Art. 4:19 Awb; art. 26 en 65 AWR. Bij een beroep inzake een dwangsombeschikking is de rechter bevoegd die ook bevoegd is het beroep inzake het onderliggende besluit te behandelen. Geen bezwaar en beroep is mogelijk bij de bestuursrechter als het onderliggende besluit een ambtshal
Algemene wet bestuursrecht
Art. 7:1 Awb
Genoemd in 399 uitspraken · Officiële wettekst
399 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 21c, lid 1, art. 21j, lid 2, art. 21k, lid 2 AWR, art. 10 Wet LB 1964, art. 46 Zorgverzekeringswet (tekst 2009). Belastingrechter bevoegd m.b.t. vaststelling inkomensgegeven voorafgaande aan het opleggen van een definitieve aanslag inkomstenbelasting. Vergoeding door inhoudi
Art. 26a AWR Belanghebbende komt niet het recht toe op eigen naam beroep in te stellen tegen een uitspraak op een door een vof ingediend bezwaar.
A-G IJzerman heeft conclusie genomen inzake de belastingaanslagen opgelegd aan belanghebbende, een geliquideerde Curaçaose NV. Was duidelijk namens welke belanghebbende bezwaar en beroep is ingesteld? Wat is de ingangsdatum van de door de Inspecteur verbeurde dwangsommen wegens n
Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige bij pleegouders. Dienen de pleegouders toestemming te verkrijgen van de ouders met gezag dan wel de gecertificeerde instelling voor een uitstapje of vakanti
art. 26a(2) AWR-belanghebbende; niet eerst bezwaar gemaakt; art. 6:13 Awb; versoepeling verwijtbaarheidstoets?
Conclusie PG: A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tegen de uitspraak van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 5 juni 2012, nr. BK-11/00462, LJN BY7069. In geschil is of het Hof, als belastingrechter, bevoegd is kennis
Art. 77 Wet RO. Jurisdictiegeschil. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is bevoegd met betrekking tot beschikkingen die zijn genomen op grond van het Tijdelijk besluit tegemoetkoming buitengewone uitgaven.
Op 11 december 2003 heeft verweerder de Regeling tijdelijke vrijstelling gewasbeschermingsmiddelen eerste kwartaal 2004 (hierna: regeling) uitgevaardigd. De regeling is op 19 december 2003 in de Staatscourant gepubliceerd. Bij brief van 24 december 2003 heeft verzoekster bij verw
Ontvankelijkheid beroep. VOF is na ontbinding opgehouden te blijven voortbestaan, beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang. Appellant sub 2 was geen vennoot en geen geadresseerde bij het bestreden besluit, hij is niet aan te merken als belanghebbende. Zijn beroep is
Aanslag Vpb opgelegd aan een reeds ontbonden rechtspersoon, belanghebbende, met gelijktijdig vastgestelde verliesvaststellingsbeschikking van nihil. Het beroep dat is ingesteld door de gemachtigde namens de voormalige vereffenaar op naam van belanghebbende is ontvankelijk. De rec
A-G IJzerman heeft een vordering tot cassatie in het belang der wet ingesteld tegen het vonnis van de Kantonrechter, waarin deze is gekomen tot het oordeel dat de dwangsomregeling bij het niet tijdig geven van een beschikking op aanvraag, niet van toepassing is ten aanzien van ve
Aan verzoekster is een machtiging tot voorlopig verblijf verleend (mvv) voor verblijf bij haar echtgenoot in het kader van nareis. Zij heeft de Iraanse nationaliteit en verblijft in Noord-Irak. Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd hangende haar bezwaar tegen de w
Gevolgen van HR BNB 2012/69. Wettelijke rente ex art. 4:97 Awb over tardieve heffingsrente? Welke rechter? Bestuursrechtelijke geldschuld? Verzuim? Geldt in het belastingrecht een ‘andere regeling’ die afdeling 4.2.2 Awb uitschakelt? Feiten: Op 31 januari 2007 is aan de belangheb
Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000
Wet personenvervoer 2000 Concessie voor openbaar vervoer
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of belanghebbende als feitelijk bestuurder van een taxi is aan te merken, zodat hem mede het recht toekomt bezwaar te maken tegen de aan de B.V., als kentekenhouder, opgelegde naheffingsaanslagen in de parkeerbelasting. Formele a
Forensenbelasting. Moment van totstandkoming verhuurbemiddelingsovereenkomst, uitleg van die overeenkomst en moment van verschuldigd zijn van forensenbelasting. Omvang van het geschil in hoger beroep.
Het Hof geeft in de zaak uitleg aan de (on)bevoegdheid van de belastingrechter inzake verrekeningsbeslissingen van: de (i) ontvanger van de Belastingdienst en (ii) de Belastingdienst Toeslagen.
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van de beroepen in cassatie, over en weer, van [X] Beheer BV, belanghebbende, en de Staatssecretaris van Financiën, tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 juni 2017. Met dagtekening 15 maart 2014 is aan
Belanghebbende heeft te laat bezwaren ingediend tegen aanslagen forensenbelasting over de jaren 2008 tot en met 2014. Het Hof is met de rechtbank van oordeel dat hetgeen belanghebbende heeft aangevoerd geen reden oplevert voor een verschoonbare termijnoverschrijding als bedoeld i
Na intrekking van het merendeel van de beroepsgronden, resteert voor beide appellanten één beroepsgrond die gericht is tegen de inhoud van een Nadere Regel. Die bevat algemene regels die zorgaanbieders die onder de reikwijdte daarvan vallen in acht moeten nemen bij het leveren en
Verzoekster heeft op haar woning een meerwaardehypotheek. Bij vaststellen van het recht op een bijstandsuitkering heeft verweerder rekening gehouden met inkomsten uit de verkoop van obligaties. De voorzieningenrechter acht dit juist. Er is sprake van inkomen in de zin van artikel
Besluit aanwijzing benoemingsgerechtigde organisaties Commissie Varkenshouderij van het PVV 2003 (SER)
Intrekking exploitatievergunningen ten behoeve van prostitutie-inrichtingen. Verweerder heeft in onvoldoende mate onderzocht of de feiten zoals opgenomen in het BIBOB-advies de door bureau-BIBOB getrokken conclusies kunnen dragen.