Inkomstenbelasting. Aanmerkelijk belangwinst. Rechtbank bepaalt de AB-winst bij de ontvlechting van BV’s en privé-belangen van twee voormalige zakenpartners.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 28 AWR
Genoemd in 2.251 uitspraken · Officiële wettekst
2.251 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 75 · live
Belanghebbende is eigenaar van een perceel grond. Ter zake van dit perceel heeft de heffingsambtenaar aan belanghebbende wegens gebruik van het perceel aanslagen onroerendezaakbelastingen opgelegd. Naar het oordeel van de rechtbank dienen die aanslagen te worden vernietigd, nu me
In geschil is de wegingsfactor voor de proceskostenvergoeding in bezwaar. De rechtbank is van oordeel dat het door de heffingsambtenaar gehanteerde beleid voor het bepalen van deze factor niet in overeenstemming is met de grondslagen voor het vaststellen van de wegingsfactor. De
Vier maal verzuimboete BZM voor gebruik van de weg op 14 juli 2011, 25 juli 2011, 27 juli 2011 en 28 juli 2011. Voor het “eerste verzuim” acht de rechtbank een boete van € 246 zowel relatief als absoluut passend en geboden. Matiging van de andere boeten tot € 150 (elk) mede gezie
WOZ 2011. Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de brief van de heffingsambtenaar inhoudende een “Aanvulling uitspraak Bezwaar waardebeschikking 2011”. De rechtbank merkt deze brief van de heffingsambtenaar aan als een ambtshalve herziening over de jaren 2008, 2009 en 2010.
Rechtbank beperkt berekening invorderingsrente op grond van zorgvuldigheidsbeginsel.
Heffingsambtenaar maakt WOZ-waarde van onroerende zaak niet aannemelijk. De rechtbank is van oordeel dat de taxateur terecht in aanmerking heeft genomen dat het perceel in de toekomst alternatieve gebruiksmogelijkheden kent. Bij het bepalen van de waarde is - uitgaande van de gen
KB Lux: verlengde navorderingstermijn (11/2187 tot en met 11/2191) Belanghebbende beschikte over een bankrekening bij KBLux ter zake waarvan hij niets in zijn aangiften IB over de onderhavige jaren heeft opgenomen. De navorderingsaanslagen zijn opgelegd met toepassing van de verl
Invordering / formeel (11/3317) Op 28 maart 2011 zijn, om 11.35 uur en om 11.37 uur, aanslagen aan belanghebbende betekend. Het dwangbevel waarop de kosten van betekening bekend zijn gemaakt is diezelfde dag om 11.40 uur aan belanghebbende betekend. Tot slot is die dag, om 16.00
Inkomstenbelasting / formeel (11/3299) Belanghebbende heeft in het onderhavige jaar hennepstekjes gekweekt en de inkomsten daaruit zijn niet verantwoord in zijn aangifte IB. Omkering van de bewijslast nu niet de vereiste aangifte is gedaan. De aanslag en de boete worden wel vermi
Omzetbelasting; privégebruik auto; tijdvak 2010 Onderscheid in bijtelling/forfait tussen milieuvriendelijke en milieuonvriendelijke auto's is in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Belanghebbende mag een percentage van 14 toepassen. De rechtbank wijst de stelling van belanghebben
KB Lux Tussen partijen is in geschil het antwoord op de volgende vragen: 1. Is er aanleiding om het beroep betreffende de aanslag IB/PVV 2001 af te splitsen ex artikel 8:14 van de Awb? 2. Zijn alle op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd? 3. Is terecht gebruik gemaakt v
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Het bezwaar van belanghebbende tegen de beschikking op naam van haar inmiddels overleden moeder had geïnterpreteerd moeten worden als een verzoek om een beschikking op grond van artikel 26 van de Wet WOZ. De rechtbank beschouwt de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar tev
Aan belanghebbende zijn in de bezwaarfase niet de door hem verzochte nadere gegevens over de referentieobjecten verstrekt. Nu in de bestreden uitspraken op bezwaar onder meer de afleiding van de vastgestelde waarde uit de verkoopprijzen van de referentieobjecten niet is opgenomen
WOZ. Niet meer in geschil is dat bij de bij beschikking vastgestelde waarde ten onrechte ook het perceel, dat bij een derde in gebruik is, bij de waardevaststelling is meegenomen. Inmiddels heeft de heffingsambtenaar een afzonderlijke beschikking voor het perceel genomen. Voor ee
WOZ. De heffingsambtenaar heeft bij de toepassing van de taxatiewijzer recreatie voor de waardevaststelling van een camping, naar het oordeel van de rechtbank, niet aannemelijk gemaakt dat de aan de huidige exploitant vergunde aantallen standplaatsen ook maatgevend zijn voor een
Navordering inkomstenbelasting 2005 met 50% boete. Geen gesubsidieerde rechtsbijstand. 1 van 5 zaken. Belanghebbende is strafrechtelijk veroordeeld in verband met hennepteelt. In 2010 wordt een evenredig deel van de totaaltelling van de contante inkomsten en uitgaven in (navorder
Navordering inkomstenbelasting 2006 met 100% boete. Geen gesubsidieerde rechtsbijstand. 1 van 5 zaken. Belanghebbende is strafrechtelijk veroordeeld in verband met hennepteelt. In 2010 wordt een evenredig deel van de totaaltelling van de contante inkomsten en uitgaven in (navorde
Ambtshalve aanslag inkomstenbelasting 2007 met verzuimboete. Ontvankelijkheid bezwaar. Geen gesubsidieerde rechtsbijstand. 1 van 5 zaken. Belanghebbende is strafrechtelijk veroordeeld in verband met hennepteelt. In 2010 wordt een evenredig deel van de totaaltelling van de contant
Successie - verkrijging Belanghebbende (legataris) bestrijdt dat sprake is van een verkrijging krachtens erfrecht omdat niet aan de voorwaarde van tijdige betaling – zoals in het testament is opgenomen – is voldaan. Naar het oordeel van de rechtbank schept de notariële akte waar
De rechtbank oordeelt dat het slotklooster voor de aanslagen OZB (eigenaar en gebruiker), reinigingsrecht en rioolheffing ten onrechte is aangemerkt als niet-woning.
WOZ Ook voor recreatiewoningen die op particuliere erfpachtgrond staan gelden de ficties van artikel 17 van de Wet waardering onroerende zaken. De slechte financierbaarheid van dergelijke woningen is geen waardedrukkende factor.
Navorderingsaanslag wegens onjuist verrekende voorheffing terecht. Vermindering van de heffingsrente omdat het door de inspecteur tot een te hoog bedrag in aanmerking nemen van voorheffing niet voortvloeit uit de handelwijze van belanghebbende (zorgvuldigheidsheidsbeginsel).
Belanghebbende heeft zich in de bezwaar- en beroepsprocedure laten vertegenwoordigen door zijn eigen B.V. Niet is gebleken dat bij de B.V. meerdere personen in dienst zijn. In dat geval is de rechtbank van oordeel dat geen sprake is van een ‘derde’ zoals bedoeld in artikel 1, ond