Artikel 6:6 en 8:24, lid 2 Awb; ontbreken van een machtiging op naam van en ondertekend door belanghebbende. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk. Het Hof komt niet toe aan de beoordeling van het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:24 Awb
Genoemd in 122 uitspraken · Officiële wettekst
122 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Artikelen 2:1, 6:6 en 6:24 Awb; bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging. Artikelen 24a en 25 AWR; de Heffingsambtenaar heeft ten onrechte op bezwaarschriften, die namens verschillende belastingplichtigen zijn ingediend, bij in één gesch
Artikel 6:6 en 8:24, lid 2 Awb; ontbreken van een machtiging op naam van en ondertekend door belanghebbende. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.
Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk, omdat de gesteld gemachtigde niet binnen de door het hof gestelde termijn stukken heeft overgelegd waaruit de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de ondertekenaar van de schriftelijke machtiging blijkt. Op de stukken die de ges
Dividendbelasting. Uit de in 2017 gegeven volmacht kan geen bevoegdheid tot het instellen van hoger beroep worden afgeleid. Ten aanzien van de latere, tijdens de beroepsfase door de indiener van het beroepschrift overgelegde machtigingen is het hof van oordeel dat niet aannemelij
Wet WOZ. Ontvankelijkheid bezwaar; tijdig rechtsgeldige volmacht overgelegd? Vergoeding van immateriële schade; bijzondere omstandigheden? Het Hof oordeelt dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard omdat niet tijdig een rechtsgeldige volmacht is overgelegd. De beslis
Wet WOZ. Ontvankelijkheid bezwaar; tijdig rechtsgeldige volmacht overgelegd? Vergoeding van immateriële schade; bijzondere omstandigheden? Het Hof oordeelt dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard omdat niet tijdig een rechtsgeldige volmacht is overgelegd. De beslis
OZB. Ontvankelijkheid beroep. Machtiging.
Deze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.
Artikel 6:6 Awb. Wanneer (onverplicht) een tweede mogelijkheid wordt geboden om een verzuim te herstellen, hoeft niet nogmaals op de mogelijke gevolgen van het niet-herstellen van het verzuim te worden gewezen.
Beroepsgerechtigde. Wanneer het beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat een geldige machtiging ontbreekt, is alleen de pretense gemachtigde gerechtigd tegen die beslissing (hoger) beroep in te stellen. Het hoger beroep is ingesteld door de betrokkene, maar uit een brief van d
Belanghebbende heeft op 8 juni 2017 voor de Nederlandse registratie van een uit Duitsland afkomstige personenauto, een Opel Corsa S-D, op aangifte € 204 aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen (bpm) voldaan. Bij uitspraak op bezwaar heeft de Inspecteur het bezwaar tege
De rechtbank heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard, omdat niet tijdig een juiste machtiging is overgelegd.
Namens betrokkene hebben twee gemachtigden afzonderlijk ven elkaar beroep ingesteld bij de rechtbank. Betrokkene wordt in de gelegenheid gesteld om aan te geven of het zijn bedoeling was zich door beide gemachtigden te laten bijstaan.
Machtiging. Proceskosten. Hoorplicht. De pretense gemachtigde die in hoger beroep procedeert over de machtiging, procedeert op eigen titel. Er is geen sprake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Geen proceskostenvergoeding bij vernietiging van de beslissing v
Volmachtverlening. De akte houdt niet een bijzondere volmacht in om in deze procedure beroep in te stellen. De kantonrechter kon het beroep van de pretense gemachtigde pas niet-ontvankelijk verklaren wegens het ontbreken van een deugdelijke machtiging na deze gemachtigde in geleg
beslissing inzake fictieve weigering om te beslissen op administratief beroep; dwangsom; geen misbruik van recht; reeds beslist op administratief beroep; voor aanspraak dwangsom ingebrekestelling doorslaggevend
beslissing inzake fictieve weigering om te beslissen op administratief beroep; geen misbruik van recht; reeds beslist op administratief beroep; weliswaar te laat maar gecompenseerd in de procedure; OvJ stuurt een beslissing voor meerdere betrokkenen.
Te dezen is in geschil het antwoord op de vraag of het beroepschrift ontvankelijk is.
Opposante heeft in het verzetschrift, samengevat weergegeven, aangevoerd dat de rechtbank haar ten onrechte heeft voorgehouden dat een machtiging moest worden overgelegd, nu deze eis niet op artikel 6:5 Awb is terug te voeren.
Tussen partijen is in geschil het antwoord op de vraag of het belastbaar inkomen van belanghebbende juist is vastgesteld.