Faillissement van hypotheekgever, uitgesproken nadat eerst het (conservatoir) beslag op diens onroerend goed in de openbare registers is overgeschreven en vervolgens op dat goed een recht van eerste hypotheek met het in art. 1223 lid 2 BW bedoelde beding is verleend aan een ander
Burgerlijk Wetboek
Art. 1223 BW
Genoemd in 12 uitspraken · Officiële wettekst
12 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Verzoek faillietverklaring. Pluraliteit van schuldeisers. Art. 6 lid 3 Fw.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Is omzetbelasting over verkoop als gevolg van parate executie door pandhouder boedelschuld? Verwijzing naar o.m. ander HR 25 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO7109, NJ 2012/74 (ING/Hielkema q.q.), en HR 19 april 2013, ECLI:NL
Faillissement (art. 57 F.); verleggingsregeling als bedoeld in art. 12 lid 4 Wet op de omzetbelasting 1968 jo. art. 24ba lid 1, aanhef en onder d, Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968; Richtlijn 2006/112/EG. Onderhandse verkoop door curator krachtens overeenstemming met pandhou
Beslag-verpanding-faillissement. Pandhouder int beslagen/verpande vordering, curator vordert afdracht van pandhouder. Toepassing HR 13 mei 1988, NJ 1988, 748. Voor zover uit die uitspraak van de Hoge Raad zou voortvloeien dat voor de belokkerende werking van het anterieure beslag
Invorderingszaak; Faillissementsrecht en beslag- en executierecht. Verzoek op voet van art. 481 Rv. tot benoeming van rechter-commissaris voor de verdeling van netto-executieopbrengst van door Ontvanger beslagen roerende zaak met inachtneming van rangregeling kan plaatsvinden; ve
Erflater heeft vanaf 1988 tot zijn overlijden in 2003 samengewoond met zijn levenspartner, waarvan een aantal jaren op een door erflater gekocht landgoed in Tsjechië. Ten tijde van zijn overlijden was erflater 44 jaar gehuwd met zijn echtgenote. In dit geval zijn geen uitzonderli
Zekerheidsrecht. Subrogatie borg in rechten van bank als schuldeiser/hypotheekhouder na uitwinning borgtocht?; toepasselijkheid van art. 1439 (oud) BW; overgangsrecht, strekking art. 220 Ow NBW.
-
-
Procesrecht. Levert de grosse van een authentieke akte een executoriale titel op als bedoeld in art. 436 (oud) Rv?
Faillissement van hypotheekgever, uitgesproken nadat eerst het (conservatoir) beslag op diens onroerend goed in de openbare registers is overgeschreven en vervolgens op dat goed een recht van eerste hypotheek met het in art. 1223 lid 2 BW bedoelde beding is verleend aan een ander