De rechtbank stelt voorop dat sinds 1 juli 2009 in de Awb een nieuw stelsel van invordering van verbeurde bestuurlijke dwangsommen van kracht is geworden (art. 5:35, 5:37-5:39 Awb). Bij de rechtsbescherming daartegen is in beginsel geen plaats meer weggelegd voor de burgerlijke r
Algemene wet bestuursrecht
Art. 5:26 Awb
Genoemd in 114 uitspraken · Officiële wettekst
114 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Verzetprocedure tegen dwangbevel. Formele rechtskracht last onder dwangsom. Dwangsommen verbeurd? Bijzondere omstandigheden om af te zien van invordering?
Art. 81 lid 1 RO. Invordering bestuursrechtelijke dwangsommen. Misbruik van bevoegdheid of anderszins in strijd met recht? Toerekening gedragingen bestuurder van verschillende vennootschappen. Selectieve handhaving? Voorwaardelijk verzoek om pleidooi gepasseerd.
Verzet tegen dwangbevel waterschap slaagt voorzover dwangbevelen zijn ingevorderd op grond van een primair dwangsombesluit, dat in bezwaar op die punten is gewijzigd.
Incident. Verzoek tot opheffing van de schorsing van de tenuitvoerlegging van een dwangbevel ex artikel 5:26 Awb (oud). Afweging belangen; handhaving vs rechtsbescherming.
Verzet tegen dwangbevel. Dagvaarding van college van B&W in plaats van de gemeente als rechtspersoon. Rectificatie partij-aanduiding? Vraag of buiten twijfel was voor de gemeente dat de dagvaarding voor haar was bestemd en dat zij zich als partij in de procedure had moeten stelle
De gemeente heeft een dwangbevel aan eiseres laten betekenen en bevel gedaan tot betaling van een dwangsom. Eieseres heeft gevorderd dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, het door haar ingestelde verzet gegrond zal verklaren. Sinds 1 juli 2009 is in de Awb een ni
Ongegrond verzet tegen een dwangbevel tot betaling van kosten van de in het kader van het Honden- en Kattenbesluit 1999 toegepaste bestuursdwang.
Dwangbevel strekkende tot invordering van verbeurde dwangsommen. Termijnoverschrijding bij het instellen van verzet. Verzet door rechtbank niet-ontvankelijk verklaard. Ontbreken rechtsmiddelen verwijzing onder dwangbevel. Analogische toepassing art. 6:11 Awb. Uitzondering op de r
Verzet dwangbevel. Overgangsrecht Vierde Tranche Awb. Opposant in zijn verzet niet-ontvankelijk, nu verzet niet is ingesteld binnen de termijn van artikel 5:26 lid 3 Awb (oud) en er geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding.
Verzet tegen dwangbevel Zonder vergunning via website – tegen betaling – bemiddeling verlenen bij het verkrijgen van woonruimte. Verzet tegen twee door de gemeente uitgevaardigde dwangbevelen. Eiser is niet ontvankelijk in zijn verzet tegen het eerste dwangbevel wegens termijnove
Procesrecht. Verzet tegen door een gemeente uitgevaardigd dwangbevel tot invordering van verbeurde dwangsommen; passeren van essentiële stellingen? (81 RO).
Invordering bestuursrechtelijke dwangsommen. Verzet tegen twee dwangbevelen is niet-ontvankelijk: te laat ingesteld en termijnoverschrijdingen zijn niet verschoonbaar.
Procesrecht. Verzet tegen door een gemeente uitgevaardigd dwangbevel tot invordering van verbeurde dwangsommen (81 RO).
[appellant] heeft niet in appel de appeldagvaarding en de vordering alsnog aan de gemeente Veendam gericht, noch heeft hij het betoog gevoerd dat voor de gemeente Veendam buiten twijfel had moeten zijn dat de inleidende dagvaarding voor haar was bestemd en dat de gemeente Veendam
Procesrecht. Verzet op voet van art. 5:26 lid 2 jo. art. 5:33 Awb tegen dwangbevel tot invordering van bestuurlijke dwangsommen volgens regels van dagvaardingsprocedure. Cassatie, verkeerde rechtsingang (beroepschrift), verwijzing naar rolzitting voor voortprocederen.
Het gaat in deze zaak om de bevoegdheid van de kantonrechter in een procedure van verzet tegen een door een gemeente uitgevaardigd dwangbevel. De kantonrechter oordeelt dat de rechtbank bevoegd is en verwijst de zaak door.
Naar vaste rechtspraak (HR 16 maart 1990, NJ 1990, 500) wordt een eisende partij in een kort geding niet-ontvankelijk verklaard wanneer de in een bepaalde situatie aangewezen rechter of rechtsgang voldoende rechtsbescherming biedt. In het onderhavige geval biedt artikel 5:26 Awb
De vraag die in dit geschil allereerst voorligt is of Roost tijdig in verzet is gekomen tegen het onderhavige dwangbevel.
Verzet tegen een dwangbevel van de Staat; beoordeling door rechtbank in de verzetprocedure of een opgelegde last onder dwangsom is overtreden en zo ja, hoeveel dwangsommen zijn verbeurd; leer van de formele rechtskracht.
18 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/279HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiseres 3], wonende te [woonplaats], 4. [Eiseres 4], wonende te [woonplaats], 5. [Eiser 5]
28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/320HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE HAARLEMSE GROND- EN HUIZEN EXPLOITATIE B.V., gevestigd te Haarlem, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. van Staden ten Brink, t e g e n GEMEENTE HAARLEM, zetelende te Haarlem,
Aan [appellant] is een dwangbevel betekend waarbij de betaling van ƒ 27.000 aan verbeurde dwangsommen te dezer zake, vermeerderd met incassokosten, werd gevorderd wegens het tussen 11 februari en 5 april 2000 overtreden van de aanschrijving door het niet verwijderen van de gebouw
-