Nr. 38.585 26 september 2003 AF gewezen op het beroep in cassatie van X B.V. te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 4 juni 2002, nr. P01/01650, betreffende na te melden aanslag in de vennootschapsbelasting. 1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof...
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 47 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Informatiebeschikking; artikel 52a AWR; bevoegdheid inspecteur tot nemen nieuwe informatiebeschikking na intrekken van eerdere informatiebeschikking.
Informatiebeschikking. Belanghebbende heeft gevraagde inlichtingen ten behoeve van de uitvoering van de Wet Woz niet verstrekt.
Toewijzing herzieningsverzoek. Uitspraak Hof waarin informatiebeschikking met betrekking tot buitenlandse banktegoeden is vernietigd, wordt herzien door uit een inlichtingenverzoek van Belastingdienst/Central Liaison Office verkregen informatie.
Bijlage bij de conclusies van 16 augustus 2016 in de zaken met nrs. 15/05826 (ECLI:NL:PHR:2016:853), 15/02068 (ECLI:NL:PHR:2016:884) en 15/02069 (ECLI:NL:PHR:2016:883).
Belanghebbende heeft door middel van listige kunstgrepen het vermogen voor de inspecteur verborgen gehouden; desondanks boete door Hof verminderd tot op 50%. Bezwaarfase van meer dan 6 maanden geen reden voor matiging boete.
De Staat heeft een overeenkomst gesloten met een tipgever die informatie heeft over Nederlands ingezetenen met buitenlandse bankrekeningen, met name bij een Luxemburgse vestiging van een Nederlandse bank. De Staat betaalt de tipgever een tipgeld dat oploopt met het belastingbedra
(i) verlengde navorderingstermijn (art. 16(4) AWR); als kosten op Zwitsers ogende valse facturen verhulde winstuitkeringen naar een Zwitserse coderekening van de dga; ‘opgekomen’ in Nederland of het buitenland? (ii) Geen inkeer ex art. 67n AWR. Toch boetematiging? Beroep op het '
Belanghebbende is een naar het recht van Cyprus opgerichte Limited. Haar statutaire bestuur bevindt zich op Cyprus en zij heeft op Cyprus aangiften gedaan. De middellijk (enig) aandeelhouder van belanghebbende woont in Nederland. De activiteiten van belanghebbende bestaan uit het
(Navorderings)aanslagen IB/PVV 2003 t/m 2015 en boetebeschikkingen. Het Hof oordeelt onder meer dat de door belanghebbende genoten middellijke winstuitdelingen een aanknopingspunt hebben met een ander land dan Nederland en vallen onder verlengde navorderingstermijn (art. 16 (4) A
A-G IJzerman heeft conclusie genomen inzake de belastingaanslagen opgelegd aan belanghebbende, een geliquideerde Curaçaose NV. Was duidelijk namens welke belanghebbende bezwaar en beroep is ingesteld? Wat is de ingangsdatum van de door de Inspecteur verbeurde dwangsommen wegens n
Art. 47 AWR; Art. 52a AWR; vragen Inspecteur naar buitenlandse bankrekeningen zonder verwijzing naar gegevens die hem al bekend zijn; Geldigheid informatiebeschikking.
Plaats van werkelijke leiding volgens artikel 4, eerste lid, van het belastingverdrag met Luxemburg. Verweerder heeft aannemelijk gemaakt dat de plaats van wekelijke leiding in Nederland is gelegen nu de kernbeslissingen met betrekking tot het lichaam in Nederland werden genomen
AWR. Informatiebeschikkingen. In geschil is of verweerder belang heeft bij de informatiebeschikkingen, en zo ja, of eiseres reeds heeft voldaan aan de informatieplicht, en of, voor zover dat niet is gebeurd, dat terecht is vanwege het (informele) verschoningsrecht dat op deze inf
Vordering tot cassatie in het belang der wet inzake het biometrisch ontgrendelen van een smartphone van de verdachte tegen zijn wil. In de vordering komen het huidige juridisch kader, voorstellen tot toekomstige regelgeving en de verenigbaarheid van de niet vrijwillige biometrisc
De Belastingdienst handelt niet onrechtmatig door navorderingsaanslagen op te leggen terwijl de informatiebeschikkingen nog niet onherroepelijk zijn geworden. Informatieplicht van artikel 47 AWR.
Informatiebeschikkingen. Toetsingsmoment rechtmatigheid informatiebeschikkingen. Reikwijdte informatiebeschikkingen.
Gemeenschappelijk bijlage bij de conclusies: 16/04237 (ECLI:NL:PHR:2017:977) 16/04325 (ECLI:NL:PHR:2017:1001) 16/04497 (ECLI:NL:PHR:2017:1008) 16/05120 (ECLI:NL:PHR:2017:1016) 17/00879 (ECLI:NL:PHR:2017:1040) 17/01448 (ECLI:NL:PHR:2017:1051) 17/02730 (ECLI:NL:PHR:2017:1036)
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X], belanghebbende, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 15 april 2014, nr. BK-13/00342, ECLI:NL:GHDHA:2014:1769, FutD 2014-1302 en V-N 2014/35.2.4. Belanghebbende hield een aandel
Art. 8:55b Awb. Art. 4:15 Awb. Art. 6:7 Awb. De Inspecteur ontvangt van een tipgever informatie, dat belanghebbende banktegoeden aanhoudt in het buitenland. De Inspecteur legt over meerdere jaren meerdere belastingaanslagen op. Belanghebbende dient tegen die belastingaanslagen be
Samenloop strafvorderlijk zwijgrecht en fiscaalrechtelijke meewerkplicht: vormt de onderhavige civielrechtelijke dwangsom ontoelaatbare dwang? Betekenis van het EHRM-arrest Chambaz voor het Nederlandse recht. Feiten: Eiser tot cassatie had een bankrekening in Zwitserland. Hij was
Het Hof komt, evenals de rechtbank, tot de slotsom dat omstandigheden op grond waarvan moet worden geoordeeld dat belanghebbende feitelijk over het trustvermogen kon beschikken als ware het zijn eigen vermogen, door de inspecteur niet aannemelijk zijn gemaakt.
X is opgericht naar Pools recht. Haar directeur is de heer G, zoals in 4.11 overwogen, is in ieder geval voor het jaar 1995 de heer G haar enig directeur, tegen een beloning ten gunste van M BV van voor 1995 gegarandeerd ten minste fl. 130.000,= als overwogen in 4.14.10 en overig
Informatiebeschikking, territoriale begrenzing op grond van artikel 47 en 52a AWR, schending met artikel 8 EVRM en/of de artikelen 5, 9 en 17 BUPO, schending met Tax Information Exchange Agreement (TIEA). Belanghebbende emigreert eind september 2013 tezamen met haar partner naar
Artikel 5:1 Awb juncto artikel 67e AWR. Vergrijpboete voor primair feitelijk leidinggeven en subsidiair medeplegen houdt geen stand. De Inspecteur maakt opzet noch grove schuld aannemelijk. Het Hof kent een hogere vergoeding toe voor proceskosten dan het forfaitaire tarief.