Rechtbank Zeeland-West-Brabant
ECLI:NL:RBZWB:2026:8021
2026-04-14
Strafrecht
25-026852
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Gegrond
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2010:BL2823 Hoge Raad 28-09-2010
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (6.257 tekens)
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats Breda
raadkamernummer : 25-026852
datum : 14 april 2026
beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het beklag op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[klager] ,
geboren op [geboortedag] 1990 te Rotterdam,
wonende op het adres [woonadres] ,
mr. J.C.W.L. Grootjans, advocaat te Middelburg,
hierna te noemen: klager.
1De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
het klaagschrift op grond van artikel 552a Sv, ingediend 20 oktober 2025 ter griffie van deze rechtbank;
de kennisgeving van inbeslagneming op grond van artikel 94 Sv, waaruit blijkt dat op 4 oktober 2025 onder klager in beslag is genomen: een zwarte Samsung A56 (hierna: de Samsung);
de schriftelijke reactie van het Openbaar Ministerie van 21 maart 2026;
het e-mailbericht van de raadsman van 23 februari 2026 en
de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Op 31 maart 2026 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij is de officier van justitie mr. P. Kuipers gehoord.
Klager en mr. J.C.W.L. Grootjans zijn behoorlijk opgeroepen, maar - met kennisgeving - niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Het klaagschrift strekt tot opheffing van het beslag met last tot teruggave aan klager. Daartoe is aangevoerd dat klager eigenaar is van de in beslag genomen Samsung. De reden van inbeslagneming is klager onbekend. Klager heeft alle medewerking verleend om toegang te verkrijgen tot de telefoon, waardoor het Openbaar Ministerie ruim de tijd heeft gehad om de telefoon te onderzoeken. Klager wordt bij voortduring van het beslag in zijn belang getroffen. De telefoon bevat onvervangbare persoonlijke gegevens die voor klager een bijzondere emotionele waarde vertegenwoordigen. In aanvulling op het klaagschrift heeft de raadsman schriftelijk meegedeeld dat klager nimmer als verdachte is gehoord en dat er bij klager en de raadsman niets bekend is over het eventuele vervolg van deze kwestie.
De officier van justitie heeft in raadkamer aangevoerd dat klager door de meervoudige kamer is veroordeeld voor grooming. In het vonnis staat als bijzondere voorwaarde opgenomen dat klager geen contact zal opnemen met minderjarigen. Sinds de op 12 april 2025 onherroepelijke veroordeling zijn er aanwijzingen dat klager deze voorwaarde heeft overtreden. Hier is onderzoek naar gedaan met als doel het eventueel aanhangig maken van een vordering tot tenuitvoerlegging. In dat kader is de Samsung van klager in beslag genomen. Inmiddels is het onderzoek aan de Samsung afgerond en zal er inderdaad een vordering tot tenuitvoerlegging komen. Nu er op dit moment geen strafvorderlijk belang meer bestaat bij voortduring van het beslag, kan de telefoon worden teruggegeven aan klager.
2De beoordeling
De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift.
Het klaagschrift is tijdig ingediend en klager is ontvankelijk in zijn beklag.
Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat het onderzoek in raadkamer een summier karakter heeft. Dat betekent dat van de rechter niet kan worden gevraagd ten gronde in de mogelijke uitkomst van een nog te voeren hoofdzaak of ontnemingsprocedure te treden.
De rechtbank overweegt over het klaagschrift tegen het strafvorderlijk beslag dat is gelegd op grond van artikel 94 Sv als volgt.
Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, moet de rechter, bij een op grond van artikel 94 Sv gelegd beslag:
a. beoordelen of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, en zo nee,
b. de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp gelasten aan de beslagene, tenzij een ander redelijkerwijs als rechthebbende van dat voorwerp moet worden beschouwd.
In dit laatste geval moet het klaagschrift van de beslagene ongegrond worden verklaard.
Op grond van artikel 116, eerste lid, Sv laat het Openbaar Ministerie de inbeslaggenomen voorwerpen teruggeven aan de beslagene, zodra het belang van strafvordering zich daartegen niet meer verzet. Dit betekent het volgende. Als het Openbaar Ministerie zich op het standpunt stelt dat er geen strafvorderlijk belang meer is bij het voortduren van het beslag, dan moet de rechter ervan uitgaan dat het standpunt juist is.
Uit de stukken en hetgeen ter zitting is besproken blijkt dat de gronden voor het voortzetten van het strafvorderlijk beslag niet langer aanwezig zijn. Nu er geen strafvorderlijk belang bestaat bij het voortduren van het beslag en de rechtbank niet is gebleken dat een ander dan klager redelijkerwijs als rechthebbende van de Samsung is aan te merken, zal de rechtbank het klaagschrift tegen het artikel 94 Sv beslag gegrond verklaren en de teruggave van de Samsung aan klager gelasten.
3De beslissing
De rechtbank:
- verklaart het klaagschrift gegrond en gelast de teruggave van de zwarte Samsung A56 aan klager.
Deze beslissing is genomen door mr. P.E. van Althuis, rechter, in tegenwoordigheid van
mr. S.H.M.R. Chevalier-Verbunt, griffier, en is uitgesproken op de openbare zitting van 14 april 2026.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).
