-
Huwelijksvermogensrecht. Alimentatie gewezen echtgenoten. Toepasselijkheid uitzonderingsbepaling art. 1:158 BW op voor het huwelijk door aanstaande echtgenoten in huwelijksvoorwaarden aangegane overeenkomst inzake het afzien van levensonderhoud (HR 7 maart 1980, ECLI:NL:HR:1980:A