Cassatieprocesrecht. Personen- en familierecht. Mag verweerder in cassatie pas in geding verschijnen nadat conclusie A-G is genomen? HR 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4709, NJ 2001/653. Aan Borgersbrief te stellen eisen; art. 44 lid 3 Rv; HR 13 juli 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC36
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:100 BW
Genoemd in 657 uitspraken · Officiële wettekst
657 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huwelijksvermogensrecht. Ombrengen echtgenote. Ontbonden huwelijksgemeenschap. Afwijking van wettelijke verdeling. Redelijkheid en billijkheid.
27 juni 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/057HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand, t e g e n [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaa
-
Onwaardigheid; art. 4: 3 lid 1 sub b BW; art. 1: 100 lid 1 BW; art. 3: 166 lid 3 BW; art. 6:2 Bw.
Echtscheiding. Bijdrage in de zorgkosten van de ouder bij wie de kinderen niet hun hoofdverblijf hebben. Toepasselijk recht op het huwelijksvermogensregime, eerste gewone verblijfplaats na het huwelijk. Eenmanszaak
Gewelddadige dood echtgenote, gevolgd door vermissing van echtgenoot. Echtgenoot erft niet van de overledene, maar houdt wel zijn aandeel in de huwelijksgoederengemeenschap. Onwaardigheid.
verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap, gebruiksvergoeding, partner- en kinderalimentatie, waardering aandelen, rekening-courant schuld, hypotheekrente, vergoedingsrecht, afstorten van in eigen beheer opgebouwde pensioenaanspraken.
Ongelijke verdeling bij huwelijkse voorwaarden; schenking, fraus legis en verblijvensbeding. A-G IJzerman heeft conclusie genomen over een wijziging bij huwelijksvoorwaarden van de gerechtigdheid in de gemeenschap van 50%-50% naar 90% (belanghebbende) – 10% (erflater), in het zic
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/02368. In cassatie is in geschil of belanghebbende de ter zake van zijn ex-echtgenote betaalde hypotheekrente en premies levensverzekering in aanmerking kan nemen als een onderhoudsverplichting in de zin van artikel 6.3
Art. 81 lid 1 RO. Verdeling huwelijksgoederengemeenschap. Waardebepaling aandelen; waarderingsgrondslag. Draagplicht voor gemeenschapsschulden; art. 1:100 lid 1 BW; grond voor afwijking hoofdregel van verdeling bij helfte?
Personen- en familierecht, huwelijksvermogensrecht, verdeling huwelijksgemeenschap; schulden; regresvorderingen; gebruiksvergoeding.
Nieuw verzoek dat voor het eerst in hoger beroep wordt gedaan als nevenvoorziening bij de echtscheiding wordt door het hof niet in behandeling genomen nu het niet met een bij de indiening van het beroepschrift is gedaan. De vrouw krijgt vervangende toestemming voor verhuizing en
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap; toepasselijk recht; Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978; eerste huwelijksdomicilie; geen afwijking van hoofdregel artikel 1:94 BW; geen afwijking van verdeling bij helfte artikel 1:100 BW; uitvoerbaarheid bij voorraad.
Artikel 3:166 lid 3 BW, artikel 3:185 BW, artikel 3:12 BW. Wageningse gifmoord. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de man bij de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap aanspraak maakt op zijn aandeel in de overwaarde.
Huwelijksvermogensrecht; verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap.
Huwelijksvermogensrecht. Verdeling als bedoeld in art. 3:182 BW. Feitelijke verdeling met wederzijdse instemming en overeenstemming over de financiële consequenties die de verdeling van de goederen voor ieder van partijen heeft (het ontstaan van vorderingen uit over- en onderbede
Cassatieprocesrecht. Personen- en familierecht. Mag verweerder in cassatie pas in geding verschijnen nadat conclusie A-G is genomen? HR 19 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4709, NJ 2001/653. Aan Borgersbrief te stellen eisen; art. 44 lid 3 Rv; HR 13 juli 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC36
Gemeenschap. Vordering tot verdeling gemeenschap op de voet van art. 3:185 BW. Bepalen van de wijze van verdeling door de rechter; tussen deelgenoten geldende rechtsverhouding; overeengekomen aard van de gemeenschap.
Bewijslastverdeling.
Vrouw erft voor huwelijk van een Duitse erflaatster 2 in Duitsland gelegen onroerende zaken. Vallen deze onroerende zaken in Nederlandse gemeenschap van goederen, waarin vrouw vervolgens is gehuwd? Uitgangspunt is dat, zowel volgens de regels van Nederlands als Duits internation
27 juni 2003 Eerste Kamer Rek.nr. R02/057HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De man], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand, t e g e n [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaa
-
Echtscheiding, verdeling beperkte gemeenschap van goederen, verdeling woning met voor het huwelijk ongelijke eigendomsverhouding, verzoeken inzake vergoedingsrechten daterend van voor het huwelijk niet-ontvankelijk.
Echtscheiding, gvg, compensatie renteverschil hypotheek afwijzen, nadeel kan op dit moment niet worden vastgesteld.