Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 15 maart 2024 in de zaken met de nrs. 23/02244 ECLI:NL:PHR:2024:297 en 23/02561 ECLI:NL:PHR:2024:293
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:9 Awb
Genoemd in 472 uitspraken · Officiële wettekst
472 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
-
Art. 6:9, lid 2, Awb. Bewijsmaatstaf bij verzending bezwaar- of beroepschrift per post.
Wet WOZ. Beroepschrift bij rechtbank is tijdig ingediend. Geen terugwijzing naar rechtbank. Compromis over waardevaststelling.
Art. 6:9, lid 2, Awb. Verzendtheorie. Verzending per koeriersdienst.
-
Artikel 17 Wet WOZ; Artikel 8:110, leden 1 en 2, Awb; Artikel 6:9, lid 2, Awb. De Heffingsambtenaar heeft onvoldoende inzicht gegeven in de onderbouwing van de vastgestelde waarde van een winkelpand. Onvoldoende inzicht in de toegepaste kapitalisatiefactor. Incidenteel hoger bero
Ontvankelijkheid bezwaar tegen boetebeschikkingen dat is ingediend vóór 1 augustus 2019. Overeenstemming tussen partijen over vermindering van de boeten.
In geschil is of bij de bepaling van de waarde van de onroerende zaak de waarderingsuitzondering van artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel g, van de Uitvoeringsregeling uitgezonderde objecten Wet WOZ (hierna: URUOW) en artikel 220d, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de
Besluit waarbij een aanslag in de zuiveringsheffing bedrijfsruimte is opgelegd. De gemachtigde van belanghebbende heeft bij brief beroep ingesteld tegen de uitspraak van de heffingsambtenaar op het bezwaar. Bij haar uitspraak heeft de Rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verkla
Belanghebbende heeft niet binnen zes weken bezwaar gemaakt tegen de aan hem opgelegde aanslagen. Belanghebbende heeft geen omstandigheden aangevoerd op grond waarvan de termijnoverschrijding verschoonbaar is.
Artikel 1, lid 9, SW; verstrekking en kwijtschelding van een onzakelijke lening; opschortende voorwaarde?
De bezwaren tegen de afwijzing van de verzoeken om ambtshalve vermindering zijn niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. Het bezwaarschrift is meer dan een week na afloop van de termijn ontvangen. Dat sprake is van aangetekende internationale postbezorging op de dag dat de
Artikel 18 Verdrag NL-Zwitserland. Belanghebbendes pensioen is na de verdragswijziging per 1 januari 2021 in de loonheffing betrokken. De rechtbank oordeelt dat de verdragswijziging ook bij reeds ingegane pensioenen geen ongeoorloofde inbreuk op belanghebbendes eigendomsrecht (ar
Belanghebbende bepleit aftrek van een aantal posten. Het hof is van oordeel dat belanghebbende die aftrek, behoudens de aftrek van het in de IB/PVV aanmerking genomen gebruikelijk loon, niet aannemelijk heeft gemaakt.
BPM. Ontvankelijk beroep. Termijnoverschrijding.
Het hoger beroep van belanghebbende is ontvankelijk. Verzuimboete terecht opgelegd. De gemitigeerde verzendtheorie is niet van toepassing bij het indienen van een aangifte. Geen terugwijzing van de zaak naar de Inspecteur ondanks schending hoorplicht omdat belanghebbende daardoor
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Verzoeken om ambtshalve vermindering. Bezwaar tegen de beslissing op een verzoek om ambtshalve vermindering van de navorderingsaanslag IB/PVV 2009 is niet mogelijk. De bezwaren tegen de beslissing op het verzoek om ambtshalve vermindering van de navorderingsaanslagen IB/PVV 2010
Verzekeringsplicht voor de Nederlandse volksverzekeringen Rijnvarende. Belanghebbende woont in Nederland, werkt op een schip dat, voorzien van een rijnvaarcertificaat van 2010 t/m 2014 vaart in de Rijnoeverstaten. De exploitant van het schip is in Nederland gevestigd, de werkgeve
De Inspecteur ontvangt op 16 mei 2014 de bezwaarschriften tegen de op 29 maart 2014 opgelegde naheffingsaanslagen en vergrijpboeten. De bezwaarschriften tegen de naheffingsaanslagen zijn terecht niet-ontvankelijk verklaard vanwege termijnoverschrijding. Voor wat betreft de bezwaa
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Is aannemelijk geworden dat een bezwaarschrift tijdig is verzonden, via de e-mail dienst van Print en Verzend schriftelijk aangeboden aan PostNL? A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 19/00634 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende tege
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
HR verklaart het beroep in cassatie n-o.