Fiscale vergrijpboetes; HR komt terug van BNB 1988/270; opzet/grove schuld van adviseur wordt niet toegerekend aan belastingplichtige.
Algemene wet bestuursrecht
Art. 2:1 Awb
Genoemd in 74 uitspraken · Officiële wettekst
74 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Wet Woz. Waardevaststelling woning.
Belanghebbende heeft in de periode van 1 april tot en met 5 augustus 2008 zes aangiften gedaan voor het in het vrije verkeer brengen van spaarlampen. In deze aangiften heeft zij Thailand als land van oorsprong aangegeven. Het Department of Foreign Trade van het Ministry of Commer
Verweerder heeft eiser mededeling gedaan van zijn besluit eiser ingaande 1 september 1999 tot 1 december 1999 te weigeren als gemachtigde. Deze beslissing houdt in dat verweerders eenheid van eiser als persoon geen aangiftes en overige correspondentie zal accepteren namens belast
Onrechtmatige overheidsdaad. De Staat heeft uitvoering gegeven aan een last onder bestuursdwang en een onbeheerd achtergelaten schip verkocht aan een sloperij, waarna het is afgevoerd en vernietigd. De scheepseigenaar vordert schadevergoeding. De vordering wordt afgewezen, omdat
Aanmaningskosten. Is de invordering van de belastingschuld verjaard, zodat ten onrechte is aangemaand en aanmaningskosten in rekening zijn gebracht?
Aanmaningskosten verjaring invordering beroep ongegrond Eiser in deze zaak heeft bezwaar en beroep ingesteld tegen aanmaningskosten die in rekening zijn gebracht bij een naheffingsaanslag accijns. In geschil is of verweerder terecht de aanmaningskosten in rekening heeft gebracht,
Art. 81 lid 1 RO. Belastingrecht. Executiegeschil n.a.v. HR 25 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:1042, NJ 2013/559 (veroordeling belastingplichtige tot verschaffen van inlichtingen). Bekendmaking oproeping om inlichtingen te verstrekken (art. 41 AWR). Initiatief voor maken afspraak.
Geen afschrift dagvaarding in e.a. verzonden naar raadsman. Kan rechtsbijstand worden afgeleid uit verzetschrift tegen strafbeschikking van raadsman? Art. 39 (oud) en 51 (oud) Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2000:ZD2182, ECLI:NL:HR:2015:3320 en ECLI:NL:HR:20
Nu op 21 maart 2011 door de toenmalige gemachtigde van verzoekster bezwaar is ingesteld tegen het besluit in primo en hierop door verweerder bij besluit van 15 juli 2011 is beslist, had verweerder het bezwaar van 12 november 2011 op grond van artikel 6:15, eerste en tweede lid, A
Lastgeving onder dwangsom. Dwangbevel. Formele rechtskracht. Overheidsaansprakelijkheid? Onjuiste bekendmaking uitspraak bestuursrechter? Inwerkingtreding van deze uitspraak.
Uit deze uitspraak van de Afdeling volgt dat verweerder zich ten onrechte op het standpunt stelt dat zij de aanvraag van eiser buiten behandeling mocht stellen vanwege de omstandigheid dat eiser geen gegevens en bescheiden in persoon heeft overgelegd. Dat eiser deze gegevens niet
Buiten behandeling stelling / niet in persoon verschenen / geen reële mogelijkheid geboden tot herstel verzuim Verweerder heeft de aanvraag buiten behandeling gesteld omdat verzoeker de voor de aanvraag verschuldigde leges niet heeft voldaan en omdat verzoeker de aanvraag, na daa
Verweerder kan een bezwaarschrift eerst niet-ontvankelijk verklaren, indien de indiener de gelegenheid heeft gehad het verzuim, in onderhavig geval het overleggen van een machtiging, te herstellen binnen een door verweerder daartoe gestelde termijn. Nu niet is gebleken dat verwee
De voorzieningenrechter overweegt, onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling van 10 juni 2008 (200708670/1), dat uit de wettelijke bepalingen zoals weergegeven onder 2.2 tot en met 2.6 niet volgt dat de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor
Reguliere aanvraag / verschijnen in persoon / artikel 3.102 Vb 2000 / motivering Eiseres heeft een aanvraag regulier onder de beperking “het volgen van studie” ingediend. Verweerder heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat eiseres niet heeft voldaan aan het verzoek v
Bij besluit van 19 september 2006 heeft verweerder op verzoek van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Odjfell Terminals (Rotterdam) B.V." zowel voorschriften van de bij besluit van 21 december 2004 aan haar verleende vergunning gewijzigd en ingetrokken als ni
14-1-brief / aanvraag / machtiging. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat uit de aanvraag zelf de machtiging moet blijken en dat op verweerder geen verplichting rust om een nadere uitleg te vragen. Eerst indien de '14-1-brief' vergezeld was van een machtiging van ver
14-1-brief / aanvraag / belanghebbende / gemachtigde / besluit. Indiener van de '14-1-brieven' is Vluchtelingenwerk Nederland. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de '14-1-brieven' niet door of namens eiser zijn geschreven en derhalve niet door een belanghebbende in de zin
Opvang / beëindiging verstrekkingen / terugkeergesprek / vertegenwoordiging / meewerkcriterium. Niet is komen vast te staan dat eiser zich ten tijde van de vordering van 18 maart 2003 om te verschijnen voor het terugkeergesprek of ten tijde van het terugkeergesprek op 7 mei 2003
Beslissing op bezwaar niet toegezonden aan gemachtigde. Beroepstermijn is eerst gaan lopen na ontvangst afschrift beslissing.
Op 10 juni 2003 heeft het College van ieder van appellanten een beroepschrift ontvangen, waarbij beroep wordt ingesteld tegen ten aanzien van appellanten afzonderlijk genomen, vrijwel identieke besluiten van verweerder van 24 april 2003. Bij die besluiten heeft verweerder beslist
Op 10 juni 2003 heeft het College van appellant een beroepschrift ontvangen, waarbij beroep wordt ingesteld tegen een besluit van 25 april 2003 van verweerder (kenmerk: BHF02152376002/kr). Bij dat besluit is ongegrond verklaard het bezwaar van appellant tegen verweerders besluit
Leges / buitenbehandelingstelling. Verweerder heeft de aanvraag buiten behandeling gesteld, omdat eiseres niet tijdig de leges heeft voldaan. Eiseres stelt niet tot betaling te zijn overgegaan op advies van een medewerker van Vluchtelingenwerk in het AZC. De rechtbank stelt vast
Mvv-vereiste / wettelijke basis. Verzoeker, afkomstig uit Zaïre, stelt zich op het standpunt dat artikel 3.71 Vb 2000 geen wettelijke basis kan hebben in artikel 16 Vw 2000. Waar in de Vw 2000 aan verweerder terzake beleidsvrijheid wordt gelaten, is artikel 3.71, eerste lid, Vb 2