Het Hof acht belanghebbende te kwader trouw ter zake van het niet in zijn aangifte verantwoorden van earn-out-inkomsten en acht op die grond navordering geoorloofd, ondanks de aanwezigheid van een ambtelijk verzuim. Voorts verwerpt het Hof een beroep op schending van algemene beg
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 16 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 23 · live
Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het voorbereiden en opleggen van de aanslag. De toets is niet of de Inspecteur achteraf bezien sneller had kunnen handelen, maar of hij beoordeeld op het moment dat hij geconfro
Met toepassing van de verlengde navorderingstermijn zijn aan belanghebbende navorderingsaanslagen IB/PVV 1995 en VB 1996 opgelegd. In geschil is het antwoord op de vraag of de voortvarendheid van de Inspecteur pas moet worden getoetst vanaf het moment waarop de identiteit van een
Bank zonder naam. Naar het oordeel van het Hof heeft de Inspecteur voldoende voortvarend gehandeld bij het voorbereiden en opleggen van de aanslag. De toets is niet of de Inspecteur achteraf bezien sneller had kunnen handelen, maar of hij beoordeeld op het moment dat hij geconfro
In tegenstelling tot de Rechtbank is het Hof van oordeel dat de Inspecteur bij de voorbereiding en de vaststelling van de navorderingsaanslag voldoende voortvarend gehandeld heeft. Voor wat betreft de voorbereidingsfase heeft de Inspecteur mogen kiezen voor een projectmatige aanp
KB-Lux. Informatieverstrekking door belastingplichtinge. Onmogelijkheid om informatie te geven. Dwangsommen.
Eiser ontkent niet rekeninghouder bij KB-Lux te zijn geweest. De navorderingsaanslagen ib/pvv 1991 t/m 1997 en vb 1992 t/m 1998 zijn niet met voldoende voortvarendheid opgelegd en moeten vernietigd. Met betrekking tot de overige jaren heeft verweerder terecht een matiging voor de
Inkomstenbelasting; Zwitserse bankrekening De rechtbank acht belanghebbende gebonden aan de vaststellingsovereenkomst, zodat de vijfjaarstermijn en de hoogte van de enkelvoudige belasting niet meer in bezwaar en/of beroep betwist kunnen worden. Met betrekking tot de twaalfjaarste
Inkomstenbelasting. Navordering. Aftrekposten. Nieuw feit?
Vennootschapsbelasting. Bezwaarschrift terecht niet-ontvankelijk verklaard ? Bekendmaking aanslag aan juist adres?
Samenhang met 11/3679. Verkoop van afvalmetalen. Niet in vermogen en boekhouding opgenomen opbrengsten als uitdeling van winst aan haar aandeelhouder doen toekomen.
Vennootschapsbelasting. Met betrekking tot het jaar 1999 is in geschil of de inspecteur, gelet op het bepaalde in artikel 16 Awr voor dat jaar een verliesherzieningsbeschikking kon nemen. Met betrekking tot de jaren 2002 en 2003 is in geschil of sprake is van een zogenoemde compe
Twaalfjaarstermijn van artikel 16, lid 4, AWR. Voldoende voortvarendheid in acht genomen door de insppecteur. Betekenis van de vaststellingsovereenkomst.
KB Lux - De rechtbank is van oordeel dat de inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbenden (twee echtgenoten), gerechtigd waren tot een bankrekening in Luxemburg (KB Lux). Dat belanghebbenden reeds voorafgaand aan de datum waarop het proces-verbaal van identifica
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende met de verkoop van appartementsrechten winst uit onderneming heeft gerealiseerd. Voorts is de rechtbank van oordeel dat de inspecteur op grond van de in de aangifte verwerkte kapitaalstorting van € 1.046.279, de afname van de schuld in box
22 zaken Belanghebbende heeft in 1998 zijn onderneming in tweedehands auto’s verkocht aan BV X. Directeur van BV X is de broer van belanghebbende. De aandelen van BV X worden gehouden door een limited company, opgericht naar het recht van het Eiland Man (verder Ltd 1). Ltd 1 heef
Omkering en verzwaring van de bewijslast. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de aanslagen niet juist zijn. De schatting van de inspecteur is redelijk.
Inkomstenbelasting. Navordering. Exploitatie prostitutiepanden. Geen inkomsten uit vermogen, maar winst uit onderneming. Nieuw feit aanwezig. Omkering en verzwaring bewijslast. Sprake van redelijke schatting. Beroep op vertrouwensbeginsel faalt.
Inkomstenbelasting - navordering - vergrijpboete Ruim vóór de ontvangst van de primitieve aanslag heeft de inspecteur bh schriftelijk meegedeeld dat deze aanslag onjuist is omdat de uitkomst van ene boekenonderzoek niet was meegenomen. De rechtbank acht navordering geoorloofd (Ho
Inkomstenbelasting; art. 16 AWR; navordering. Oordeel van het Hof dat de Inspecteur een ambtelijk verzuim heeft begaan blijft in stand. Art. 8:73 Awb; vergoeding van immateriële schade in geval van overschrijding redelijke termijn bezwaar- en beroepsfase. Verdeling van de schadev
voorlopige voorziening inzake informatiebeschikkingen
Conclusie PG: EU-vrijheid van kapitaalverkeer; verzoek om teruggaaf dividendbelasting door niet-ingezeten vennootschap met arbitragebedrijf; rechtsingang; dividendbelasting als eindheffing in vergelijking met aan vennootschapsbelasting onderworpen ingezetene; vergelijkingsmaatsta
De inspecteur heeft onvoldoende voortvarend gehandeld bij het opleggen van de navorderingsaanslagen aangezien er tussen het moment van het bekend zijn van de gegevens bij de inspecteur en het opleggen van de navorderingsaanslagen ten minste 15 maanden verstreken zijn. Ten tijde v
Navordering. Kwade trouw? Geen bewustheid bij indienen aangifte.
Inkomstenbelasting. Verwijzingszaak HR 27 april 2012, nr. 11/03880, LJN: BW4186. De inbreng van de onderneming in de BV maakt onderdeel uit van een geheel van rechtshandelingen gericht op de liquidatie van de onderneming. Mitsdien leidt de inbreng van de onderneming tot afrekenin