Het onderzoek naar de identificatie van de rekeninghouder laat de mogelijkheid open dat een ander dan belanghebbende de rekeninghouder is. De navorderingsaanslagen worden om die reden vernietigd.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 16 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Uit de stukken blijkt dat er ruim een jaar is verstreken tussen de aankondiging van de met toepassing van artikel 16,4 AWR op te leggen navorderingsaanslagen en het uiteindelijke opleggen daarvan. Nu de inspecteur desgevraagd geen verklaring heeft gegeven voor de duur van deze te
Rekeningenproject Het niet verstrekken van gegevens of inlichtingen in het kader van een strafrechtelijk onderzoek levert geen schending op van de in artikel 47 AWR opgenomen verplichtingen.
Rekeningenproject Als bewijs dat een ander dan de rekeninghouder gerechtigd is tot de op de rekening staande gelden zijn de enkele verklaringen van die ander en de rekeninghouder onvoldoende.
KB-Luxrekeningen De inspecteur slaagt er niet in het ingevolge het arrest van de Hoge Raad van 15 april 2011, LJN BN6324, verlangde bewijs te leveren. Dit brengt mee dat het voordeel van de twijfel aan belanghebbende moet worden gegund, zodat de in de navorderingsaanslagen begrep
IB. Navordering ter zake van verzwegen buitenlandse banktegoeden. Verweerder is niet voortvarend genoeg te werk gegaan bij de navordering. De navorderingsaanslagen die zijn opgelegd met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn van 12 jaar worden vernietigd. De overige (
KB-Lux. Verweerder heeft de navorderingsaanslagen (met uitzondering van de navorderingsaanslag VB 1996) met redelijke voortvarendheid opgelegd. Eiser is rechthebbende met betrekking tot de tegoeden bij de KB-Lux.
KB-Luxrekening: ongegrond beroep tegen navorderingsaanslagen die zijn berekend aan de hand van door belanghebbende verstrekte gegevens; alleen vermindering boete als gevolg van een overschrijding van de redelijke termijn.
De mogelijkheid dat een schatting aan de hand van in de markt gehanteerde rentepercentages en feitelijk gehouden tegoeden te hoog is, is zo gering dat daarin geen rechtvaardiging kan worden gevonden voor een matiging van boete.
De inspecteur beschikt over informatie op grond waarvan kan worden aangenomen dat belanghebbende houder is van een buitenlandse bankrekening. De in artikel 47 AWR opgenomen verplichting de door de inspecteur daarover gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken geldt niet vo
De inspecteur beschikt over informatie op grond waarvan kan worden aangenomen dat belanghebbende houder is van een buitenlandse bankrekening. De in artikel 47 AWR opgenomen verplichting de door de inspecteur daarover gevraagde gegevens en inlichtingen te verstrekken geldt niet v
Een door ouders ten name van 9 jarige dochter geopende rekening wordt na drie jaar opgeheven. Het op die rekening door de ouders gestorte en na opheffing opgenomen tegoed wordt geacht nimmer het vermogen van de ouders te hebben verlaten.
KB-Luxrekening en artikel 27e AWR Het Hof acht het niet onredelijk om voor de bepaling van het inkomen uit sparen en beleggen in het jaar 2001 uit te gaan van het geschatte vermogen voor het jaar 2000, verminderd met de factor 1,5.
Navorderingsaanslagen zijn berekend aan de hand van door belanghebbende verstrekte gegevens over zijn KB-Luxrekeningen; boete van 50% alleen verminderd in verband met de overschrijding van de redelijke termijn.
In de beroepsfase worden gegevens van de bankrekening ingebracht. Het Hof vermindert de navorderingsaanslagen overeenkomstig de berekening van de inspecteur op basis van deze gegevens.De boete blijft in stand met uitzondering van de vermindering wegens overschrijding van de redel
Navorderingsaanslag successierecht niet met redelijke voortvarendheid opgelegd. Geen ruimte voor interne compensatie.
Hof acht aannemelijk dat aandeelhouder X besliste of een handelstransactie via BV in Nederland of AG in Zwitserland zou lopen. Het Hof acht het aannemelijk dat X zijn werkzaamheden in dienstbetrekking voor de BV heeft verricht. De winst die is gerealiseerd met de door X verrichtt
Rechtbank keurt navordering IB/PH ter zake van verzwegen buitenlandse bankrekening met toepassing van de 12-jaarstermijn op basis van jurisprudentie over EG-recht goed, nu inspecteur voldoende voortvarendheid heeft betracht. De boete wegens opzet is terecht, van inkeer is geen sp
Rechtbank keurt navordering VB ter zake van verzwegen buitenlandse bankrekening met toepassing van de 12-jaarstermijn op basis van jurisprudentie over EG-recht goed, nu inspecteur voldoende voortvarendheid heeft betracht. De boete wegens opzet is terecht, van inkeer is geen sprak
De KB-Luxbank verstrekt alleen gegevens over een periode van 10 jaar voorafgaand aan het jaar waarin om die gegevens wordt verzocht. Door pas in 2006 gegevens bij deze bank op te vragen heeft belanghebbende zich de mogelijkheid ontnomen bewijs te leveren omtrent het verloop van d
KB-Luxzaak. Belanghebbende biedt deskundigenbewijs aan teneinde onderzoek te doen naar de statistische berekeningen van de Belastingdienst. De enkele omstandigheid dat gegevens in tabellen zijn gerangschikt is echter onvoldoende om het gebruik van deze gegevens als een berekening
KB-Luxzaak. Het Hof heeft de gemachtigde van belanghebbende in kennis gesteld van zijn vermoeden dat belanghebbende gedurende de gehele door de inspecteur in aanmerking genomen periode houder was van KB-Luxrekeningen. De gemachtigde reageert daarop met een verwijzing naar de reac
KB-Luxzaak. Een door het Hof geuit vermoeden omtrent de periode waarover KB-Luxrekeningen zijn aangehouden, kan niet worden weerlegd met een aanbod tot bewijs van de onrechtmatigheid van het gebruik van de microfiches.
KB-Luxzaak. Belanghebbende heeft een hoger persoonlijk arbeidsinkomen dan zijn echtgenote en daarom worden de tegoeden op de op haar naam staande KB-Luxrekeningen en de inkomsten daaruit aan hem toegerekend. Deze toerekening kan niet worden aanvaard bij het opleggen van een boete
KB-Luxzaak. Door belanghebbende tijdens een boekenonderzoek in 1993 gemaakte opmerkingen over Luxemburgse spaarrekeningen staan aan navordering niet in de weg. Voorts mocht de inspecteur artikel 16, lid 4 AWR toepassen.