VPB. Navorderingsbevoegdheid. Geen nieuw feit of kwade trouw, wel kenbare fout. Vereiste aangifte niet gedaan. Omkering en verzwaring van de bewijslast. Winstcorrectie. Vergrijpboete.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 11 AWR
Genoemd in 265 uitspraken · Officiële wettekst
265 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Anders dan de rechtbank, komt het Hof tot het oordeel dat namens een niet-bestaande rechtspersoon bezwaar is ingesteld. De voormalig gemachtigde was niet bevoegd tot het het indienen van een bezwaarschrift. Het Hof verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.
Naheffingsaanslag omzetbelasting
Naheffingsaanslag loonheffingen
IB/PVV
IB/PVV
Artikel 228, lid 2, van de Gemeentewet; artikel 11, lid 3, AWR; precariobelasting op nutsnetwerken; overgangsrecht.
Rechtsgeldige bekendmaking aanslagen/buitenlandse belastingplicht. De aanslagen IB/PVV voor de jaren 2012 tot en met 2015 zijn verzonden aan het onjuiste adres én bovendien geadresseerd aan een onvolledige versie van het onjuiste adres. De rechtbank is van oordeel dat de inspecte
Naheffingsaanslag loonheffingen niet op de juiste wijze bekend gemaakt door verzending naar onjuist, oud, adres. Toekenning van een immateriele schadevergoeding waarbij samenhang is aangenomen. Het betreft vier zaken. Twee van een Vof en twee van de rechtsopvolger, een BV. De zak
Voor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
De inspecteur heeft de bezwaren tegen de belastingaanslagen IB/PVV 2013 tot en met 2016 terecht niet-ontvankelijk verklaard. De aanslag IB/PVV 2017 is terecht vastgesteld. Het hof vernietigt de vergrijpboeten, omdat de inspecteur niet inzichtelijk heeft gemaakt in hoeverre belang
Overheidsprivaatrecht. Belastingrecht. Vordering Staat wegens het onrechtmatige beletten door derden (trustkantoren) van belastingheffing. Kan Staat ageren o.g.v. het privaatrecht als geen aanslag is opgelegd en ook niet meer kan worden opgelegd? Regeling belastingheffing AWR en
Inkomstenbelasting: navorderingsaanslag en belastingrente / conserverende aanslag en revisierente Belanghebbende is naar Oostenrijk geëmigreerd en heeft in jaar van emigratie loon in zowel Nederland als in Oostenrijk genoten. Belanghebbende heeft na emigratiedatum zijn lijfrentep
Voor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
In geschil is of de aanslagen IB/PVV voor de jaren 2003 en 2004 terecht aan belanghebbende zijn opgelegd.
Vpb. Tijdigheid aanslag. Uitstel verleend doen van aangifte? Aftrekposten. Verlies effectenportefeuille? Vereiste aangifte? Verzuimboete.
In geschil is of de aanslag en de belastingrente terecht, en zo ja, tot het juiste bedrag is opgelegd respectievelijk in rekening is gebracht. Voorts is in geschil of de verzuimboete terecht en tot het juiste bedrag is vastgesteld.
Aan eiseres die niet inkomstenbelastingplichtig en evenmin premieplichtig is, zijn aanslagen IB/PVV opgelegd om eerder aan haar uitbetaalde heffingskorting terug te vorderen. Onder verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 15 januari 2010, ECLI:NL:HR:2010:BJ5179, is de rech
Aan belanghebbende is o.a. een navorderingsaanslag IB/PVV 2005 opgelegd. In hoger beroep is het antwoord op de volgende vragen in geschil: I) Is de navorderingsaanslag IB/PVV 2005 tijdig opgelegd? II) Is sprake van een voor deze navordering vereist nieuw feit? III) Heeft de staki
In hoger beroep is in geschil of de aanslag binnen de wettelijke termijn is opgelegd. Verder is in geschil of de Inspecteur in strijd heeft gehandeld met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en of er strijdigheid is met artikelen 6 en 14 van het Europese Verdrag voor de
In geschil is of de navorderingsaanslag tijdig is opgelegd en, zo ja, of de afkoopsom behoort tot het belastbare inkomen uit werk en woning van belanghebbende.
In hoger beroep is in geschil het antwoord op de volgende vragen: a) is de navorderingsaanslag binnen de wettelijke termijn opgelegd; b) beschikt de inspecteur over een nieuw feit om na te kunnen vorderen; c) indien een nieuw feit ontbreekt: is belanghebbende ter zake van het fe
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 23 april 2015, nrs. 14/00347 en 00348, ECLI:NL:GHSHE:2015:1515. Belanghebbende was gedurende de jaren
Heffingen, strijd met rechtszekerheid- of vertrouwensbeginsel
B&W van de gemeente Hellevoetsluis heeft bij Aanwijzingsbesluit heffingsambtenaar 2005 als heffingsambtenaar aangewezen de coördinator belastingen CFA. Het afdelingshoofd CFA is aangewezen als eerste vervanger. Het aanwijzingsbesluit is als zodanig niet gepubliceerd. Wel is het v