Profijtontneming, artt. 36e Sr, 74 AWR en 420bis en 420quarter Sr. In ECLI:NL:HR:2008:BD2774 heeft de HR geoordeeld dat er geen beletsel is om vermogensbestanddelen waarover men de beschikking had doordat belasting is ontdoken, aan te merken als voorwerpen “afkomstig (…) van enig
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 74 AWR
Genoemd in 58 uitspraken · Officiële wettekst
58 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Profijtontneming, hof heeft OM ex art. 74 AWR n-o verklaard in vordering tot ontneming van w.v.v. na veroordeling t.z.v. witwassen in strafzaak. OM-cassatie. Reikwijdte art. 74 AWR. Is ’s hofs oordeel dat ervan moet worden uitgegaan dat de contante gelden waarvoor geen legale bro
OM-cassatie. Profijtontneming. HR herhaalt toepasselijke overweging uit HR LJN AA5438. In ’s Hofs overwegingen ligt als zijn oordeel besloten dat de vordering van het Landelijk instituut sociale verzekeringen t.z.v. niet afgedragen premies werknemersverzekeringen een in rechte to
Beklag, beslag. 1. Ingewonnen informatie na sluiting onderzoek in RK. 2. Onvolledig (raadkamer)dossier? 3. Maatstaf. 4. Verhouding waarde beslag en mogelijke hoogte van de betalingsverplichting. 5. Art. 74 AWR en art. 36e Sr. 6. Schending art. 2 Sr? Ad 1. HR herhaalt HR LJN AU408
Profijtontneming. Art. 36e Sr en art. 74 AWR. I.c. heeft het Hof het wederrechtelijk verkregen voordeel niet uitsluitend gebaseerd op fiscale strafbare feiten, nu het Hof blijkens de overwegingen in de samenhangende strafzaak heeft geoordeeld dat de gestorte bedragen mede van eni
Aanslag IB/PVV 2017 en verzuimboete. Artikel 3.14, lid 1, onder d, Wet IB 2011. Vereiste aangifte, redelijke schatting. Waarde verbeurdverklaarde goederen kan niet ten laste van resultaat uit overige werkzaamheden worden gebracht. Kennisgroepstandpunt, vervolgprofijt. Er is geen
Conclusie AG. Valsheid in geschrift. Art. 225 Sr. Art. 69 AWR. Ten behoeve van het gebruik daarvan zijn facturen vals opgemaakt en in de bedrijfsadministratie opgenomen (feit 2). Vervolgens zijn valse facturen daadwerkelijk gebruikt in de relatie tot de fiscus (feit 3). Middel
Beklag, beslag. 1. Maatstaf. 2. Verhouding waarde beslag en mogelijke hoogte van de betalingsverplichting. 3. Art. 74 AWR en art. 36e Sr. Ad 1. HR herhaalt LJN BL2823 m.b.t. de aan te leggen maatstaf bij beslag ex art. 94a.2 Sv. De Rb heeft de juiste maatstaf toegepast. Voor zove
Ontnemingszaak ex artikel 36e lid 3 van het Wetboek van Strafrecht. Stelt het bedrag waarop het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op een bedrag van € 549.417,08. Legt de betrokkene de verplichting op tot betaling aan de Staat ter ontneming v
Profijtontneming. Geheimhoudergesprek in dossier en overschrijding redelijke termijn:reden voor niet-ontvankelijkheid OM? Wettelijke grondslag 36e lid 2 (oud) en lid 3 (oud) Sr. Eenvoudige kasopstelling en vervolgprofijt. Uitgaven mogelijk gemaakt door aan veroordeelde in bewarin
Ontneming. Openbaar ministerie niet ontvankelijk ten aanzien van de ontnemingsvordering voor zover deze is gebaseerd op van 1986 tot en met 2001 gepleegde belastingfraude. Ontneming wel mogelijk ter zake van het witwassen van vermogen dat door deze belastingfraude is verkregen. B
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel van € 1.605.628,51 in verband met een veroordeling inzake (gewoonte) witwassen, valsheid in geschrift en overtreding van de Wet inzake de wisselkantoren, betreffende de periode van 1 januari 2000 tot en met 21 september 2004.
Beklag, beslag. 1. Ingewonnen informatie na sluiting onderzoek in RK. 2. Onvolledig (raadkamer)dossier? 3. Verhouding waarde beslag en mogelijke hoogte van de betalingsverplichting. 4. Art. 74 AWR en art. 36e Sr. 5. Maatstaf. Ad 1. HR herhaalt HR LJN AU4086 m.b.t. de toepasselijk
Hof verklaart gelet op artikel 74 AWR en de Aanwijzing ontneming het openbaar ministerie alsnog niet-ontvankelijk in de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, omdat de ontnemingsvordering strekt tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel louter
Beklag. 1. Art. 13 WOTS; verwerping verweer dat het Belgische rechtshulpverzoek geen voldoende concrete verdenking bevat. 2. Art. 13 WOTS; verwerping verweer dat de inbeslagneming onrechtmatig is, nu het zou gaan om s.f.o. dat betrekking heeft op fiscale feiten. Ad 1. Het oordee
Profijtontneming. Art. 36e Sr en art. 74 AWR. I.c. heeft het Hof het wederrechtelijk verkregen voordeel niet uitsluitend gebaseerd op fiscale strafbare feiten, nu het Hof blijkens de overwegingen in de samenhangende strafzaak heeft geoordeeld dat de gestorte bedragen mede van eni
OM-cassatie. 1. Afkomstig uit enig misdrijf i.d.z.v. de witwasbepalingen. 2. Art. 359.2 Sv Ad 1. De tekst van de wet stelt geen beperkingen aan de reikwijdte van de witwasbepalingen en uit de wetsgeschiedenis kan worden afgeleid dat de wetgever niet heeft beoogd andere beperkinge
Beklag. Aanwijzing ontneming van het College van P-G van 11-01-2005. Verweer en middel steunen op de stelling dat het hoogst waarschijnlijk is dat de strafrechter de klager niet de verplichting zal opleggen tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontneming van w.v.v. Da
Het Nederlands voorbehoud bij art. 2 Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven (Trb. 1990, 172) t.z.v. fiscale delicten heeft betrekking op naar het recht van de verzoekende en aangezochte staat als fiscale deli
Afwijzing ontnemingsvordering Het hof is van oordeel dat, als er voordeel is genoten, dat voordeel in beginsel is genoten door de ultimate beneficial owners van de betrokken rechtspersoon. Ondanks dat de betrokken rechtspersoon over een eigen, afgescheiden vermogen beschikte, ach
Ontnemingsmaatregel ex art. 36e Sr. van ruim 5 miljoen euro (hoofdelijk). 1. Artikel 74 AWR vormt geen belemmering voor de oplegging van een ontnemingsmaatregel als het gaat om wederrechtelijk verkregen voordeel dat op een andere wijze samenhangt met het begaan van een bij de bel
Conclusie AG. Profijtontneming, w.v.v. uit misdrijven waarvoor betrokkene is veroordeeld (te weten: medeplegen handelen i.s.m. art. 26 lid 1 WWM en medeplegen opzettelijk handelen i.s.m. een in art. 2 onder C Opiumwet gegeven verbod) of andere strafbare feiten (art. 36e lid 3 Sr)
IB/PVV, Geen van schending van het protocol AAFD en geen schending van het evenredigheidsbeginsel.
IB/PVV
Politieonderzoek Strauss. Ontneming van wederrechtelijk voordeel uit internationale drugstransporten en witwassen.