Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Verrekening op grond van niet-nagekomen periodiek verrekenbeding (art. 1:141 BW). Vaststelling omvang overgespaard vermogen; stelplicht en bewijslast. Bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW; HR 8 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV9605. Beschrijvi
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:141 BW
Genoemd in 446 uitspraken · Officiële wettekst
446 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling huwelijkse voorwaarden; uitsluiting gemeenschap, niet uitgevoerd verrekenbeding. Behoort goed dat man voor huwelijk heeft verkregen tot het niet te verrekenen vermogen, of is ter verkrijging lening aangegaan en tijdens huwelijk afgelost met ov
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden bij afwikkeling van hun huwelijk over de verrekening volgens huwelijkse voorwaarden; gevolgen van finaal verrekenbeding, verrekening op basis van pseudo-gemeenschap van goederen, uitleg beding.
Huwelijksvermogensrecht. Geschil tussen voormalige echtelieden bij de afwikkeling van hun huwelijk op grond van huwelijkse voorwaarden houdende algehele uitsluiting over verrekening volgens een periodiek verrekenbeding waaraan tijdens het huwelijk geen uitvoering was gegeven, in
Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling van niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding ten aanzien van de aan een van de echtgenoten toebehorende echtelijke woning. Verzuim om toepassing te geven aan het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW.
Personen- en familierecht. Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling verrekenbeding. Is voor toepassing art. 1:141 lid 1 en art. 1:136 lid 1 BW relevant van wie het overgespaarde (niet verrekende) inkomen afkomstig is en in wiens goed dat is geïnvesteerd? Begrijpelijkheid oordeel hof g
Huwelijksgoederenrecht. Verdeling maatschap; periodiek verrekenbeding; overgespaarde inkomsten; verdeling echtelijke woning; beleggingsleer; procesrecht; hoger beroep; bevoegdheid van appelrechter om na vernietiging van tussenvonnis de zaak aan zich te houden om op de hoofdzaak t
Relatievermogensrecht. Caribische zaak. Partijen hebben samengewoond en zijn nadien gehuwd geweest. Man vordert vergoeding van vrouw i.v.m. betalingen op lening waarvoor hypotheek op woning van vrouw rust. Hebben betalingen geleid tot vermogensverschuiving ten gunste van vrouw? R
Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Art. 1:141 BW. Verrekenbeding in huwelijkse voorwaarden; bewijslastverdeling (art. 1:141 lid 3 BW). Pensioenverevening; af te storten pensioenbijdrage.
Huwelijksvermogensrecht. Huwelijkse voorwaarden. Regeling kosten huishouding en periodiek verrekenbeding. Afrekening niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding (art. 1:141 lid 1 BW). Mocht hof eventuele vordering ingevolge regeling kosten huishouding buiten beschouwing laten op gro
Huwelijksvermogensrecht; afwikkeling finaal verrekenbeding; zijn vergoedingsrechten wettelijke gemeenschap van goederen naar analogie van HR 5 april 2019 van overeenkomstige toepassing?; motivering hof.
echtscheiding, partneralimentatie, afwikkeling huwelijkse voorwaarden
Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling van niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding ten aanzien van de aan een van de echtgenoten toebehorende echtelijke woning. Verzuim om toepassing te geven aan het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW.
Huwelijksvermogensrecht. Niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding. Beding tot verdeling van kosten van de huishouding. Uitleg huwelijkse voorwaarden. Moet vordering wegens kosten huishouding worden verrekend o.g.v. verrekenbeding? Toepassing art. 1:141 lid 3 BW. Geldt verbod refo
Het hof stelt vast dat de man dga van de Holding dividend aan zichzelf kan uitkeren. De Holding is geen BV met bedrijfsmiddelen en personeel, alleen de man is in dienst van de Holding. De onderneming wordt uitgeoefend in coöperatief verband en de holding ontvangt periodiek haar a
Wettelijk deelgenootschap, uitsluiting bepalingen tweede afdeling titel 1.8 BW in huwelijkse voorwaarden, Haviltex-criterium, artikel 1:141 lid 1 en lid 3 BW, BV onderdeel van het te verrekenen vermogen.
Huwelijksvermogensrecht
Huwelijksgoederenrecht. Vermogensrechtelijke afwikkeling na echtscheiding. Waarderingsmethode van in het kader van een onderneming gebruikte onroerende zaken. Waardering belastinglatentie in verband met stille reserves. Onbegrijpelijk oordeel? Kennelijke vergissing. Mogelijkheid
Arubaanse zaak. Huwelijksvermogensrecht. Vergoedingsrechten en- plichten in huwelijkse en voorhuwelijkse periode. Grondslag? Verjaring vergoedingsplicht voorhuwelijkse periode? Heeft het hof de omvang van het vergoedingsrecht correct vastgesteld? Vermeerdering van eis in appel?
Personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; huwelijkse voorwaarden; niet nagekomen periodiek verrekenbeding; verrekening van de waarde van (de aandelen van) de onderneming; inkomensbegrip; verdeling kunstcollectie; informatieverstrekking in verband met buitenlandse pensio
huwelijksvermogensrecht, niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding, overgespaard inkomen, uitleg huwelijkse voorwaarden; vof, omzetting vof in BV, certificering aandelen BV; geschillenregeling (art. 2:343 BW); samenloop met procedure voor de Ondernemingskamer.
Personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; huwelijkse voorwaarden; verrekening; kosten van de huishouding; vergoedingsrecht; art. 1:143 BW; art. 843a Rv
Afwikkeling van de huwelijksvoorwaarden (verrekenbeding) in een vaststellingsovereenkomst, gesloten tussen enerzijds de erfgenamen van de erflater en anderzijds zijn echtgenote. Positie van de executeur? Benadeling van de echtgenote voor meer dan een kwart?
De vrouw moet zelf stellen wat de hoogte is van het bedrag dat de man uit hoofde van het niet uitgevoerde periodieke verrekenbeding verschuldigd is. Het is niet de rechter die de hoogte van het te verrekenen bedrag vaststelt. Als de vrouw onvoldoende inzicht heeft in de omvang va
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Pensioenaanspraken. Niet nagekomen periodiek verrekenbeding. Het te verrekenen vermogen omvat niet de rekening-courant schuld van de man aan zijn B.V. In kader van heffing aanmerkelijk belang: bij de uitvoering van het verrekenbeding wordt de v