Weigering uitstel van vertrek. Beroep op onveilige behandelomgeving. De verklaring van eisers behandelaar is, anders dan de door verweerder overgelegde verklaring van de behandelaar in de zaak van de uitspraak van de Afdeling van 17 april 2012, 201107896/1, wel toegespitst op het
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:74 Awb
Genoemd in 896 uitspraken · Officiële wettekst
896 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Verweerder wijst op een uitspraak van de Afdeling van 1 juni 2012 (201200584/1) en stelt dat er procesbelang is. Daarnaast wijst verweerder op een uitspraak van de Afdeling van 17 december 2008 (LJN BG9491). Uit de hiervoor genoemde uitspraak van 17 december 2008 blijkt weliswaar
Beoordeeld dient te worden of de gevolgen voor eiseres bij het niet verlengen en intrekken van de verblijfsvergunning niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het middelenvereiste te dienen doelen. Eiseres heeft in dit kader aangevoerd dat verweerder in de belangenafweging
De rechtbank is van oordeel dat verweerder het verblijfsverleden van familieleden van eisers in Nederland niet zonder nadere motivering heeft kunnen betrekken bij de beoordeling of tijdige terugkeer van eisers naar China is gewaarborgd. De rechtbank acht hierbij van belang dat de
Eiseres heeft in beroep betoogd dat thans nog niet vaststaat dat eiseres een valse aangifte heeft gedaan, nu haar strafzaak nog niet is afgerond en op haar verzoek nog getuigen zullen worden gehoord. Verweerder had dan ook niet, aldus eiseres, zonder eiseres te horen, mogen afgaa
Bij de beoordeling is van belang dat sprake is van een belastend besluit waarbij de bewijslast dat sprake is van een verbreking van de (huwelijks)relatie vooreerst bij verweerder ligt. De Rb. stelt vast dat eiseres sinds haar binnenkomst in Nederland op hetzelfde GBA-adres als re
gegrond, visumaanvraag; toetsen aan artikel 20 VWEU De rechtbank constateert dat de Vw, zoals die thans luidt, niet voorziet in een situatie als de onderhavige, waar het verblijfsrecht rechtsreeks kan voortvloeien uit artikel 20 van het VWEU. Na het arrest inzake Zambrano is de N
Ongewenstverklaring: Uit artikel 68 Vw en ook uit de overige ter zake doende bepalingen, waaronder artikel 6.6 Vb en het beleid in paragraaf A5/10.4 Vc, volgt naar het oordeel van de rechtbank dat een ongewenstverklaring door verweerder enkel kan worden opgeheven indien door de v
De Rb. stelt vast dat eiser voorafgaand aan het inreisverbod niet is gehoord over de uitvaardiging van dat verbod noch over de duur daarvan. De Rb. kan deswege niet vaststellen of eiser kenbaar heeft gemaakt dat al dan niet sprake is van humanitaire of andere redenen welke aanlei
Eiseres heeft bij haar aanvraag in 2005 een ongehuwdverklaring overgelegd, terwijl eiseres op dat moment niet ongehuwd was. De vraag is of daarmee sprake is van het verstrekken van onjuiste gegevens, dat ten tijde van de intrekking van de verleende verblijfsvergunning aan eiseres
gegrond, schending hoorplicht; verblijfsvergunning ivm studie ten onrechte ingetrokken Samenvatting: Verweerder heeft het bezwaar van eiser niet zonder nader onderzoek kennelijk ongegrond kunnen verklaren. Gelet daarop, is de hoorplicht neergelegd in artikel 7:2 Awb geschonden. N
Inreisverbod voor de duur van tien jaar Verweerder heeft eiser niet mondeling gehoord alvorens een inreisverbod uit te vaardigen en uit het bestreden besluit blijkt niet noch is daar uit af te leiden waarom verweerder hiervan heeft afgezien en op welke wijze door verweerder dan i
Nu in de onderhavige zaak, naar niet in geschil is, sprake is van ongeschoolde arbeid ziet de rechtbank zich, gelet op het vorenstaande, voor de vraag gesteld of op grond van de door eiseres verrichte wervingsinspanningen moet worden aangenomen dat geen sprake is van PGA. In dit
De TWV’s zijn aangevraagd voor ongeschoolde arbeid, waarvoor op grond van vaste jurisprudentie prioriteitgenietend aanbod (hierna: PGA) aanwezig moet worden geacht. (…) Nu in de onderhavige zaak, naar niet in geschil is, sprake is van ongeschoolde arbeid ziet de Rb. zich, gelet o
Het geschil spitst zich toe op de vraag of verweerder de aanvraag van eiseres terecht heeft afgewezen op grond van het ontbreken van een geldige mvv. Gelet op hetgeen eiseres heeft aangevoerd, moet allereerst worden onderzocht of het Unierecht in de weg staat aan het tegenwerpen
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor het doel “gezinsleven conform art. 8 EVRM”. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen. In het besluit is eiser tevens ongewenst verklaard. De Rb. is van oordeel dat verweerder de belangen van de overige gezinsleden van eiser, en met name de ki
Eisers stelling dat hij de status van geprivilegieerde heeft, volgt de rechtbank niet. Blijkens de door eiser overgelegde verklaring heeft eiser van 1 september 2008 tot 10 september 2010 gewerkt voor het [naam]. Ingevolge paragraaf B12/3.1.2 Vc komt de geprivilegieerden-status t
Aanvraag om afgifte van een document waaruit het rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Partijen zijn verdeeld over de vraag of is aangetoond dat referente ongehuwd is. De rechtbank volgt verweerde
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder met de hiervoor weergegeven motivering in het bestreden besluit niet deugdelijk gemotiveerd waarom in het onderhavige geval, gelet op de omstandigheid dat eiser is ontslagen van alle rechtsvervolging en hij derhalve door de straf
Beroep gegrond, medische behandeling, nierfalen, BMA onvoldoende inzichtelijk Niet in geschil is dat bij het uitblijven van een behandeling, eiser in een medische noodsituatie terecht zal komen aangezien hij vier maal per week een dialyse wegens nierfalen nodig heeft. Gelet op de
De rechtbank stelt vast dat bij belastende beschikkingen, als het bestreden besluit, het aan verweerder is om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor het beëindigen van het verblijf en ongewenstverklaring wordt voldaan. Hieruit volgt dat het niet op de weg van eiser ligt om aan
De rechtbank stelt vast dat het argument van verweerder met betrekking tot de werkwijze van het BMA in het besluit in primo noch in het besluit op bezwaar is genoemd ter onderbouwing van verweerders standpunt dat er geen BMA-advies kon worden ingewonnen. In beide besluiten heeft
Bekendmaking besluit / termijnoverschrijding / verschoonbaarheid / gemachtigde Niet in geschil is dat het bezwaarschrift niet binnen de daarvoor geldende termijn van vier weken is ingediend. In geschil is of de termijnoverschrijding verschoonbaar is. De rechtbank is van oordeel d
Eiseres, van Ghanese nationaliteit, heeft een Nederlands kind en een Ghanees kind uit een relatie met een ex-partner van Nederlandse nationaliteit en wordt het ontbreken van een mvv tegengeworpen bij afwijzing aanvraag verblijfsvergunning 'uitoefenen gezinsleven conform art. 8 EV
: Richtlijn 2004/38, artikel 72, derde lid, Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank stelt vast dat niet in geschil is dat het plaatsen van de verblijfssticker geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Dat geen sprake is van een feitelijke handeling als bedoe