ECLI:NL:HR:2010:BL2823.
Strafrecht
Zittingsplaats Breda
raadkamernummer : 25-026852
datum : 14 april 2026
beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het beklag op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[klager] ,
geboren op [geboortedag] 1990 te Rotterdam,
wonende op het adres [woonadres] ,
mr. J.C.W.L. Grootjans, advocaat te Middelburg,
hierna te noemen: klager.
1De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
het klaagschrift op grond van artikel 552a Sv, ingediend 20 oktober 2025 ter griffie van deze rechtbank;
de kennisgeving van inbeslagneming op grond van artikel 94 Sv, waaruit blijkt dat op 4 oktober 2025 onder klager in beslag is genomen: een zwarte Samsung A56 (hierna: de Samsung);
de schriftelijke reactie van het Openbaar Ministerie van 21 maart 2026;
het e-mailbericht van de raadsman van 23 februari 2026 en
de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Op 31 maart 2026 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij is de officier van justitie mr. P. Kuipers gehoord.
Klager en mr. J.C.W.L. Grootjans zijn behoorlijk opgeroepen, maar - met kennisgeving - niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Het klaagschrift strekt tot opheffing van het beslag met last tot teruggave aan klager. Daartoe is aangevoerd dat klager eigenaar is van de in beslag genomen Samsung. De reden van inbeslagneming is klager onbekend. Klager heeft alle medewerking verleend om toegang te verkrijgen tot de telefoon, waardoor het Openbaar Ministerie ruim de tijd heeft gehad om de telefoon te onderzoeken. Klager wordt bij voortduring van het beslag in zijn belang getroffen. De telefoon bevat onvervangbare persoonlijke gegevens die voor klager een bijzondere emotionele waarde vertegenwoordigen. In aanvulling op het klaagschrift heeft de raadsman schriftelijk meegedeeld dat klager nimmer als verdachte is gehoord en dat er bij klager en de raadsman niets bekend is over het eventuele vervolg van deze kwestie.
De officier van justitie heeft in raadkamer aangevoerd dat klager door de meervoudige kamer is veroordeeld voor grooming. In het vonnis staat als bijzondere voorwaarde opgenomen dat klager geen contact zal opnemen met minderjarigen. Sinds de op 12 april 2025 onherroepelijke veroordeling zijn er aanwijzingen dat klager deze voorwaarde heeft overtreden. Hier is onderzoek naar gedaan met als doel het eventueel aanhangig maken van een vordering tot tenuitvoerlegging. In dat kader is de Samsung van klager in beslag genomen. Inmiddels is het onderzoek aan de Samsung afgerond en zal er inderdaad een vordering tot tenuitvoerlegging komen. Nu er op dit moment geen strafvorderlijk belang meer bestaat bij voortduring van het beslag, kan de telefoon worden teruggegeven aan klager.
2De beoordeling
De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift.
Het klaagschrift is tijdig ingediend en klager is ontvankelijk in zijn beklag.
Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat het onderzoek in raadkamer een summier karakter heeft. Dat betekent dat van de rechter niet kan worden gevraagd ten gronde in de mogelijke uitkomst van een nog te voeren hoofdzaak of ontnemingsprocedure te treden.
De rechtbank overweegt over het klaagschrift tegen het strafvorderlijk beslag dat is gelegd op grond van artikel 94 Sv als volgt.
Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, moet de rechter, bij een op grond van artikel 94 Sv gelegd beslag:
a. beoordelen of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, en zo nee,
b. de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp gelasten aan de beslagene, tenzij een ander redelijkerwijs als rechthebbende van dat voorwerp moet worden beschouwd.
In dit laatste geval moet het klaagschrift van de beslagene ongegrond worden verklaard.
Op grond van artikel 116, eerste lid, Sv laat het Openbaar Ministerie de inbeslaggenomen voorwerpen teruggeven aan de beslagene, zodra het belang van strafvordering zich daartegen niet meer verzet. Dit betekent het volgende. Als het Openbaar Ministerie zich op het standpunt stelt dat er geen strafvorderlijk belang meer is bij het voortduren van het beslag, dan moet de rechter ervan uitgaan dat het standpunt juist is.
Uit de stukken en hetgeen ter zitting is besproken blijkt dat de gronden voor het voortzetten van het strafvorderlijk beslag niet langer aanwezig zijn. Nu er geen strafvorderlijk belang bestaat bij het voortduren van het beslag en de rechtbank niet is gebleken dat een ander dan klager redelijkerwijs als rechthebbende van de Samsung is aan te merken, zal de rechtbank het klaagschrift tegen het artikel 94 Sv beslag gegrond verklaren en de teruggave van de Samsung aan klager gelasten.
3De beslissing
De rechtbank:
- verklaart het klaagschrift gegrond en gelast de teruggave van de zwarte Samsung A56 aan klager.
Deze beslissing is genomen door mr. P.E. van Althuis, rechter, in tegenwoordigheid van
mr. S.H.M.R. Chevalier-Verbunt, griffier, en is uitgesproken op de openbare zitting van 14 april 2026.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).
ECLI:NL:HR:2010:BL2823.