Tussen partijen is in geschil of de aanslagen terecht en tot de juiste bedragen zijn opgelegd. Meer in het bijzonder is tussen partijen in geschil of: sprake is van een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt (2001 tot en met 2006); bij het opleggen van de navorderingsaanslagen
Algemene wet bestuursrecht
Art. 10:3 Awb
Genoemd in 151 uitspraken · Officiële wettekst
151 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
IB/PVV De echtgenoot van X was in de onderhavige jaren beneficiary in een naar het recht van Guernsey opgerichte trust. Tot het vermogen van de trust behoorden de toonderaandelen van een naar het recht van de Bahama’s opgerichte Limited. In geschil zijn de (navorderings)aanslagen
B&W van de gemeente Hellevoetsluis heeft bij Aanwijzingsbesluit heffingsambtenaar 2005 als heffingsambtenaar aangewezen de coördinator belastingen CFA. Het afdelingshoofd CFA is aangewezen als eerste vervanger. Het aanwijzingsbesluit is als zodanig niet gepubliceerd. Wel is het v
Loonbelasting. Procesrecht. Art. 8:63, leden 2 en 3, en art. 10:3, lid 3, Awb. Hof kon afzien van zelf oproepen getuige.
Aan belanghebbende zijn een naheffingsaanslag in de loonbelasting en premie volksverzekeringen, een boetebeschikking en een beschikking heffingsrente opgelegd. In geschil is of de naheffingsaanslag en de beschikkingen terecht en tot de juiste bedragen zijn opgelegd. Voorts wordt
Immateriële schadevergoeding. In (ping-pong) zaken waarbij sprake is van bezwaar, beroep, bezwaar en beroep, omdat ingevolge 10:3, derde lid Awb terugverwijzing naar de inspecteur heeft plaatsgevonden om opnieuw uitspraak te doen, waartegen vervolgens opnieuw beroep is ingesteld,
A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/03888 naar aanleiding van het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het gerechtshof te Amsterdam van 5 juli 2012, nr. 11/00917, ECLI:NL:GHAMS:2012:BX0724. De uitspraak van het
Vennootschapsbelasting. Verplichte vrijval herinvesteringsreserve terecht? Reikwijdte antimisbruikbepaling art. 12a lid 1 Wet Vpb 1969.
Vennootschapsbelasting. Verplichte vrijval herinvesteringsreserve wegens belangenwijziging.
Vennootschapsbelasting. Vrijval herinvesteringreserve terecht? Toepassing art. 15 e Wet Vpb 1969. Herinvestering en wijziging belang binnen zeer korte periode.
Vennootschapsbelasting. Vrijval herinvesteringsreserve. Aangaan bindende verplichting niet aannemelijk.
Proceskostenvergoeding. Stelling belanghebbende dat sprake is van bijzondere omstandigheden die vergoeding werkelijke kosten rechtvaardigen, verworpen. Door belanghebbende geclaimde salariskosten komen reeds niet voor vergoeding in aanmerking omdat zij niet op hem hebben gedrukt.
Rechtbank draagt inspecteur op om opnieuw uitspraak op bezwaar te doen in verband met schending voorschrift artikel 10.3 lid 3 Awb.
Verblijf bij partner / middelenvereiste / zelfstandig ondernemer / arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd / regelmatig verlopende inkomensvorming In geschil is of de hoofdpersoon als startende ondernemer moet worden aangemerkt. Eveneens is in geschil of verweerder daarbij een j
Tussen partijen is in geschil of de Inspecteur terecht een correctie op de waarde van de aandelen heeft aangebracht, welke vraag door belanghebbende ontkennend en door de Inspecteur bevestigend wordt beantwoord. Belanghebbende stelt zich op het standpunt dat de belastingplichtige
Wet WOZ. Fierensdrempel staat aan vermindering vastgestelde waarde in de weg.
Vaststelling omvang van aansprakelijkheid van de Staat en hoogte van schadevergoeding als gevolg van ten onrechte opgelegde uitnodigingen tot betaling wegens landbouwheffing en omzetbelasting.
Successierecht 2001. Waardering courante effecten. Deze moeten op het tijdstip van overlijden worden gewaardeerd met inachtneming van het waarderingsvoorschrift van art. 21, lid 3, SW 1956. Deze dwingend voorgeschreven waarderingsmethode laat niet toe rekening te houden met na he
Intrekking vergunning niet bevoegd genomen / artikelen 7:11 en 10:3 derde lid Awb De voorzieningenrechter is van oordeel dat artikel 7:11 Awb zich ertegen verzet dat het besluit op bezwaar wordt genomen namens de staatssecretaris en namens het hoofd van de IND door een ambtenaar
Afvalstoffenbelasting Belanghebbende is houder van een stortplaats. Op deze stortplaats worden afvalstoffen aangewend voor bijvoorbeeld eindafwerking van de stortplaats. In geschil is het antwoord op de vraag of de inspecteur terecht aan belanghebbende de vergunning verhoudingsge
Wob-zaak. De waarnemend korpschef was niet bevoegd te beslissen op het bezwaar van eiser. De korpsbeheerder heeft het bestreden besluit voor zijn rekening genomen. In het bestreden besluit is niet toegelicht waarop de vooronderstelling dat de door eiser gevraagde informatie herle
Algemene wet inzake rijksbelastingen - Anti-dumpingheffing
Naar het oordeel van het Hof heeft belanghebbende in 1999 ten onrechte kosten van een andere (gelieerde) vennootschap voor haar rekening genomen. De inspecteur mocht navorderen. De boete wordt verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Belanghebbende beschikte niet over de voor de in aftrek gebrachte voorbelasting vereiste facturen. Voorts acht het Hof het aannemelijk dat die voorbelasting geen betrekking heeft op door belanghebbende als ondernemer verrichte prestaties. Er is geen reden de boete te matigen op g
De inspecteur heeft was met betrekking tot het jaar 2000 niet bevoegd een tweede navorderingsaanslag op te leggen. Bij de eerste navorderingsaanslag was verzuimd het belastbaar bedrag in overeenstemming te brengen met de bevindingen uit een boekenonderzoek.