Verschoningsrecht art. 52 Wjsg en art. 67 AWR. Vervolg op HR 07-09-18, ECLI:NL:HR:2018:419.
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:42 Awb
Genoemd in 1.259 uitspraken · Officiële wettekst
1.259 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Douanerecht. - is het beginsel van eerbiediging van de rechten van de verdediging geschonden en zo ja, dient dit te leiden tot vernietiging van de utb’s? - heeft de inspecteur voldaan aan de op de voet van artikel 7:4 Awb en artikel 8:42 Awb op hem rustende verplichting om alle o
Belanghebbende heeft in de periode van 2 oktober 2007 tot en met 13 maart 2008 vier aangiften gedaan voor het in het vrije verkeer brengen van spaarlampen. In deze aangiften heeft zij Thailand als land van oorsprong aangegeven. Het Department of Foreign Trade van het Ministry of
Vennootschapsbelasting. Winstcorrectie ter zake van inkoopkortingen terecht? Bewijslastverdeling.
Art. 35 IW 1990; art. 49, lid 5, AWR; art. 8:42 Awb. Het schoonmaken van gebouwen is een werk van stoffelijke aard. Bescheiden waarin de in artikel 49, lid 5, Awb bedoelde gegevens zijn opgenomen behoren tot op de zaak betrekking hebbende stukken als bedoeld in artikel 8:42 Awb.
Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Widdershoven over de bestuurlijke boete die de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft opgelegd aan een Litouwse transportonderneming. Uit onderzoek van FNV blijkt dat dit bedrijf de regels over de rusttijden niet altijd volgt. D
Aanslagen IB/PVV 2015, 2016 en 2017. Geen schending hoorplicht. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Vereiste aangifte niet gedaan; bewijslast omgekeerd en verzwaard. Geen buitenlandse woonplaats echtgenoot. Redelijke schatting; geen dubbele heffing en terecht geen rekening ge
Aanslagen IB/PVV 2015, 2016 en 2017. Geen schending hoorplicht. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Vereiste aangifte niet gedaan; bewijslast omgekeerd en verzwaard. Geen buitenlandse belastingplicht. Redelijke schatting; geen dubbele heffing en terecht geen rekening gehouden
Artt. 6:17, 7:4, lid 4, 8:42 en 8:115, lid, letter b, Awb, artt. 17, lid 2, 30a, lid 2 en 4, 40, lid 2, Wet WOZ, art. 19, lid 1, VEU en artt. 6 en 13 EVRM. Art. 19, lid 1, VEU niet van toepassing. Belangenafweging bij afwijzing van het verzoek om uitstel van de zitting bij de Rec
Art. 15.33 Wet Milieubeheer. Art. 216 Gemeentewet. Art. 15.33 Wbm eist geen recht evenredig verband tussen de lasten en de hoeveelheid afvalaanbod van 1, 2 en 3 of meerpersoonshuishoudens. Tarieven afvalstoffenheffing 2022 Zoetermeer voor 1 persoons-, 2 persoons- en 3 persoons- o
WOZ. Woning. Eigen verkoopprijs.
Navorderingsaanslagen IB/PVV 2010 en 2011. Op de zaak betrekking hebbende stukken. Voortvarendheid. Geen dubbeltelling reeds aangegeven inkomen voor werkzaamheden in Duitsland in navorderingsaanslag IB/PVV 2010. Art. 10, lid 2, onder 3, van het Belastingverdrag Nederland-Duitslan
Inkomstenbelasting, box-3 heffing, hoorplicht, compromis. Belanghebbende is het niet eens met de aan hem opgelegde IB-aanslagen 2014 - 2020. Zijn klachten zien onder andere op de omvang van de box-3 heffing, schending van zijn hoorrecht en bevoegdheid van de rechtbank. Ook meent
WOZ-waarde woning.
WOZ-waarde; modelmatige waardebepaling; derde belanghebbende; overleggen stukken
In geschil is de woz-waarde van een tweetal werkplaatsen met kantoorruimten en tevens of sprake is van schending van artikel 8:42 Awb. Het hof constateert vooraf dat gemachtigde in hoger beroep misbruik heeft gemaakt van de mogelijkheid van het beroep op betalingsonmacht. Vervolg
Ondanks het niet verstrekken van de secundaire objectgegevens in de bezwaarfase leidt dit, vanwege de gemaakte werkafspraken tussen belanghebbende en de heffingsambtenaar, niet tot een proceskostenvergoeding.
Art. 52a AWR. Project Debet-Creditcards. Rekening bij BNP Paribas Zwitserland. De Inspecteur heeft terecht een informatiebeschikking gegeven voor nog op te leggen (navorderings)aanslagen IB/PVV 2005 t/m 2016. Belanghebbende heeft de Verklaring Vermogen Buitenland niet ingevuld, g
Belanghebbende was in 2020 eigenaar en gebruiker van de woning, gelegen in het Hoogheemraadschap Delfland. Aan belanghebbende zijn aanslagen in de watersysteemheffing gebouwd, de ingezetenenheffing en de zuiveringsheffing van het Hoogheemraadschap opgelegd. Geen sprake van schend
Invordering. Aansprakelijkstelling. Rechtmatigheid.
Invordering. Aansprakelijkstelling. Rechtmatigheid.
Artikel 5.19, lid 1, Wet IB 2001, waarde in het economische verkeer; artikel 16, lid 1, AWR, nieuw feit; artikel 11, lid 3, AWR, tijdigheid aanslag; artikel 8:42 Awb, op de zaak betrekking hebbende stukken; de hoorplicht; algemene beginselen van behoorlijk bestuur; dwangsom; scha
Artikel 47 AWR, informatiebeschikking; artikel 8:42 Awb, op de zaak betrekking hebbende stukken; de hoorplicht; algemene beginselen van behoorlijk bestuur; schadevergoeding ex artikel 8:73 Awb; vergoeding van immateriële schade; proceskostenvergoeding, beroepsmatig verleende rech
BPM. Afdoening diverse formele grieven. Bezwaar prematuur ingediend. Geen schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn, omdat financieel belang bij beslissing op bezwaar ontbreekt. Veroordeling belanghebbende in de reiskosten van de inspecteur, omdat belanghebbende in
Heroverweging van het bestreden besluit; op de zaak betrekking hebbende stukken; artikel 27e AWR vereiste aangifte. De Inspecteur maakt aannemelijk dat voor het jaar 2015 de vereiste aangifte niet is gedaan. De bewijslast is omgekeerd en verzwaard. Er is geen sprake van een redel