Artikel 3:166 lid 3 BW, artikel 3:185 BW, artikel 3:12 BW. Wageningse gifmoord. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de man bij de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap aanspraak maakt op zijn aandeel in de overwaarde.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:100 BW
Genoemd in 657 uitspraken · Officiële wettekst
657 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Huwelijksvermogensrecht; verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap.
Huwelijksvermogensrecht; huwelijksgemeenschap; vaststelling van de verdeling.
Afwikkeling gemeenschap van goederen. Kredietovereenkomst. Artikel 1:100 BW. Geen reden af te wijken van draagplicht bij helfte. Regres voor hetgeen meer dan het eigen aandeel is/wordt betaald. Onderscheid in dictum tussen regres voor hetgeen al betaald is en hetgeen nog betaald
Huwelijksvermogensrecht. Verdeling als bedoeld in art. 3:182 BW. Feitelijke verdeling met wederzijdse instemming en overeenstemming over de financiële consequenties die de verdeling van de goederen voor ieder van partijen heeft (het ontstaan van vorderingen uit over- en onderbede
In het kader van de waardering van de onderneming dient naar het oordeel van het hof te worden uitgegaan van de intrinsieke waarde en niet van de DCF-methode. In het kader van een echtscheiding wordt de onderneming niet verkocht maar als stand alone voortgezet. De man beschikt ov
Echtscheiding, verdeling gemeenschap van goederen, afwijken verdeling bij helfte.
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. IPR, Nederlands recht. Geen verknochtheid sieraden. Geen verdeling bij helfte op grond van 1:101 BW.
Partneralimentatie en verdeling huwelijksgemeenschap. Lotsverbondenheid. IPR, ‘wagonstelsel’, Beschikking in plaats van medewerking aan notariële akte van levering. Gebruiksvergoeding woning (1%). Kosten (opheffing) martiaal derdenbeslag, van rechtswege vervallen.
Huwelijksgoederenrecht. Huwelijkse voorwaarden. Gemeenschap van registergoed en van daarop betrekking hebbende schulden. Verdeling na echtscheiding. Uitleg huwelijkse voorwaarden. Draagplicht voor kosten gemeenschappelijke huishouding.
Kinderalimentatie. Ingangsdatum. Co-ouderschap. zorgkorting van 50% nu sprake is van gelijke verdeling van zorg en opvoedingstaken en ieder de verblijfs- en verblijfsoverstijgende van 1 kind draagt. Verdeling. Onderwaarde echtelijke woning gewaardeerd op 65%.
Cassatieprocesrecht. Personen- en familierecht. Mag verweerder in cassatie pas in geding verschijnen nadat conclusie A-G is genomen? HR 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4709, NJ 2001/653. Aan Borgersbrief te stellen eisen; art. 44 lid 3 Rv; HR 13 juli 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC36
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap; (geen) gebruiksvergoeding echtelijke woning; eenmanszaak; in de onderneming opgebouwd fiscaal compensabel verlies; peildatum en onderlinge draagplicht schulden.
Uitsluitingsclausule
Verdeling
Tussenvonnis in geschillen over verdeling en verrekening tussen ex-echtgenoten.
Op grond van redelijkheid en billijkheid is de vrouw in het kader van de verdeling niet draagplichtig voor een gemeenschappelijke schuld.
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Belastingschuld. Vrouw niet betrokken bij overleg en totstandkoming vaststellingsovereenkomst met Belastingdienst. Afwijking hoofdregel art. 1:100 BW slechts mogelijk in zeer uitzonderlijke omstandigheden (HR 30 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:
Gemeenschap. Vordering tot verdeling gemeenschap op de voet van art. 3:185 BW. Bepalen van de wijze van verdeling door de rechter; tussen deelgenoten geldende rechtsverhouding; overeengekomen aard van de gemeenschap.
Bewijslastverdeling.
Verbintenissenrecht. Verjaring; ontbinding gemeenschap van goederen; hoofdelijke aansprakelijkheid van voormalige deelgenoot in de gemeenschap voor de helft van een schuld van de andere deelgenoot; zelfstandigheid van vorderingsrechten jegens hoofdelijke schuldenaren.
Vrouw erft voor huwelijk van een Duitse erflaatster 2 in Duitsland gelegen onroerende zaken. Vallen deze onroerende zaken in Nederlandse gemeenschap van goederen, waarin vrouw vervolgens is gehuwd? Uitgangspunt is dat, zowel volgens de regels van Nederlands als Duits internation
Huwelijksvermogensrecht. Geschil tussen voormalige echtelieden bij de verdeling van hun huwelijksgoederengemeenschap – de vrouw is Française en thans ook Nederlandse, de man is Senegalees – over de vraag of de woning van de vrouw waar zij vóór het huwelijk reeds met twee kinderen
28 november 2003 Eerste Kamer Nr. C02/119HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n BUBBELS B.V., gevestigd te Hoogerheide, gemeente Woensdrecht, VERWEERSTER in cassatie, ni
27 juni 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/057HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand, t e g e n [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaa