WOZ-zaak. De voor het eerst door belanghebbende ter zitting ingenomen stellingen zijn tardief. De heffingsambtenaar heeft naar het oordeel van het hof (ook in het licht van wat belanghebbende daartegenover heeft aangevoerd) aannemelijk gemaakt dat de waarde van de onroerende zaak
Algemene wet bestuursrecht
Art. 8:114 Awb
Genoemd in 29 uitspraken · Officiële wettekst
29 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
BPM. Vermindering (afschrijving).
Schadevergoeding; art. 6:119 BW; door de griffier ten onrechte geheven griffierecht; rentevergoeding voor de periode waarop het griffierecht is voldaan tot het tijdstip van terugbetaling.
Art. 14 EVRM; 1 EP EVRM; 3:4, lid 2 Awb. Verzoek uitstel zitting afgewezen door Rechtbank. Wet WOZ en OZB niet in strijd met het recht op ongestoord eigendom, noch met het verbod van discriminatie, noch met het evenredigheidsbeginsel. Berekeningswijze WOZ-waarde niet geheim gehou
Art. 30a, lid 4 en lid 5, Wet WOZ. De rechtbank heeft een proceskostenvergoeding toegekend in verband met de toepassing van artikel 6:22 Awb. Wegingsfactor 0,5. Waarde per punt. Het hof stelt de proceskostenvergoeding opnieuw vast. Verzoek om uitbetaling op rekening van de gemach
Watersysteemheffing. Het hof is van oordeel dat de rechtbank ten onrechte geen beslissing heeft genomen over de wettelijke rente. Voorts oordeelt het hof dat het beroep tegen de dwangsombeschikking niet-ontvankelijk is omdat niet voor het eerst in hoger beroep tegen die beschikki
Het hof is van oordeel dat niet aannemelijk is dat de opbrengstlimiet is overschreden en oordeelt verder over diverse stellingen van formele aard.
De inspecteur heeft terecht geen voorkoming van dubbele belasting verleend. Belanghebbende maakt geen feiten en omstandigheden aannemelijk die leiden tot de conclusie dat aan de voorwaarden voor voorkoming van dubbele belasting is voldaan.
Erfgename heeft een machtiging afgegeven met betrekking tot de WOZ-waarde per waardepeildatum 1 januari 2019. Zij overlijdt voordat de uitspraak op bezwaar is gedaan. De gemachtigde stelt namens haar beroep in. De rechtbank heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat de ma
Belasting van personenauto's en motorrijwielen; formeel recht; artt. 19 en 20 AWR; art. 8:75 Awb; artt. 1, 2, 4, lid 3, en 19 VEU; art. 110 VWEU; art. 47 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie; EVRM; Besluit proceskosten bestuursrecht; naheffing bpm ter zake va
Geen misbruik van recht. Weigering bijzondere bijstand voor woonkosten. De rechtbank heeft het beroep van appellante ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Ten tijde van het instellen van het hoger beroep was sprake van een reëel geschilpunt en had het instellen van het beroep
Ontvankelijkheid hoger beroep, machtiging verleend?
Geen grond voor het in aanmerking nemen van de door belanghebbende gestelde schuld in box 3. Belanghebbende heeft geen recht op persoonsgebonden aftrek wegens scholingsuitgaven van zijn echtgenote, nu deze uitgaven bij haar aftrekbaar zijn als ondernemingskosten.
WOZ 2022 woning. Schending hoor en wederhoor. Terugwijzing naar rechtbank.
Omzetbelasting; art. 8:41 en art. 8:114, lid 2, Awb; het Hof beslist dat het bij de Rechtbank betaalde griffierecht aan belanghebbende moet worden vergoed; te laag bedrag aan griffierecht in aanmerking genomen.
Het hof is van oordeel dat niet aannemelijk is dat de opbrengstlimiet is overschreden en oordeelt verder over diverse stellingen van formele aard.
Kostenvergoeding bezwaarfase. Punt 1 van onderdeel B2 van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht is niet in strijd met het discriminatieverbod van artikel 1 van de Grondwet of enig algemeen rechtsbeginsel.
Belanghebbende verzoekt bij suppletie om teruggaaf van omzetbelasting. Zij heeft ten onrechte omzetbelasting gefactureerd. Een suppletie is geen aangifte en het verzoek is, in dit geval, niet meer dan een verzoek om ambtshalve teruggaaf. Hiertegen staat geen bezwaar en beroep ope
In geschil is de woz-waarde van een dagrecreatiehal met horecafunctie en een casino. Tevens is in geschil of sprake is van schending van artikel 8:42 Awb en of – voor het vaststellen van de vergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn – sprake is van samenhangende za
In geschil is de woz-waarde van een winkel/kantoor/horecapand en of sprake is van schending van artikel 8:42 Awb. Het hof constateert vooraf dat gemachtigde in hoger beroep misbruik heeft gemaakt van de mogelijkheid van het beroep op betalingsonmacht. Vervolgens oordeelt het hof
Leges. Het hof oordeelt dat de opbrengstlimiet niet is overschreden en de aanslagen leges derhalve in stand blijven.
BPM. Vermindering (afschrijving).
Fiscaal procesrecht. Indien de uitspraak van de rechtbank eerst naar een onjuist adres is verzonden, dan is met het (nogmaals) toezenden van de uitspraak naar het juiste adres een nieuwe termijn voor het instellen van hoger beroep aangevangen. Volgt terugwijzing naar de rechtbank
Vergoeding kosten gemaakt in de bezwaarfase. Het Hof oordeelt dat belanghebbende ook recht heeft op een kostenvergoeding in de bezwaarfase, nu blijkt dat de WOZ-waarde onjuist is vastgesteld door de heffingsambtenaar.
Griffierecht, artikel 8:114 Awb