Inlenersaansprakelijkheid. Voor de exploitatie van een hotel is gebruik gemaakt van werknemers van de belastingschuldige. De ontvanger heeft tegenover hetgeen belanghebbende heeft gesteld niet aannemelijk gemaakt dat belanghebbende in 2008 en 2009 de rechtspersoon was die het hot
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 28 AWR
Genoemd in 2.251 uitspraken · Officiële wettekst
2.251 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 62 · live
Verlengde navorderingstermijn is van toepassing bij forfaitair voordeel opgekomen uit een Liechtensteinse vennootschap. Omkering bewijslast omdat belanghebbende niet heeft voldaan aan zijn inlichtingenplicht en redelijke schatting van het forfaitair voordeel door de inspecteur, g
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Inkomstenbelasting/persoonsgebonden aftrek Belanghebbende heeft een bijstandsuitkering. Ze heeft aftrek geclaimd van hoge, in het buitenland gemaakte ziektekosten. De rechtbank oordeelt dat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat de kosten door haarzelf zijn betaald of op haar heb
Formeel belastingrecht Belanghebbende heeft buiten de termijn bezwaar gemaakt tegen de aan hem voor 2007 opgelegde aanslagen ib/pvv en zvw. De inspecteur heeft de bezwaren daarom niet-ontvankelijk verklaard. De inspecteur heeft met de door hem overgelegde stukken niet aannemelijk
Formeel belastingrecht/Inkomstenbelasting/vermogensbelasting/omkering van de bewijslast Belanghebbende heeft ondanks daartoe te zijn uitgenodigd voor 1999 geen aangifte ib/pvv ingediend. De inspecteur heeft vervolgens de aanslagen (ib/pvv, waz en vermogensbelasting) ambtshalve va
Inkomstenbelasting/omkering van de bewijslast Belanghebbende heeft over het jaar 2000 aangifte gedaan naar een inkomen van ƒ 55.223. De inspecteur heeft de aanslag vastgesteld met een aanzienlijke correctie. De rechtbank komt tot het oordeel dat belanghebbende niet de vereiste aa
Belanghebbende houdt zich bezig met het ter beschikking stellen van uitzendkrachten op de Nederlandse arbeidsmarkt. De inspecteur is de mening toegedaan dat de verhouding tussen de omzet en het loon in 2012 van belanghebbende anders is dan in 2011 en 2010 en heeft daarom een nahe
De inspecteur heeft aanzienlijke uitgaven aannemelijk gemaakt die niet uit de bij de belastingdienst bekende inkomsten en vermogensbestanddelen kunnen zijn gedaan. Gelet op de hoogte van het aangegeven inkomen leidt dit tot de conclusie dat niet de vereiste aangifte is gedaan. De
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Belanghebbende heeft de volledige over de hypothecaire geldlening verschuldigde rente betaald. Aangezien belanghebbende en zijn broer voor de verwerving van hun gezamenlijke eigen woning op beider naam een hypothecaire lening zijn aangegaan waarvoor zij beiden hoofdelijk aansprak
De broer van belanghebbende heeft de volledige over de hypothecaire geldlening verschuldigde rente betaald. De rechtbank is van oordeel dat belanghebbendes broer deze rente (mede) heeft betaald voor rekening van belanghebbende zodat belanghebbende als mede-eigenaar en medeschulde
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Erfbelasting. Belanghebbende is door de inspecteur niet-ontvankelijk verklaard in zijn bezwaar. De rechtbank heeft, in navolging van de inspecteur ter zitting, geoordeeld dat het bezwaar ten onrechte niet ontvankelijk is verklaard. De rechtbank heeft de zaak teruggewezen naar de
Mantelzorgvrijstelling. Belanghebbende, die gehuwd was en samen met haar gezin en met haar vader een gezamenlijke huishouding vormde, heeft haar vader tot zijn overlijden jarenlang als mantelzorger verzorgd en heeft na diens overlijden ook het mantelzorgcompliment toegekend gekre
omzetbelasting (geen vrijstelling voor oogmeting) Belanghebbende houdt zich bezig met de handel in brillen en contactlenzen, met name gericht op mensen met dyslexie. In dat kader worden ook (tegen betaling) oogmetingen verricht. Volgens de rechtbank is de medische vrijstelling ni
Belanghebbende is als bestuurder aansprakelijk gesteld voor een omzetbelastingschuld van X BV. X BV heeft vergoedingen ontvangen van Spaanse voetbalclubs voor licentierechten van voetbalspelers van die club, en de ontvangen bedragen, na aftrek van 7%, doorbetaald een C Ltd. Zij h
Belanghebbende is omstreeks november 2001 geïdentificeerd als (mede)rekeninghouder van een KBLux-rekening. De inspecteur heeft belanghebbende in de periode november 2001 tot september 2003 (1e vragenbrief) tot drie keer toe aangedragen voor het instellen van een strafrechtelijk o
Inkomsten uit hennepkwekerij. Aannemelijk is dat er twee eerdere hennepoogsten zijn geweest. Uit de kasopstelling blijkt dat belanghebbende absoluut en relatief gezien over meer inkomsten moet hebben beschikt dan uit zijn aangifte blijkt. Navorderingsaanslag terecht met omkering
KBL-zaak. Aannemelijk dat belanghebbende KBL-rekeninghouder was. Aan de door belanghebbende overgelegde “KBL-brief”, kent de rechtbank geen gewicht toe na de gemotiveerde betwisting van de echtheid door de inspecteur. Geen informatiebeschikking. Geen omkering van de bewijslast. I
Omkering van de bewijslast omdat belanghebbende nihilaangiften OB heeft gedaan en de inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbende in Nederland heeft gehandeld in bepaalde goederen en dat er sprake is van een negatieve kas van € 362.606. Belanghebbende heeft niet aanget
De inspecteur heeft door middel van vermogensvergelijkingen aannemelijk gemaakt dat belanghebbende in Nederland heeft gehandeld in bepaalde goederen tot een bedrag van € 190.597.
De inspecteur heeft door middel van vermogensvergelijkingen aannemelijk gemaakt dat belanghebbende in Nederland heeft gehandeld in bepaalde goederen. De naheffingsaanslag wordt wel verminderd omdat de inspecteur in eerste instantie is uitgegaan van een hoger bedrag aan negatieve
De inspecteur heeft door middel van vermogensvergelijkingen aannemelijk gemaakt dat belanghebbende inkomen uit werk en woning (inkomsten uit handel) heeft genoten tot een bedrag van € 190.597.
Belanghebbende, een Belgische vennootschap, laat haar Belgische werknemers werkzaamheden verrichten in Nederland voor een Nederlandse vennootschap. De rechtbank oordeelt dat sprake is van werkzaamheden als bedoeld in artikel 6, derde lid, onderdeel b, van de Wet LB. Op grond daar