Procesrecht; art. 26, lid 2, AWR; art. 6:11 Awb; de omstandigheid dat bij voldoening van belasting op aangifte art. 3:45 Awb niet van toepassing is, sluit een beroep op art. 6:11 Awb wegens het ontbreken van een rechtsmiddelenclausule niet uit. Geen verschoonbare omstandigheid in
Algemene wet bestuursrecht
Art. 3:45 Awb
Genoemd in 100 uitspraken · Officiële wettekst
100 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Conclusie Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19
BPM. Procesrecht. Art. 6:11 Awb; art. 1 Eerste Protocol EVRM; art. 65 AWR en Besluit ambtshalve verminderen of teruggeven. Onherroepelijke voldoening van bpm op aangifte. Het Unierecht noch art. 1 Eerste Protocol EVRM staat in de weg aan niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaa
Procesrecht; art. 26, lid 2, AWR; art. 6:11 Awb; de omstandigheid dat bij voldoening van belasting op aangifte art. 3:45 Awb niet van toepassing is, sluit een beroep op art. 6:11 Awb wegens het ontbreken van een rechtsmiddelenclausule niet uit. Geen verschoonbare omstandigheid in
Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies: 18/00806 (ECLI:NL:PHR:2019:700), 18/03304 (ECLI:NL:PHR:2019:698), 18/03450 (ECLI:NL:PHR:2019:699), 18/05589 (ECLI:NL:PHR:2019:701) en 19/00298 (ECLI:NL:PHR:2019:580).
Deze conclusie gaat over het onderscheid tussen een algemeen verbindend voorschrift (AVV) en een concretiserend besluit van algemene strekking (CBAS). Het onderscheid tussen deze twee besluiten is sinds de inwerkingtreding van de Algemene wet bestuursrecht van belang voor de toeg
Artikel 6:15 Awb, doorzendplicht, kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
Overheidsaansprakelijkheid. Schadevordering van een beoogd bankdirecteur tegen DNB wegens onrechtmatig besluit tot weigering van de door zijn werkgever bij DNB aangevraagde verklaring van geen bezwaar (art. 9 lid 1, aanhef en onder b, oud Wtk 1992), gewijzigde bestuursrechtspraak
BPM; procesrecht; artikelen 6:11, 7:2 en 7:3 Awb. Beoordeling verschoonbaarheid termijnoverschrijding bij bezwaar tegen voldoening op aangifte. Oordeel dat hoorplicht niet is geschonden, is ontoereikend gemotiveerd.
Uitgelokte naheffingsaanslagen parkeerbelasting in samenwerking tussen gemachtigde en belanghebbende, op basis waarvan een veelheid van procedures wordt gestart waarin om dwangsommen wegens niet-tijdig beslissen, proceskostenvergoedingen en vergoedingen wegens immateriële schade
Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige bij pleegouders. Dienen de pleegouders toestemming te verkrijgen van de ouders met gezag dan wel de gecertificeerde instelling voor een uitstapje of vakanti
BPM. Procesrecht. Art. 6:11 Awb. Beoordeling verschoonbaarheid termijnoverschrijding bij bezwaar tegen voldoening op aangifte. Oordeel dat hoorplicht niet is geschonden, is toereikend gemotiveerd.
Heffing Productschap Tuinbouw. Overschrijding redelijke termijn. Rechtszekerheidsbeginsel. Verweerder heeft appellanten bij besluit van 24 december 2008 terecht niet-ontvankelijk verklaard in hun bezwaar, vanwege niet-verschoonbare termijnoverschrijding. In het aan verweerder ger
Artikel 6:15 Awb, doorzendplicht, kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
Bpm; toepassing Unierecht; beroep op artikel 110 VWEU; niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen voldoening op aangifte; procedurele grieven; rentevergoeding; griffierecht; vergoeding immateriële schade; proceskostenvergoeding
Artikel 6:15 Awb, doorzendplicht, kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
Dwangsom wegens niet tijdig beslissen. Ontvankelijkheid bezwaar.
Gevolgen van HR BNB 2012/69. Wettelijke rente ex art. 4:97 Awb over tardieve heffingsrente? Welke rechter? Bestuursrechtelijke geldschuld? Verzuim? Geldt in het belastingrecht een ‘andere regeling’ die afdeling 4.2.2 Awb uitschakelt? Feiten: Op 31 januari 2007 is aan de belangheb
Bezwaar tegen de aanslag moet tevens worden opgevat als een bezwaar tegen de beschikking heffingsrente.
Vastgoedbelasting; Belastingwet BES; Bezit en eigendom
Vordering tot cassatie in het belang der wet. Kan een vordering tot verwijdering van persoonsgegevens worden toegewezen door de burgerlijke rechter in kort geding nadat de termijn als bedoeld in artikel 35 lid 2 Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming is verstreke
Beschikking en bekendmaking Invorderingsrente; art. 1, 6 en 30 Inv. en artt. 1:3 en 4:86 Awb; Als invorderingsrente afgeboekte betalingen waaraan geen (kenbare) (voor bezwaar vatbare) beschikking ten grondslag ligt; waarin bestaat een beschikking invorderingsrente? Is een afboeki
Belanghebbende heeft met dagtekening 29 juni 2012 aangifte gedaan voor de BPM ter zake van de registratie in het Nederlandse kentekenregister van een ingevoerde, gebruikte personenauto. Voor de berekening van de verschuldigde BPM heeft belanghebbende de handelswaarde van de auto
BPM; procesrecht; artikelen 6:11, 7:2 en 7:3 Awb. Beoordeling verschoonbaarheid termijnoverschrijding bij bezwaar tegen voldoening op aangifte. Oordeel dat hoorplicht niet is geschonden, is ontoereikend gemotiveerd.
De Stichting Overdrachtsbelasting Monumenten vordert o.g.v. art. 3:305a BW een verklaring voor recht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld jegens monumenteigenaren die overdrachtsbelasting hebben betaald omdat in strijd met het discriminatieverbod bij de vrijstelling voor het