Informatiebeschikking artikel 52a AWR Belanghebbende, die in het buitenland woonachtig is, houdt in Nederland een onroerende zaak aan. Deze omstandigheid is onvoldoende om de algemene vraag te stellen hoe belanghebbende in zijn levensonderhoud voorziet en hoe hij de financiële mi
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 28 AWR
Genoemd in 2.251 uitspraken · Officiële wettekst
2.251 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Art. 229 en 229b Gemw; art. 3.1, lid 4 Wro; art. 1, lid 1 Woningwet Leges in verband met aanvraag omgevingsvergunning bouwen. Het in de Verordening genoemde bedrag aan leges dat samenhangt met diensten die verband houden met het bestemmingsplan is in onderhavige aanslag in minder
Opbrengstlimiet - artikel 229-1-b Gemeentewet De heffingsambtenaar heeft niet inzichtelijk en controleerbaar gemaakt dat de raming van de kosten zijn gebaseerd op gegevens die zijn terug te voeren op (gegevens van) de gemeentebegroting (vgl. Hoge Raad, 4 april 2014, ECLI:NL:HR:20
Artikel 10, lid 1 Wet op de dividendbelasting 1965 (Wet DB). Verzoek teruggaaf dividendbelasting. Belanghebbende is een naar Japans recht ingesteld pensioenfonds dat feitelijk is gevestigd in Japan. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende niet aannemelijk gemaakt d
BRE 16/7261 Artikel 24, lid 9, Wet WOZ en artikel 6:11 Awb. Een te laat ingediend bezwaargeschrift tegen de WOZ-beschikking is toch ontvankelijk. De rechtbank acht de termijnoverschrijding namelijk verschoonbaar aangezien de heffingsambtenaar in strijd met artikel 24, lid 9, Wet
Informatieverplichting, artikel 47, van de AWR Vernietiging informatiebeschikking wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel. De inspecteur had weliswaar aanleiding tot het stellen van vragen, maar de rechtbank acht het in deze fase van het onderzoek onevenredig om belanghebben
VPB 2010/2011/2012 - aftrek kosten - omkering bewijslast – vergrijpboetes Belanghebbende verzorgt de aanvraag en verlenging van tewerkstellingsvergunningen (hierna: TWV) voor in China woonachtige koks die naar Nederland komen om hier als kok te werken. Belanghebbende maakt daarvo
Art. 229, lid 1, onder b Gemeentewet Aan belanghebbende is een aanslag leges opgelegd in verband met de aanvraag van een omgevingsvergunning ter zake van de bouw van een vleeskuikenstal. Op grond van de Legesverordening worden inrichtingskosten (bedrijfsinstallaties en -apparatuu
15/7639 en 16/1997 IB 2012, art. 7.7, tweede lid, onderdeel a, Wet IB 2001 en Ninbi Box 3 heffing: geen toepassing van de leegwaarderatio (art. 5.20, derde lid, Wet IB) bij verhuur van een pand tegen een symbolisch bedrag van € 1,- per jaar aan dochter, omdat geen sprake is van h
BRE 15/8090 t/m 15/8094 Artikel 34 van de Invorderingswet 1990; inlenersaansprakelijkheid; Belanghebbende is als inlener aansprakelijk gesteld voor niet betaalde belastingschulden van vennootschappen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de ontvanger het zorgvuldigheidsbeginse
Informatiebeschikkingen - artikel 52a AWR – Algemene wet op het Binnentreden – inspecteur met ontvangersmandaat - geen sprake van “informed consent” met betrekking tot binnentreden in zijn functie van belastinginspecteur bij huisbezoek – artikel 8 EVRM - bewijsvergaring in kader
WOZ (artikel 17 Wet WOZ) Verstrekken onjuiste informatie leidt tot gerede twijfel onpartijdigheid taxateur. De taxateur van de gemeente heeft ter zitting gesteld dat hij de maten van de garage had vastgesteld “door het bouwdossier te lichten”. Daarmee heeft hij bij de rechtbank -
Art. 4.16, 1,c Wet IB 2001, art. 10 Verdrag Nederland-België, art. 15 Protocol I De liquidatie-uitkering die een inwoner van België heeft ontvangen uit de in Nederland gevestigde BV waarin hij een aanmerkelijk belang houdt, is belast als fictieve vervreemding. Nederland is op gr
BRE 15/3940 t/m 15/3942 Aansprakelijkstelling; inzagerecht; artikel 34 van de Invorderingswet; artikelen 7:2 en 7:4 van de Awb. De ontvanger heeft – na een gemotiveerde betwisting van belanghebbende – niet aannemelijk gemaakt dat voorafgaand aan het horen alle op de zaak betrekki
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is geweest van beroepspraktijkvorming zodat geen recht bestaat op vermindering van afdracht loonheffing in het kader van de WVA. Belanghebbende heeft tevens de zgn cafetariaregeling voor de loonhef
Inkomstenbelasting art. 3.90 Belanghebbende is bestuurder van een zorginstelling en heeft tevens zeggenschap in de zorgmanege die in een aparte stichting is ondergebracht. Zijn dochter woont daar om niet en rijdt er paard. De rechtbank verwerpt (anders dan in ECLI:NL:RBZWB:2015:4
Fictieve dientbetrekking? Gelet op hetgeen is vermeld in de Nota van Toelichting en het gebruik van het woord ‘arbeidsverhouding’ in artikel 2h van het Uitvoeringsbesluit acht de rechtbank het enkele feit dat B werkzaamheden heeft verricht voor belanghebbende onvoldoende voor het
De gemachtigde van belanghebbende heeft in deze zaak (en in vele zaken van andere belanghebbenden) de heffingsambtenaar in gebreke gesteld op last van een dwangsom, waarbij is opgemerkt dat de ingebrekestelling pas ingaat op de dag volgend na de dag van het hoorgesprek indien ree
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
BRE 14/1593 en 14/1594 Naheffingsaanslagen omzetbelasting met vergrijpboeten De rechtbank gaat voorbij aan belanghebbendes verzoek om getuigen op te roepen nu hij de relevantie van de vragen die hij aan de getuige wil stellen niet duidelijk heeft gemaakt. De rechtbank acht aannem
BPM; naheffing. Bij de bestreden uitspraak op bezwaar is de naheffingsaanslag vernietigd en een forfaitaire kostenvergoeding toegekend van € 244. De rechtbank passeert de schending van de hoorplicht met toepassing van artikel 6:22 Awb. De rechtbank stelt een adequate rentevergoed
Belanghebbende maakt niet aannemelijk gemaakt dat de vennootschap op het moment van overlijden een materiële onderneming dreef. De binnen de vennootschap verrichte werkzaamheden gaan het normaal vermogensbeheer niet te boven. De inspecteur heeft de bedrijfsopvolgingsfaciliteit te
Omzetbelasting, vrijstelling gezondheidskundige verzorging, vrijstelling diensten sociale en culturele aard, neutraliteitsbeginsel, gelijkheidsbeginsel (meerderheidsregel). Dienst door belanghebbende aan zorgverzekeraar niet vrijgesteld van omzetbelasting. Geen schending neutrali
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Bij de primitieve aanslag wordt de zelfstandigenaftrek gecorrigeerd, maar niet ook de inkomensafhankelijke combinatiekorting. De rechtbank oordeelt dat sprake is van een beoordelingsfout die in de weg staat aan navordering. Dat indien het aanslagprogramma wel goed had gewerkt, de