KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) IB 1994 Als 1992 (08/3292). Het bedrag van de rente, dat de rechtbank heeft geschat, is lager dan de rentevrijstelling. Dus worden de navorderingsaanslag, verhoging en beschikking heffingsren
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 18 AWR
Genoemd in 75 uitspraken · Officiële wettekst
75 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) IB 1995 en verder De rechtbank acht aannemelijk dat belanghebbende, al dan niet tezamen met zijn echtgenote, op 31 januari 1994 rekeninghouder was van de onderhavige bankrekeningen bij de KB
KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) VB 1993 en 1994 Als 1992 (08/3292). De rechtbank maakt een eigen schatting van het aanwezige buitenlandse vermogen. Nu het vermogen onder de belastingvrije som blijft, moeten de navorderingsa
KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) VB 1995 en verder De rechtbank acht aannemelijk dat belanghebbende, al dan niet tezamen met zijn echtgenote, op 31 januari 1994 rekeninghouder was van de onderhavige bankrekeningen bij de KB
KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) IB 1993 Als 1992 (08/3292). Door de vermindering van de navorderingsaanslag beloopt de verhoging slechts een zeer gering bedrag. In aanmerking nemend dat de navorderingsaanslag met omkering v
KB Lux. Deze uitspraak is er een uit een cluster van 22 uitspraken (08/3292 t/m 08/3311) IB 1992 1. De rechtbank acht aannemelijk dat belanghebbende, al dan niet tezamen met zijn echtgenote, op 31 januari 1994 rekeninghouder was van de onderhavige bankrekeningen bij de KB lux. Da
Belanghebbende bekent over een rekening bij de KB-Luxbank te hebben beschikt, maar weigert vervolgens elke medewerking. Art. 27e AWR is van toepassing omdat belanghebbende niet heeft voldaan aan de verplichting de door de inspecteur gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekk
Art. 67c AWR en 67f AWR. Verzuimboete gevolgd door vergrijpboete. Ne bis in idem.
Voor “duurzaam gescheiden leven” in de zin van art. 5 , eerste lid, van de Wet op de vermogensbelasting 1964 is meer nodig dan alleen het woonachtig zijn van de echtelieden op verschillende adressen. De onweersproken gebleven stelling dat door eiser steeds aangifte is gedaan als
Voor “duurzaam gescheiden leven” in de zin van art. 5 , eerste lid, van de Wet op de vermogensbelasting 1964 is meer nodig dan alleen het woonachtig zijn van de echtelieden op verschillende adressen. De onweersproken gebleven stelling dat door eiser steeds aangifte is gedaan als
Inkomstenbelasting. Rekeningenproject. Verlengde navorderingstermijn van 12 jaar niet in strijd met EG-verdrag. Gegevens van rekeningen te laat verstrekt dus geen vrijwillige verbetering. Geen sprake van zelfincriminatie en beroep op bewijsuitsluiting faalt. Boete terecht maar ge
Bevoegd ingediend verweerschrift door de Staatssecretaris? Behandeling van de zaak binnen een redelijke termijn?
Het hof overweegt dat, aangezien aan [geïntimeerde] bij het vaststellen van de aanslagen en de navorderingsaanslagen vergrijpboeten zijn opgelegd ter zake van het niet of niet behoorlijk voldoen aan de op hem rustende informatieverplichtingen met betrekking tot het aanhouden van
Heeft de inspecteur al dan niet terecht een boete van 25 procent wegens grove schuld opgelegd? Is bij het opleggen van de boete de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Europese Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijhe
Nr. 39081 24 december 2004 AB gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 2 augustus 2002, nr. BK-01/02323, betreffende na te melden aan X te Z opgelegde navorderingsaanslag in de inkomstenbel
In geding is of met toepassing van art. 12 CSV terecht een hogere boete is opgelegd dan een verhoging van 5% over het na te vorderen premiebedrag.
Het Hof is van oordeel dat belanghebbende in 1989 Nederland niet metterwoon heeft verlaten en in zoverre als binnenlands belastingplichtige het hem uitgereikte aangiftebiljet had moeten indienen. Nu de vereiste aangifte niet is gedaan, moet het beroep worden afgewezen tenzij bela
-
-
-
-
-
-
-
Gebruik voor de aanslagregeling van bewijsmiddelen die strafrechtelijk onrechtmatig zijn verkregen, algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zorgvuldigheidsbeginsel, artikel 6 EVRM