Kort geding. Executiegeschil. Verzet Opheffing executoriaal beslag. Maatstaf en grieven. Executoriaal beslag voor schuld van man op woning die op naam staat van vrouw. Elke gemeenschap van goederen uitgesloten bij huwelijkse voorwaarden. Verzet vrouw tegen beslag. Geen processuel
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:116 BW
Genoemd in 32 uitspraken · Officiële wettekst
32 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
OM-cassatie. Beklag, beslag. Artt. 94a en 552a Sv, art. 1:116.1 BW. Het ten laste van de echtgenoot van klaagster gelegde conservatoir beslag strekt tot bewaring van het recht van verhaal van een op vordering van de OvJ door de rechter aan hem op te leggen verplichting een bedrag
Artikel 1:116 BW. Executiegeschil in kort geding. Door een fout van de rechtbank zijn de door beslagene en zijn echtgenote overeengekomen en ingeschreven huwelijkse voorwaarden – inhoudende een uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen – in het huwelijksgoederenregister nie
Procesrecht; leidt niet tijdige naleving van het betekeningsvereiste zoals bedoeld in art. 816 lid 1 Rv tot niet-ontvankelijkheid?
nakoming betalingsverplichting; non-conformiteit dakkapel; afwijkende maat vantevoren bekend; tegenwerpen huwelijkse voorwaarden; geen hersteltermijn gegeven; onredelijk bezwarende rentebeding; aanmaning/veertien dagen brief voldoet niet
Kenbaarheid huwelijkse voorwaarden; derdenbescherming ex 1:116 BW.
Hertrouwen met zelfde partner: herleven van alle gevolgen van eerder huwelijk. Kenbaarheid eerder overeengekomen en ingeschreven huwelijkse voorwaarden.
Vordering tot opheffing beslag op inboedel. Eisers zijn op huwelijkse voorwaarden getrouwd en stellen dat de inboedel aan de vrouw toebehoort. Beslaglegger heeft een vordering op de man en daarom is beslag onterecht, aldus eisers. Geoordeeld wordt dat de - later opgemaakte - akte
Beklag door niet-beslagene. Conclusie AG over toepasselijke huwelijksvermogensrecht. HR: 81 RO.
Verbintenissenrecht. Geschil tussen gedupeerde beleggers en hun schadebemiddelaar – die op basis van een ‘no cure no pay’-overeenkomst tot verhaal van door toedoen van een bank ontstane beleggingsschade een vaststellingsovereenkomst met de bank had gesloten, die mede door hen is