art. 6 EVRM; undue delay in Mulderzaken; Het hof heeft zijn standpunt in deze heroverwogen. Geen beperking meer van de procedure in zijn totaliteit tot 24 maanden. Van de bestuurlijke en rechterlijke autoriteiten mag worden verwacht dat zij een zaak met de nodige voortvarendheid
Algemene wet bestuursrecht
Art. 7:16 Awb
Genoemd in 33 uitspraken · Officiële wettekst
33 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
De betrokkene noch haar gemachtigde is gehoord. Geen kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond beroep. Schending art. 7:16 Awb. Verzocht is om toezending van stukken. de officier van justitie heeft ten onrechte geen gevolg gegeven aan dit verzoek. Schending art. 7:18 Awb
De betrokkene en zijn gemachtigde zijn niet door de officier van justitie gehoord. Uit de beslissing van de officier van justitie blijkt niet dat er sprake is van een kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond beroep. Derhalve heeft de officier van justitie art. 7:16 Awb
art. 12a WAHV; art. 512 Sv.; art. 20 RVV 1990; art. 9, tweede lid, WAHV; Brief van de betrokkene van 5 januari 2004 is geen verzoek tot wraking hof; daargelaten of betrokkene de kantonrechter in de brief wraakt laat het hof de brief nu deze eerst tijdens procedure in hoger beroep
-
-
-
-