Naheffingsaanslag parkeerbelasting
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 20 AWR
Genoemd in 319 uitspraken · Officiële wettekst
319 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Naheffingsaanslag parkeerbelasting. Vrije bewijsleer. Als geen parkeerbelasting op aangifte is voldaan, kan een naheffingsaanslag worden opgelegd. De naheffingsaanslag is bevoegd opgelegd.
Naheffingsaanslag bpm. VWEU. Bevoegdheid van de nationale rechters om het Unierecht uit te leggen. Geen verplichting tot het stellen van prejudiciële vragen. Het vooraf heffen van griffierecht is niet in strijd met het Unierecht. Geen recht op integrale proceskostenvergoeding. De
Beroep gegrond. Uit de Parkeerverordening volgt niet dat de eerste twee uur alleen dan niet in rekening wordt gebracht als bij aanvang van het parkeren het kenteken is aangemeld bij de parkeerautomaat of door middel van een parkeerapp.
Art. 217 Gemeentewet. Art. 11 AWR. Afvalstoffenheffing. Tweede aanslag mogelijk? Heffing naar verschillende grondslagen? HR BNB 1973/69 van toepassing? Belastingverordening onverbindend omdat zij niet alle essentialia vermeldt? Betekenis ‘het tijdstip van beëindiging van de heffi
In geschil is of het door belanghebbende betaalde bedrag aan parkeerbelasting ad EUR 0,10 in mindering gebracht moet worden op het nageheven bedrag aan parkeerbelasting.
Omzetbelasting; art. 12, lid 5, Wet OB; art. 24bb Uitvoeringsbesluit OB; verleggingsregeling, voor toepassing verleggingsregeling moet Belastingdienst kunnen vaststellen wie de afnemer is.
Naheffingsaanslag parkeerbelasting. Aanwijzingsbesluit niet op voorgeschreven wijze bekendgemaakt. Reparatie formeel gebrek, geen benadeling belanghebbende. De bezwaarbehandelaar is bevoegd. De Heffingsambtenaar is ter zitting vertegenwoordigd door een daartoe bevoegd persoon. Vr
Naheffingsaanslagen LH terecht en tijdig opgelegd. 8:117 Awb. Relatieve competentie. Hof verklaart onbevoegdheid rechtbank Noord-Holland voor gedekt. 8:63 Awb. Horen getuige kan niet redelijkerwijs bijdragen aan beoordeling zaak.
Naheffingsaanslag Bpm. Diverse Unierechtelijke vraagstukken. Vaststelling hoogte proceskostenvergoeding in de beroepsfase.
De inspecteur vraagt in het kader van een boekenonderzoek of er nog een bedrag aan omzetbelasting gesuppleerd moet worden en zo ja, hoeveel dit is. Belanghebbende zoekt dit uit en informeert bij brief de inspecteur dat een bedrag van ruim € 59.000 aan omzetbelasting is verschuldi
Het Hof heeft in deze zaak de gemachtigde vanwege ongepast taalgebruik geweigerd. Belanghebbende heeft recht op een vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn.
A-G Ettema behandelt in deze conclusie de vraag of aan een fiscale eenheid voor de omzetbelasting een bestuurlijke boete kan worden opgelegd. In de onderhavige zaak gaat het om een verzuimboete (artikel 67c Awr). In de zaak die bij de Hoge Raad bekend is onder rolnummer 19/03179,
Naheffingsaanslag OB met boetebeschikking Belanghebbende is een vennootschap waarin voorheen een notarispraktijk werd uitgeoefend. Na beëindiging van de notarisactiviteiten is beoogd het bedrijfspand met een optie belaste verhuur tegen vergoeding te verhuren. In afwachting van ee
A-G Ettema behandelt in deze conclusie de vraag of aan een fiscale eenheid voor de omzetbelasting een bestuurlijke boete kan worden opgelegd. In de onderhavige zaak gaat het om een vergrijpboete (artikel 67f Awr). In de zaak die bij de Hoge Raad bekend is onder rolnummer 19/04310
Accijns; art. 20, lid 2, tweede volzin van de AWR staat niet aan het opleggen van een naheffingsaanslag aan belanghebbende in de weg
Het gaat om de berekening van BPM voor een uit het buitenland ingevoerde WOK-auto en de formele aspecten van naheffing en registratie. Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 8 januari 2019, ECLI:NL:GHAMS:2018:87. Bel
Is naheffing van omzetbelasting die ambtshalve was teruggegeven mogelijk niet omdat er nog een materiële belastingschuld resteert, maar omdat de teruggaaf verleend is in strijd met het beleidsmatige uitgangspunt dat nieuwe jurisprudentie geen reden is om, in casu door teruggaaf,
OB. Overdracht registergoed. Optie belaste levering. Naheffingsbevoegdheid herzienings-btw. Kan bij verkoper worden nageheven als achteraf blijkt dat niet (langer) aan alle voorwaarden is voldaan?
Belanghebbende heeft omzetbelasting vermeld op een factuur ter zake van de verhuur van een golfbaan over de periode van november 2008 tot en met april 2011 aan een dochtervennootschap (de dochter). Belanghebbende heeft deze omzetbelasting niet aangegeven of voldaan. De Inspecteur
BZM is niet in strijd met Unierecht geheven. Redelijke termijn is niet overschreden. Belanghebbende heeft geen recht op enige rentevergoeding, anders dan de rente genoemd in HR 21 december 2018, nr. 17/04504. Geen werkelijke proceskosten.
De ambtshalve teruggegeven bedragen kunnen niet worden nageheven.
Motorrijtuigenbelasting; naheffing van ingezetenen met buitenlands kenteken. Door wetswijziging in 2014 (art. 7(3), 13(2) en 34(2)(2e volzin) Wet mrb) kan hun naheffingsaanslag over een langere periode worden berekend dan daarvóór en dan in andere bijzondere naheffingsgevallen (t
De rechtbank Zeeland-West-Brabant legt prejudiciële vragen voor aan de Hoge Raad over de naheffingsregeling van artikel 34 Wet MRB ter zake van het gebruik van de weg in Nederland met een buitenlands gekentekende auto waarvoor de mrb niet is betaald. Na wijziging bij Belastingpla
Tijdens een controle is geconstateerd dat de inhoud van twee bunkertanks van een schip, gasolie voor de voortstuwing van het schip, niet voldoet aan de voorwaarden voor de vrijstelling van accijns. Belanghebbende, een zustermaatschappij van de eigenaar van het schip, is aangemerk