Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet bepaalde aantal rechters (art. 5 RO). Verhaal van onderzoekskosten op bestuurders (art. 2:354 BW): ook door vakbond? Verwijtbaarheid bestuurder vereist? Samenhang met zaak 16/005
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:67 Awb
Genoemd in 22 uitspraken · Officiële wettekst
22 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Beslissing op verzoeken tot wraking van rechters die hebben geweigerd bestuursrechtelijke beroepschriften van verzoeker in behandeling te nemen. Een verzoek is te laat gedaan. T.a.v. tweede verzoek kan de wrakingskamer niet de ontvankelijkheid vaststellen terwijl verzoeker zichze
Ongemotiveerde uitspraak op een verzet; strijd met artikel 8:77, lid 1, Awb.
Box 3-heffing 2014 en 2015. De rechter kan voor deze jaren niet voorzien in het rechtstekort. Geen sprake van een individuele en buitensporige last. Griffierecht. Twee afzonderlijke uitspraken. Mondelinge uitspraak in de zin van 8:67 Awb. Geen sprake van een verzoek om ambtshalve
Box 3-heffing. De rechter kan voor de jaren 2014, 2015 en 2016 niet voorzien in het rechtstekort. Geen sprake van een individuele en buitensporige last. De vraag of de box 3-heffing voor de jaren 2017 en 2018 onrechtmatig is, komt aan de orde in procedure tegen de betreffende aan
Verzoeker heeft een verzoek tot wraking ingediend tegen de rechters in de zaken 22/820 en 22/822. Hij meent dat het de rechters aan onpartijdigheid ontbreekt en dat zij feitelijk partij hebben gekozen voor verweerder, het college van B&W van de gemeente Utrecht. In de kern verwij
Bij besluit van 11 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Purmerend geweigerd om aan [appellant] een uittreksel te verstrekken uit de basisregistratie persoonsgegevens van de adresgegevens van zijn kinderen. Op 7 juni 2019 heeft [appellant] het college ver
Artikelen 8:104 Awb, 8:67 Awb en 6:5 Awb en artikel 16 AWR . Ontvankelijk beroep en hoger beroep. Door aan de Inspecteur onjuiste inlichtingen te verstrekken dan wel hem de juiste inlichtingen te onthouden is bij uitspraak op bezwaar een te hoge vermindering verleend. Kwade trouw
Artikel 20, lid 3, AWR; naheffingsaanslag tijdig ter post bezorgd en tijdig vastgesteld; BTW-identificatienummer; gesloten stelsel van rechtsmiddelen; vergoeding van immateriële schade; verzoek om teruggaaf bij suppletie.
Bopz, procesrecht. Machtiging voortzetting inbewaringstelling. Doorbreking rechtsmiddelverbod van art. 29 lid 5 Wet Bopz, essentiële waarborg? Mondelinge uitspraak ter zitting; strijd met art. 30p Rv? HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:650.
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00123, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00124. Het geschil in cassatie betreft de vraag tot welk bedrag erflater/belanghebbenden recht had/hebben op aftrek van buitengewone uitgaven. Erflater was ten gevol
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 17/00124, alsmede in de samenhangende zaak met nummer 17/00123. Het geschil in cassatie betreft de vraag tot welk bedrag erflater/belanghebbenden recht had/hebben op aftrek van specifieke zorgkosten. Erflater was ten gevol
Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet bepaalde aantal rechters (art. 5 RO). Verhaal van onderzoekskosten op commissarissen (art. 2:354 BW): ook door vakbond? Verwijtbaarheid commissaris vereist? Samenhang met zaak 16
Verzoeker heeft een verzoek tot wraking ingediend tegen de rechter in de zaak 21/4461. Hij meent dat het de rechter aan onpartijdigheid ontbreekt, doordat zij al 15 zaken onterecht ten nadele van verzoeker en ten gunste van verweerder, het college van B&W van de gemeente Utrecht
“Beroep tegen oplegging van het huisverbod ongegrond verklaard. Verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken. De rechtbank is van oordeel dat het besluit tot het opleggen van het huisverbod voldoende is gemotiveerd en dat ten tijde van het opleggen van het huisverbod sprake was
Procesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor mondelinge uitspraken.
Accountantstuchtrecht. Ontvankelijkheid hoger beroep. De termijn voor het instellen van hoger beroep is aangevangen de dag na de dag waarop de mondelinge uitspraak van de accountantskamer is bekendgemaakt. Als zodanige bekendmaking merkt het College niet, zoals de voorzitter van
Verzoek om opheffing voorlopige voorziening afgewezen; verkeerd dictum doorgegeven door griffiemedewerker; Geen reden voor wijziging juiste schriftelijke uitspraak; Belangenafweging leidt niet tot opheffing getroffen voorlopige voorziening.
-
-
-
-