GEAS-zaak. Verweerder heeft de aanvraag van eiser afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 31, eerste lid, Vw in samenhang met artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder d, Vw. Het beroep is gegrond wegens strijd met artikel 3:46 van de Awb. Eiser voert aan dat verwee
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:81 Awb
Genoemd in 1.414 uitspraken · Officiële wettekst
1.414 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
VoVo Pw afgewezen. Niet aannemelijk dat aantal loonbetalingen van pizzeria door vergissing in Suwinet zijn opgenomen. Dat betalingen niet op bankafschriften zijn aangetroffen maakt dat niet anders. Verzoeker is ook drie maal werkend aangetroffen in pizzeria.
Verweerder heeft de aanvraag van eiseres om toepassing van artikel 64 Vw afgewezen omdat zij volgens het advies van Bureau Medische Advisering (BMA) in staat is om te reizen en er op korte termijn geen medische noodsituatie wordt verwacht bij terugkeer naar het land van herkomst.
Artikel 64 van de Vreemdelingenwet; feitelijke toegankelijkheid; artikelen 5 en 6, vierde lid, Terugkeerrichtlijn; artikelen 1, 4 en 7 Handvest van de grondrechten van de Europese Unie De rechtbank is van oordeel dat in wat eiser heeft aangevoerd geen grond bestaat voor het oorde
Trefwoorden Evenementenvergunning / Keienfestival en oldtimershow Westerbork / geluidsaspecten buitenevenementen / norm 85 dB(A) / mate omgevingshinder per evenementencategorie gekoppeld aan frequentie van evenementen / geluidsnorm binnen grenzen redelijke beleidsbepaling / geen
Afgifte document artikel 9, eerste lid, Vw, relatie beëindigd toch belang i.v.m. beroep voortgezet verblijf huiselijk geweld, herhaalde aanvraag, geen nova, ogg Beroep tegen een besluit op bezwaar tegen de afwijzing van een aanvraag tot het verlenen van een document waaruit recht
In het bestreden besluit heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd bij zijn partner afgewezen, omdat eiser niet in het bezit is van een mvv. Eiser voert aan dat verweerder hem ten onrechte geen vrijstelling va
Tussenuitspraak, intrekking verblijfsvergunning, inreisverbod 10 jaar, openbare orde, strafmaatadvies Openbaar Ministerie niet inzichtelijk.
Aanvraag gezinsleven op grond van 8 EVRM en aanvraag om opheffing inreisverbod zijn beiden afgewezen. Eiser is bij vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel van 10 juni 2010 veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar vanwege een drugsdelict. Vanwege dat misdrijf
Voorlopige voorziening. KB-Luxzaak. Inspecteur is gerechtigd hangende het hoger beroep een civiel kort geding te entameren. Inspecteur is niet gerechtigd buiten de rechter om zijn informatiebevoegdheden ex art. 47 AWR uit te oefenen.
verzoek vrijstelling griffierecht; procesbelang Verzoeker verzoekt om vrijstelling van de verplichting tot betaling van het griffierecht. Hij stelt daartoe slachtoffer te zijn van mensenhandel, onrechtmatig in Nederland te verblijven, niet te beschikken over inkomsten en niet te
Voorlopige voorziening. Opvolgende asielaanvraag. Aan verzoeker is een besluit in de zin van artikel 3.1 van het Vreemdelingenbesluit opgelegd. In dit besluit is niet gemotiveerd waarom er geen sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden. Dit “voorlopig oordeel” kan dan ook nie
Regulier, intrekking verblijfsvergunning en aanvraag verlenging afgewezen in verband met wijziging identiteit Met verweerder is de rechtbank van oordeel dat het beroep van eiseres op het rechtszekerheids- en het vertrouwensbeginsel niet slaagt. Eiseres is immers bij brief van 13
Afwijzing aanvraag tot verlenging van verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd en intrekking verleende vergunning met terugwerkende kracht, onjuiste gegevens, middelenvereiste Op grond van artikel 19 Vreemdelingenwet 2000 (Vw), in samenhang met artikel 18, eerste lid, aanhef en
8 EVRM; standstillbepaling en mvv-vereiste; motiveringsgebrek; 6:22 Awb De rechtbank oordeelt dat, gelet op de uitspraak van de Afdeling van 30 april 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:1621), waarbij het arrest van het HvJ van 7 november 2013 (Demir) is betrokken, de standstillbepaling van a
inreisverbod met duur tien jaar in verband met toepasselijkheid van artikel 1(F) van het Vluchtelingenverdrag. Tegenwerping artikel 1 (F) staat in rechte vast; thans geen nova. Niet duurzaam onuitzetbaar op grond van artikel 3 EVRM; verblijf in derde land. Terugkeerrichtlijn en
Kern: afwijzing van een aanvraag tot afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid van de Vreemdelingenwet. Vermoeden van schijnrelatie. Indicatoren voor nader onderzoek. De rechtbank dient te beoordelen of verweerder de in de tussenuitspraak van 4 maart 2014 verm
Overgangsregeling langdurig in Nederland verblijvende kinderen (kinderpardonregeling). Eiseres was op de startdatum van de peilperiode niet jonger dan 21 jaar. Het onderscheid naar leeftijd dat met de regeling wordt gemaakt, is gerechtvaardigd. Verweerder heeft in een aantal geva
herhaalde aanvraag; artikel 1(F) Vluchtelingenverdrag; Somalië; terugkeerbesluit/inreisverbod Eiser heeft eerder aanvragen ingediend om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. In de eerste procedure is artikel 1F op eiser van toepassing geacht. Eiser voert aan dat het o
“Aanvraag afgifte document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Schijnrelatie. Zoals volgt uit paragraaf 4.2 van de richtsnoeren (COM 2009, 313) inzake richtlijn 2004/38, zijn systematische controles van aanvragen als de onderhavige verboden, maar m
Einduitspraak na tussenuitspraak. Inreisverbod voor de duur van drie jaren. Belangen van het kind. Verweerder heeft het in de tussenuitspraak vermelde gebrek niet hersteld. Verweerder heeft immers nog steeds niet gemotiveerd waarom een inreisverbod voor een periode van tien jaren
Als uitgangspunt heeft te gelden dat, in geval de geadresseerde stelt dat het verzonden stuk niet is ontvangen, het op de weg ligt van de indiener de verzending aannemelijk te maken. Wanneer een bezwaar- of beroepschrift niet aangetekend is verzonden, draagt de indiener in begins
B9, toerekenen gedrag moeder aan dochter. Aanvraag van moeder voor wijziging van de beperking van de aan haar verleende verblijfsvergunning regulier onder de beperking “als genoemd in B (Vc oud” in “voortgezet verblijf” en aanvraag van de dochter tot verlenging van de aan haar ve
De Afdeling heeft in een uitspraak van 22 juni 2010 (ECLI:NL:RVS:2010:BN2265), ten aanzien van het betoog van de vreemdeling in die zaak dat de staatssecretaris ten onrechte niet de glijdende schaal van artikel 3.86 Vb heeft toegepast zoals dat luidde ten tijde van de inbreuk op
De rechtbank vernietigt het terugkeerbesluit omdat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de vertrektermijn is verkort naar nul dagen. Hoewel verweerder kan worden gevolgd in zijn standpunt dat uit de opheffing van de bewaring niet zonder meer volgt dat aan eiser geen te