Heffing
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:11 Awb
Genoemd in 875 uitspraken · Officiële wettekst
875 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 24 · live
Heffing
Invordering bestuursrechtelijke dwangsommen. Verzet tegen twee dwangbevelen is niet-ontvankelijk: te laat ingesteld en termijnoverschrijdingen zijn niet verschoonbaar.
Geen zekerheid gesteld en beroep bij de kantonrechter te laat ingesteld. Wanneer de kantonrechter de betrokkene ter zitting hoort omtrent zijn draagkracht en het beroep daarop ongegrond acht, dient hij de betrokkene na de zitting een nadere termijn te gunnen voor het voldoen van
Wet op de Accountants-Administratieconsulenten
Wet op de Accountants-Administratieconsulenten
Eiseres geeft Hatha yogalessen. In geschil is of het geven van zogenoemde Hatha yogalessen voor de heffing van omzetebalsting kan worden aangemerkt als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening. Rechtbank 's-Gravenhage oordeelt ambtshalve dat eiseres ontvankelijk in haar bero
Belanghebbende is niet-ontvankelijk in zijn bezwaar. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de dag van dagtekening heeft gelegen vóór de dag van de bekendmaking van de aanslag. Artikel 6:10 Awb is niet aan de orde nu niet aannemelijk is geworden dat gemachtigde ten tij
Het Hof oordeelt dat sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende heeft aannemelijk gemaakt dat hij wegens gebrekkige postbezorging de aanslag niet in zijn woonplaats Spanje heeft ontvangen. Nu belanghebbende, zijnde een particulier, zich betrekkelijk kor
Het Hof oordeelt dat sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende heeft aannemelijk gemaakt dat hij wegens gebrekkige postbezorging de aanslag niet in zijn woonplaats Spanje heeft ontvangen. Nu belanghebbende, zijnde een particulier, zich betrekkelijk kor
Last onder dwangsom vanwege bewoning. Bestemmingsplan laat dienstwoning toe; kettingbeding sluit bewoning uit. Verschoonbare termijnoverschrijding bezwaar door ontbreken van rechtsmiddelclaule in besluit in samenhang met andere omstandigheden van het geval.
BPM. Bezwaar tegen naheffingsaanslag en boetebeschikking terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Niet in geschil is, dat het beroepschrift op 15 september 2006 bij de griffie van het Hof is binnengekomen en dat het 13 september 2006 is gedagtekend en het Hof leidt uit de verklaring van belanghebbende ter zake ter zitting af dat het op 13 september 2007 ter post is bezorgd. M
Vorming HIR in 2002 niet toegestaan.
In het geval belanghebbende voornemens is een tijd in het buitenland te verblijven ligt het voor de hand dat hij maatregelen treft die nodig zijn om aan zijn wettelijke verplichtingen te voldoen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende hieraan in het onderhavige ge
Elektriciteitswet 1998 Algemene uitvoeringsregeling milieukwaliteit elektriciteitsproductie
De laatste dag van de termijn van indiening van het bezwaar was 22 april 2005. Niet aannemelijk is dat het bezwaarschrift door de inspecteur eerder is ontvangen dan op 26 mei 2005. Het Hof acht het mogelijk dat de gemachtigde op 18 april 2005 de tekst van het bezwaarschrift heeft
Betrokkene heeft aan verweerder opgegeven tijdelijk een ander woonadres te hebben in verband met de verbouwing aan zijn woning (GBA-adres). Het boeterapport wordt 9 maanden na het opgeven van het tijdelijke adres toegezonden aan GBA-adres. Het boetebesluit wordt vervolgens toegez
'' Uitspraak in verzet. In het geval belanghebbende voornemens is een tijd in het buitenland te verblijven ligt het voor de hand dat hij maatregelen treft die nodig zijn om aan zijn wettelijke verplichtingen te voldoen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft belanghebbende hiera
Niet tijdige aanvraag om uitkering uit hoofde van de Collectieve Garantieregeling van Kredietinstellingen voor Terugbetaalbare Gelden en Beleggingen (CGR) wegens faillissement van Van der Hoop Bankiers.
Faillissementsrecht; beroep van een gefailleerde tegen beslissingen van rechter-commissaris; weigering en vervallenverklaring van reisdocumenten, verhouding tussen art. 91 Fw. en art. 19 Paspoortwet (81 RO).
(...)Appellant heeft de gemeente bij exploot van 21 december 2005 gedagvaard en gevorderd het dwangbevel nietig te verklaren dan wel de gemeente te veroordelen om het dwangbevel in te trekken, de invorderingsmaatregelen terzake het dwangbevel te staken en gestaakt te houden. Daar
Boswet
Registratie
Verzet wordt ongegrond verklaard.