Genietingsmoment optierechten: tijdstip waarop het desbetreffende recht inhoudelijk volledig is bepaald en kan worden uitgeoefend, nadat een daarop betrekking hebbend aanbod door de werknemer is aanvaard (wilsovereenstemming). Bewijsregels strafzaken en belastingzaken: dat de str
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:73 Awb
Genoemd in 825 uitspraken · Officiële wettekst
825 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 21 · live
Wraking wegens vooringenomenheid en partijdigheid. Verzoek afgewezen.
winkeltijdenwet, zondagopenstelling, schaarse ontheffing
In geschil is het antwoord op de vraag of de werkelijke leiding, en daarmee de fiscale vestigingsplaats, van eiseres zich op Curaçao heeft bevonden.
Proceskostenvergoeding. Stelling belanghebbende dat sprake is van bijzondere omstandigheden die vergoeding werkelijke kosten rechtvaardigen, verworpen. Door belanghebbende geclaimde salariskosten komen reeds niet voor vergoeding in aanmerking omdat zij niet op hem hebben gedrukt.
Inspecteur stelt het door de Hoge Raad in zijn arrest van 15 april 2011, LJN BN6324, verlangde bewijs niet te kunnen leveren voor de navorderingsaanslagen VB; zodat de navorderingsaanslagen tot en met 1998 worden verminderd met de daarin begrepen verhogingen en de boetebeschikkin
Toepassing meerderheidsregel bij vermakelijkheidsretributie te water van de gemeente Amsterdam.
Verzoek om schadevergoeding in verband met onrechtmatige vervallenverklaring van toeslagrechten
Eiseres heeft in december 2000 van haar dga de economische eigendom van een pakket aandelen in een internetbedrijf verworven voor £ 6 per aandeel. Deze aandelen waren door de dga in juli 2000 gekocht voor £ 0,40 per aandeel. In 2001 heeft eiseres deze aandelen afgewaardeerd tot £
Schadeverzoek na alsnog afgegeven verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen in de categorie B. Eerder geweigerd wegens een bewustzijnsstoornis minder dan één jaar geleden. Ten aanzien van de gevraagde schadevergoeding inzake de loonderving ontbreekt het cau
Een verdergaande matiging dan de matiging volgens de tabel opgenomen in de Uitgangspunten van het Hof, zoals opgenomen in LJN BJ1298, is gerechtvaardigd op grond van - zich in casu niet voordoende - bijzondere omstandigheden.
Grieven die vanaf het jaar 2002 hadden kunnen worden aangevoerd, doch eerst na de sluiting van het onderzoek in 2011 zijn aangevoerd, worden buiten beschouwing gelaten.
KB-Lux: Na uitspraak inzake de navorderingsaanslagen IB/PV en tussenuitspraak inzake navorderingsaanslagen VB, is geen ruimte meer voor grieven die hadden kunnen worden aangevoerd voordat die (tussen)uitspraak werd gedaan.
Onrechtmatige daad. Schade door ontslag na besluiten (houdende aanwijzingen) van DNB en AFM, welke besluiten later door CBb zijn herroepen. Geen aansprakelijkheid DNB en AFM voor schade geleden na in strafzaken gewezen vonnissen waarin veroordeling benadeelden ter zake van overtr
KB-Luxrekening wordt ontkend. Saldo op 31 januari 1994 is ƒ 70.000. De omvang van het vermogen zoals dat op 31 januari 1994 bekend was, sluit niet uit dat dit vermogen in de jaren voorafgaand aan 1993 en de jaren volgend op 1994 zoveel lager was dat de daaruit genoten rente-inkom
Beslissing overeenkomstig HR 28 oktober 2011, nr. 10/02166, LJN BP3068. Art. 7:1a Awb. Prorogatie toegestaan uit overwegingen van proceseconomie hoewel niet aan alle [wettelijke] voorwaarden is voldaan.
Beslissing overeenkomstig HR 28 oktober 2011, nr. 10/02166, LJN BP3068.
Art. 13, 30j en 65 AWR. Art. 3:4, 6:2, letter b, en 6:12, lid 1 (tekst tot 1 oktober 2009) Awb. Vergoeding van heffingsrente wegens handelen in strijd met het evenredigheidsbeginsel. Zelfde beslissing als in HR 28 oktober 2011, nr. 10/02166.
Eiser heeft voor de beslissing op bezwaar een verzoek om proceskosten gedaan. In de Awb wordt geen onderscheid gemaakt tussen verzoeken om forfaitaire en integrale vergoeding. In casu geen grond voor integrale pkv nu geen sprake is van verregaande mate van onzorgvuldigheid of te
Art. 13, 30j en 65 AWR. Art. 3:4 Awb. Opleggen van een nadere voorlopige aanslag tot een negatief bedrag is mogelijk. Keuze is aan inspecteur. Rentenadeel dat door deze keuze ontstaat moet worden vergoed op grond van het evenredigheidsbeginsel. Art. 6:2, letter b Awb. Bezwaar mog
Art. 28, lid 5 IW 1990. Belastingaanslag is ook in meer dan één termijn invorderbaar indien die aanslag met het oog op de betalingskorting in één keer wordt betaald.
Art. 13, 30j en 65 AWR. Art. 3:4 Awb. Opleggen van een nadere voorlopige aanslag tot een negatief bedrag is mogelijk. Keuze is aan inspecteur. Rentenadeel dat door deze keuze ontstaat moet worden vergoed op grond van het evenredigheidsbeginsel.
Art. 13, 30j en 65 AWR. Art. 3:4 Awb. Opleggen van een nadere voorlopige aanslag tot een negatief bedrag is mogelijk. Keuze is aan inspecteur. Rentenadeel dat door deze keuze ontstaat moet worden vergoed op grond van het evenredigheidsbeginsel.
Art. 27o en 27p AWR. Art. 8:75 Awb. Ongegronde klachten in hoger beroep. Hof constateert ambtshalve dat redelijke termijn is overschreden en vermindert daarom de boete. Onjuist dictum. Geen vergoeding griffierecht en geen proceskostenveroordeling.
Belanghebbende heeft zijn onderneming verkocht en een deel van de verkoopsom gestort op een depot bij de notaris. Belanghebbende heeft onder meer over de fiscale afwikkeling van het depot een vaststellingsovereenkomst gesloten met de inspecteur. De rechtbank houdt belanghebbende