Verweerder heeft aangegeven het in de tussenuitspraak van 10 maart 2015 geconstateerde gebrek te willen herstellen en heeft bij brief van 28 mei 2015 het bestreden besluit aangevuld en een op 13 juni 2013 opgemaakt reclasseringsrapport betreffende eiser overgelegd. Uit dit rappor
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:57 Awb
Genoemd in 179 uitspraken · Officiële wettekst
179 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Weigering WIA-uitkering toe te kennen omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is. Voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing. De geselecteerde functies zijn passend voor appellant.
einduitspraak na tussenuitspraak, motiveringsgebrek hersteld, hardheidsclausule, Wazo-uitkering, hoogte kan niet op een andere manier worden uitgerekend
Wav einduitspraak.
Op 11 juni 2015 heeft de rechtbank in deze zaak een tussenuitspraak gedaan. In deze uitspraak heeft de rechtbank verweerder de gelegenheid gegeven om het gebrek in het besluit op bezwaar te herstellen. De door verweerder in het primaire besluit genoemde aspecten zijn naar het oor
einduitspraak na tussenuitspraak; taalanalyse; vergewisplicht Verweerder heeft zich in de reactie op de tussenuitspraak primair op het standpunt gesteld dat aan het bestreden besluit geen gebrek kleeft. Subsidiair stelt verweerder zich op het standpunt dat het gebrek met de in de
einduitspraak, gebrek niet hersteld, herhaalde asielaanvraag, geloofwaardigheid bekering De rechtbank is van oordeel dat verweerder in het aanvullend besluit, naar aanleiding van de in de tussenuitspraak van 24 december 2014 (ECLI:NL:RBDHA:2013:18615), nog steeds niet heeft toege
Einduitspraak na tussenuitspraak. Inreisverbod voor de duur van drie jaren. Belangen van het kind. Verweerder heeft het in de tussenuitspraak vermelde gebrek niet hersteld. Verweerder heeft immers nog steeds niet gemotiveerd waarom een inreisverbod voor een periode van tien jaren
De rechtbank heeft op 17 mei 2013 in onderhavige zaak een tussenuitspraak gedaan waarin verweerder, conform artikel 8:51a, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid is gesteld het in de tussenuitspraak geconstateerde gebrek te herstellen. Nu verweerder het geconst
De rechtbank is van oordeel dat verweerder het in rechtsoverweging 8.4 van de tussenuitspraak vastgestelde gebrek heeft hersteld, maar niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat in de op eiser van toepassing zijnde refoulementverboden geen ‘andere redenen’ zijn gelegen als bedoeld in
Vergoeding van proceskosten; geen aanleiding af te wijken van forfaitaire bedragen
Nu verweerder het in de tussenuitspraak geconstateerde motiveringsgebrek niet wenst te repareren, mist het bestreden besluit, gelet op de tussenuitspraak, een deugdelijke motivering. De rechtbank zal het beroep derhalve, onder verwijzing naar de rechtsoverwegingen opgenomen in de
Uitspraak na tussenuitspraak, 8 EVRM Onder verwijzing naar hetgeen in de tussenuitspraak is overwogen, waarin is geoordeeld dat de ongewenstverklaring van eiser een inmenging op het recht van gezinsleven van eiser en zijn gezin is, ziet de rechtbank in het primaire standpunt van
Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de aangevoerde omstandigheden, zoals hiervoor weergegeven, in redelijkheid niet hoeven aanmerken als bijzondere omstandigheden in de zin van het beleid, zoals neergelegd in A5/4.1 Vc en heeft verweerder hierin derhalve geen aanle