Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Algemene wet bestuursrecht

Art. 8:55 Awb

Genoemd in 565 uitspraken · Officiële wettekst

565 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live

ECLI:NL:HR:2021:966 79 × geciteerd
Hoge Raad · 18-06-2021 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Procesrecht; art. 8:54 en art. 8:55 Awb; art. 47 Handvest en art. 6 EVRM; mogelijkheid voor de bestuursrechter om uitspraak te doen zonder de belanghebbende op een zitting te horen; effectieve rechterlijke bescherming van de rechten van verdediging.

ECLI:NL:PHR:2013:643 4 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 26-07-2013 · Bestuursrecht; Belastingrecht

A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/04639 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te Leeuwarden van 25 september 2012, nr. 12/00046. De uitspraak van het Hof waartegen beroep in cassatie is ing

ECLI:NL:PHR:2022:458 2 × geciteerd
Parket bij de Hoge Raad · 13-05-2022 · Bestuursrecht; Belastingrecht

A-G Niessen heeft een conclusie genomen inzake een geschil over de vraag of het lid van de enkelvoudige kamer dat in eerste instantie over de zaak heeft beslist, ook het verzoek tot herziening van die uitspraak in behandeling mocht nemen. Daarnaast is in geschil of het verzoek to

ECLI:NL:GHDHA:2021:988 1 × geciteerd
Gerechtshof Den Haag · 18-05-2021 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Artikel 3.41 Wet IB 2001, berekening KIA conform de arresten van de HR van 1 mei 2020, ECLI:NL:HR:2020:825 t/m 828. Artikel 7:15 lid 2, Awb, geen recht op een kostenvergoeding in bezwaar, aangezien geen sprake is van een aan de Inspecteur te wijten onrechtmatigheid. De grief tege

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D

Rechtbank Midden-Nederland · 13-07-2026 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Uit de beoordeling van de gronden van het verzet volgt dat de rechtbank in de uitspraak van 23 december 2025 terecht heeft geoordeeld dat het beroep kennelijk, dus buiten redelijke twijfel, ongegrond was en de zaak terecht zonder zitting heeft afgedaan. Het verzet is ongegrond. D