Huwelijksvermogensrecht. Echtscheiding. Periodiek verrekenbeding. Art. 1:141 lid 3 BW; bewijsvermoeden. Verwerping beroep man op “tenzij”-clausule. Beleggingsleer.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:141 BW
Genoemd in 446 uitspraken · Officiële wettekst
446 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huwelijksvermogensrecht. Geschil tussen voormalige echtelieden bij afwikkeling van hun huwelijk over de verrekening volgens huwelijkse voorwaarden; gevolgen van Amsterdams verrekenbeding; verrekening van bij hypothecaire lening afgesloten kapitaalverzekering en waardestijging van
Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling huwelijkse voorwaarden; uitsluiting gemeenschap, niet uitgevoerd verrekenbeding. Behoort goed dat man voor huwelijk heeft verkregen tot het niet te verrekenen vermogen, of is ter verkrijging lening aangegaan en tijdens huwelijk afgelost met ov
Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling van niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding ten aanzien van de aan een van de echtgenoten toebehorende echtelijke woning. Verzuim om toepassing te geven aan het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW.
Personen- en familierecht. Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling verrekenbeding. Is voor toepassing art. 1:141 lid 1 en art. 1:136 lid 1 BW relevant van wie het overgespaarde (niet verrekende) inkomen afkomstig is en in wiens goed dat is geïnvesteerd? Begrijpelijkheid oordeel hof g
Huwelijksvermogensrecht. Procesrecht. Art. 1:141 BW. Verrekenbeding in huwelijkse voorwaarden; bewijslastverdeling (art. 1:141 lid 3 BW). Pensioenverevening; af te storten pensioenbijdrage.
Huwelijksvermogensrecht. Huwelijkse voorwaarden. Regeling kosten huishouding en periodiek verrekenbeding. Afrekening niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding (art. 1:141 lid 1 BW). Mocht hof eventuele vordering ingevolge regeling kosten huishouding buiten beschouwing laten op gro
Huwelijksvermogensrecht. Verjaringstermijn vergoedingsrecht: is de twintigjarige verjaringstermijn van art. 3:306 BW of de vijfjaarstermijn van art. 3:307 BW van toepassing?; schending grenzen rechtsstrijd;
Huwelijksgoederenrecht. Afwikkeling van niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding ten aanzien van de aan een van de echtgenoten toebehorende echtelijke woning. Verzuim om toepassing te geven aan het bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW.
Familierecht; echtscheiding; verzoek tot vaststelling omvang verrekenplichten op basis van huwelijkse voorwaarden; artt. 1:136 lid 1, 141 lid 1 BW; “beleggingsleer” inzake verrekenbedingen. Geeft gezamenlijk aangegane hypothecaire lening, waarop niet is afgelost, man aanspraak op
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde part
Huwelijksvermogensrecht. Niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding. Beding tot verdeling van kosten van de huishouding. Uitleg huwelijkse voorwaarden. Moet vordering wegens kosten huishouding worden verrekend o.g.v. verrekenbeding? Toepassing art. 1:141 lid 3 BW. Geldt verbod refo
Huwelijksvermogensrecht
huwelijksvermogensrecht, niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding, overgespaard inkomen, uitleg huwelijkse voorwaarden; vof, omzetting vof in BV, certificering aandelen BV; geschillenregeling (art. 2:343 BW); samenloop met procedure voor de Ondernemingskamer.
De vrouw moet zelf stellen wat de hoogte is van het bedrag dat de man uit hoofde van het niet uitgevoerde periodieke verrekenbeding verschuldigd is. Het is niet de rechter die de hoogte van het te verrekenen bedrag vaststelt. Als de vrouw onvoldoende inzicht heeft in de omvang va
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Pensioenaanspraken. Niet nagekomen periodiek verrekenbeding. Het te verrekenen vermogen omvat niet de rekening-courant schuld van de man aan zijn B.V. In kader van heffing aanmerkelijk belang: bij de uitvoering van het verrekenbeding wordt de v
Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling van een huwelijk op grond van huwelijkse voorwaarden houdende niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding; verrekening van overwaarde van voormalig echtelijke woning; hof gaat door bekrachtiging uit van onjuist tijdstip, HR doet zelf zaak af.
Afrekening na echtscheiding volgens huwelijkse voorwaarden, Amsterdams verrekenbeding, verrekening betreffende de tijdens het huwelijk met geleend geld verworven echtelijke woning, vervolg op HR 6 december 2002, C01/086HR, NJ 2005, 125, geding na verwijzing; komen de rentebetalin
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding. Miskenning art. 1:141 lid 1 BW (verrekening per peildatum)? Grenzen partijdebat; verrassingsbeslissing; devolutieve werking van het appel; motiveringsklachten.
Niet uitgevoerd periodiek verrekenbeding. Gevolgen artikel 1:166 BW. De man heeft onvoldoende onderbouwd dat de aandelen in de holding niet zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden. De aandelen in de holding worden daarom op grond van artikel 1:136 lid 1 BW tot het te
Personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; afwikkeling huwelijkse voorwaarden; niet nagekomen periodiek verrekenbeding; bewijsvermoeden van art. 1:141 lid 3 BW; waarde van de aandelen in de bv; AB-claim tegen nominaal of contant tarief?; strekt de rekening-courantschuld
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden; niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding; voorhuwelijks vermogen; financiering met uit te verrekenen inkomsten afgeloste lening (art. 1:136 lid 1 BW)? Stelplicht en bewijslast (art. 1:136 lid 2 BW)
Gevoegde zaken 19/05481 en 19/05489. Procesrecht. Huwelijksvermogensrecht. Cassatieberoep van de ene partij tegen deelbeschikking; klachten tegen eindbeschikkingdeel? Geldt voor ontvankelijkheid van op dezelfde dag ingesteld zelfstandig cassatieberoep van de andere partij hetzelf
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Peildatum vaststelling verrekenvordering, waardering aandelen BV, waarde aandeel commanditaire vennootschap, terbeschikkingstellingsregeling echtelijke woning, regresvorderingen, gebruiksvergoeding.
Periodiek verrekenbeding. Uitleg inkomstenbegrip. Artikel 3:196 BW ook van toepassing op vaststellingsovereenkomst.