Artikel 5 AWR; Artikel 3:40 Awb. Het op de voorgeschreven wijze bekendmaken van een aanslag is geen voorwaarde voor het tot stand komen daarvan. (vgl. BNB 2000/220 en BNB 2006/43).
Algemene wet bestuursrecht
Art. 6:10 Awb
Genoemd in 159 uitspraken · Officiële wettekst
159 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Aankondiging verrekening geen besluit.
Het College ziet zich voor de vraag gesteld of een brief van verweerder aan appellant een besluit is in de zin van art. 1:3 lid 1 Awb. Het College beantwoordt deze vraag ontkennend. Met verweerder is het College van oordeel dat deze brief slechts de aankondiging van een te nemen
Belanghebbende heeft geen recht op zelfstandigenaftrek en investeringsaftrek Belanghebbende drijft in de vorm van een eenmanszaak een onderneming waarvan de activiteiten hoofdzakelijk bestaan uit het geven van financiële en logistieke adviezen. Hij voert de werkzaamheden voorname
Tussenuitspraak. Erflater heeft in zijn testament de eigendom van zijn appartement aan belanghebbende gelegateerd tegen een betaling van € 226.890,12 aan erflater's dochter. Een voorwaarde was dat belanghebbende voormeld bedrag binnen drie maanden na overlijden aan de dochter die
Evenals bij de rechtbank is bij het Hof in geschil of belanghebbende terecht niet-ontvankelijk is verklaard in zijn bezwaar. Indien deze vraag ontkennend moet worden beantwoord, is in geschil of en tot welk bedrag sprake is van een uitdeling.
Wet WOZ, Prematuur bezwaar. Artikel 6:10 Awb. Artikel 26 Wet WOZ.
Heffingen Pbo Termijnoverschrijding in bezwaar
Het hoger beroep is ontvankelijk; binnen de termijn ingediend en voorzien van gronden. De bezwaren tegen de aanslag IB/PVV 2003 en WAZ 2003 zijn niet-ontvankelijk. Voor de jaren 2004 en 2005 zijn de vereiste aangiften niet gedaan en is niet voldaan aan de administratieplicht. Omk
Art. 229 Gemeentewet. Heffing rioolrecht bij verhuurder niet in strijd met art. 1 Eerste Protocol EVRM.
Beroep, ingediend namens een BV die is ontbonden en opgehouden te bestaan en ten aanzien waarvan geen heropening van de verffening heeft plaatsgevonden, is ontvankelijk. Ontvanger maakt niet aannemelijk dat sprake is van inlening. Beroep gegrond.
Formeel belastingrecht. AWB en AWR. Heffingsrente. Inspecteur legt op 1 januari 2006 een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting over dat jaar op. De aanslag wordt geacht op 1 juli 2006 volledig te zijn betaald. Naar aanleiding van de ingediende aangifte vermindert de inspecteu
Regeling GLB-inkomenssteun 2006, bedrijfstoeslag 2007, perceel op basis van teledetectie kleiner gemeten dan opgegeven, verplichte fysieke veldinspectie o.g.v. artikel 32, vijfde lid, verordening 796/2004, beroep gegrond
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
In geschil is de hoogte van de voorziening dubieuze debiteuren
Deze uitspraak wordt gepubliceerd op verzoek. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.
Beroep tegen opleggen van legesaanslag ex artikel 19 derde lid WRO en legesaanslag voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het vaststellen van hogere grenswaarden.
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
Belanghebbende is niet-ontvankelijk in zijn bezwaar. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de dag van dagtekening heeft gelegen vóór de dag van de bekendmaking van de aanslag. Artikel 6:10 Awb is niet aan de orde nu niet aannemelijk is geworden dat gemachtigde ten tij
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
Inkomstenbelasting. Nu eiser niet overtuigend heeft aangetoond dat sprake is van een sluitende en eensluidende rittenadministratie in de zin van artikel 3.145, eerste lid, Wet IB 2001 is het voordeel derhalve terecht gesteld op 25% van de cataloguswaarde.
Ambtshalve weigering een aanbod te doen op grond van WBV 2007/11 (de pardonregeling). Geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb, maar een handeling als bedoeld in artikel 72, derde lid, Vw.
Wet personenvervoer 2000 Aanbesteding van concessie
Eiseres heeft bezwaar tegen een voorstel van B&W, echter niet binnen de termijn. Dit bezwaar is dan ook niet-ontvankelijk verklaard. Het bezwaar richt zich echter inhoudelijk eveneens tegen het (aan het voorstel van B en W identieke) raadbesluit. Verweerder had eiseres dan ook mo