Conclusie AG. Feitelijke leidinggeven aan opgeven van onjuiste/onvolledige gegevens aan Belastingdienst en doen plegen van valsheid in geschrift. Het eerste middel richt zich tegen het oordeel van het hof dat de inkeerregeling van art. 69 lid 3 AWR niet van toepassing is. Het twe
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 69 AWR
Genoemd in 565 uitspraken · Officiële wettekst
565 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Bewezenverklaring van het witwassen van een geldbedrag van € 85.168.07, afkomstig uit fiscaal delict. Niet-ontvankelijkheidsverweer op grond van geslaagde fiscale inkeer verworpen, omdat het Openbaar Ministerie de witwaszaak tegen verdachte al ruim vóór het beroep op de inkeerreg
De verdachte heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan actieve niet-ambtelijke omkoping. De verdachte trad op als ‘introducing broker’ voor banken bij het afsluiten van derivaatcontracten tussen de banken en woningcorporaties. Hij heeft fees die hij van banken ontving deels doorb
De rechtbank Overijssel veroordeelt een 38-jarige man tot een taakstraf van 228 uren voor het meerdermaal opzettelijk plegen van onjuist of onvolledig belasting aangifte doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 228 uur. Mocht de taakstraf niet naar behoren worden uitgevoerd zal vervangende hechtenis van 114 dagen worden toegepast. Vanwege opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist of onvolledig doen, terwijl
Feitelijk leidinggeven; fraude omzetbelasting en faillissement, valsheid in geschrifte, verbeterde lezing proces-verbaal zitting eerste aanleg, want verkeerde naam rechter vermeld.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden en een taakstraf van 180 uren. De verdachte is schuldig bevonden aan het meermaals medeplegen van belastingfraude.
Conclusie AG. Art. 69.3 AWR en art. 40.2 Geneesmiddelenwet. Falende klachten met betrekking tot 1. beroep op inkeerregeling van art. 69.3 AWR, 2. omstandigheid dat hof bij straftoemeting rekening heeft gehouden met belastingaangiften die niet in tenlastelegging zijn opgenomen en
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het verstrekken van onjuiste en onvolledige gegevens aan de Belastingdienst en aan valsheid in geschrift. Op aan de Belastingdienst in verband met een boekenonderzoek verstrekte facturen ontbraken gegevens waardoor een Luxemburgse bank
Conclusie AG. Opzettelijk onjuist of onvolledig doen van belastingaangifte als feitelijke leidinggevende van een rechtspersoon. Middelen met betrekking tot (i) de beslissing tot afwijzing van getuigenverzoeken, (ii) de bewezenverklaring, (iii) de verwerping van het beroep op de i
Conclusie A-G. OM-cassatie. Witwassen. Nasleep IRT-affaire. De verdachte trad als chauffeur op bij het "gecontroleerd doorlaten" van softdrugs. Het hof stelde vast dat door de overheid feitelijk gedoogd werd dat de verdachte zijn criminele inkomsten uit deze drugstransporten behi
Conclusie AG. Belastingfraude door facturen voor verbouwing privéwoning in de bedrijfsadministratie op te nemen. Cassatiemiddelen over o.m. het beroep op de inkeerregeling van art. 69 lid 3 AWR dienen volgens de AG te worden verworpen. Wel strafvermindering wegens overschrijding
Conclusie plv. AG. Witwassen/AWR/Inkeerregeling (art. 69 AWR/ 420bis Sr)/ omvang terugwijsopdracht HR. De zaak is eerder bij de HR geweest (ECLI:NL:HR:2016:555). Eerste middel: heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan witwassen? Komt aan de verdachte een afgeleid beroep op de
Het gerechtshof Amsterdam heeft in hoger beroep de verdachte vrijgesproken van het witwassen van vermogen dat hij in de jaren 1991-1993 (de IRT periode) met de handel in softdrugs heeft verkregen. De verdachte heeft met zijn verdiensten als tussenpersoon/chauffeur in 1995 een won
De verdachte heeft jarenlang steekpenningen betaald aan de ‘treasury en control’ manager van Vestia. De verdachte trad op als ‘introducing broker’ voor banken bij het afsluiten van derivaatcontracten tussen de banken en de woningcorporatie. Hij heeft de helft van de provisie (fee
Ondernemer veroordeeld voor valsheid in geschrift, belastingfraude en voorhanden hebben van een vuurwapen tot een gevangenisstraf voor de duur van 21 maanden waarvan 7. Twee vennootschappen van verdachte moeten een geldboete van € 30.000,- betalen en een derde vennootschap moet e
Twee maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf van 100 uur voor belastingadviseur die belastingfraude (te weinig omzetbelasting aangeven) heeft gepleegd. OM gedeeltelijk niet-ontvankelijk i.v.m. geslaagd beroep op art. 69 lid 3 AWR
Hof verwerpt, na terugwijzing van de zaak door de Hoge Raad, het beroep op de afgeleide werking van de inkeerregeling van artikel 69 AWR ten aanzien van het door verdachte gepleegde witwassen van geschonken zwart geld. De Hoge Raad wees de zaak terug naar het hof omdat onder bijz
Voormalig advocaat-generaal veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf wegens belastingfraude De rechtbank heeft vandaag een voormalig advocaat, die ook werkzaam is geweest als advocaat-generaal bij het Openbaar Ministerie, veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke geva
Ondernemer veroordeeld voor valsheid in geschrift, belastingfraude en voorhanden hebben van een vuurwapen tot een gevangenisstraf voor de duur van 22 maanden en een voorwaardelijke ontzetting van de uitoefening van het beroep van bestuurder van een rechtspersoon voor de duur van
Projectontwikkelaar laat privé-verbouwingen in Nederland en Zuid-Frankrijk door zijn vennootschappen betalen. Geen sprake van een melding die gekwalificeerd dient te worden als vrijwillige verbetering in de zin van artikel 69, derde lid, AWR. Geen schending van artikel 29 Sv of a
Verwerping beroep op n-o OM, art. 69 AWR. Het feit dat de verdachte over het jaar 2002 geen aangifte heeft gedaan, kan op zichzelf onder de delictsomschrijving van art. 69.1 (oud) AWR worden gebracht. Geen samenloop ex art. 69.4 (oud) AWR: het indienen van een bezwaarschrift met
HR: art. 81.1 RO.
HR: art. 81.1 RO.
HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve: constatering dat de redelijke termijn is overschreden.