Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

ECLI:NL:RBZWB:2026:7598

2026-08-12 Civiel recht; Verbintenissenrecht 12020511 \ CV EXPL 25-6570 (E)
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Uitspraakdatum
2026-08-12
Publicatiedatum
2026-08-12
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zaaknummer
12020511 \ CV EXPL 25-6570 (E)
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Riverty vordert in deze procedure betaling van een bedrag van € 149,99 in verband met een bestelling die gedaagde heeft gedaan bij decathlon.nl en heeft betaald via achteraf betalen. Gedaagde stelt dat hij de bestelling heeft geannuleerd en daarom niet gehouden is het bedrag te betalen. De kantonrechter gaat daar niet in mee. Gedaagde heeft onvoldoende gemotiveerd betwist dat hij de bestelling heeft geplaatst. Ook volgt de kantonrechter zijn verweer ten aanzien van het annuleren van de betreffende bestelling niet. De betalingsverplichting van gedaagde wordt wel met 20% verminderd, omdat Riverty niet heeft voldaan aan haar (pre)contractuele informatieplichten. Ook vernietigt de kantonrechter een in de algemene voorwaarden van Riverty opgenomen incassobeding, waardoor gedaagde geen incassokosten verschuldigd is. De gevorderde wettelijke rente over de toegewezen hoofdsom moet gedaagde wel betalen.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (16.161 tekens)
RECHTBANK
ZEELAND-WEST-BRABANT



Civiel recht
Kantonrechter



Zittingsplaats Tilburg



Zaaknummer: 12020511 \ CV EXPL 25-6570




Vonnis van 12 augustus 2026




in de zaak van




DE RECHTSPERSOON NAAR BUITENLANDS RECHT RIVERTY GMBH, H.O.D.N. RIVERTY,

te Verl (Duitsland),
eisende partij,
hierna te noemen: Riverty,
gemachtigde: Yards Deurwaardersdiensten B.V.,



tegen





[gedaagde]
,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.





1De zaak in het kort


1.1.
Riverty vordert in deze procedure betaling van een bedrag van € 149,99 in verband met een bestelling die [gedaagde] heeft gedaan bij decathlon.nl en heeft betaald via achteraf betalen. [gedaagde] stelt dat hij de bestelling heeft geannuleerd en daarom niet gehouden is het bedrag te betalen. De kantonrechter gaat daar niet in mee. [gedaagde] heeft onvoldoende gemotiveerd betwist dat hij de bestelling heeft geplaatst. Ook volgt de kantonrechter zijn verweer ten aanzien van het annuleren van de betreffende bestelling niet. De betalingsverplichting van [gedaagde] wordt wel met 20% verminderd, omdat Riverty niet heeft voldaan aan haar (pre)contractuele informatieplichten. Ook vernietigt de kantonrechter een in de algemene voorwaarden van Riverty opgenomen incassobeding, waardoor [gedaagde] geen incassokosten verschuldigd is. De gevorderde wettelijke rente over de toegewezen hoofdsom moet [gedaagde] wel betalen.





2De procedure


2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding,- de conclusie van antwoord,- de conclusie van repliek,- de conclusie van dupliek.




2.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.





3Het geschil


3.1.
Riverty vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 149,99, vermeerderd met rente en kosten. Riverty stelt dat [gedaagde] een bestelling heeft gedaan bij decathlon.nl. [gedaagde] heeft bij het plaatsen van de bestelling gekozen voor betaling via ‘achteraf betalen’. Hierdoor heeft Riverty het aankoopbedrag aan decathlon.nl betaald en is zij de partij geworden aan wie [gedaagde] het bedrag moet terugbetalen. [gedaagde] heeft zich verplicht dit bedrag binnen een afgesproken termijn aan Riverty terug te betalen, maar heeft nagelaten deze verplichting na te komen.



3.2.

[gedaagde] voert verweer. Hij stelt dat een door hem geplaatste en geannuleerde order waarschijnlijk verkeerd is verwerkt. Doordat hij de order heeft geannuleerd, heeft er volgens hem nooit een betalingsverplichting ontstaan.



3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.





4De beoordeling




[gedaagde] moet het aankoopbedrag in beginsel nog betalen




4.1.
Het gaat hier om de vraag of [gedaagde] gehouden is een bedrag van € 149,99 aan Riverty te betalen. Riverty heeft in het kader van het gevorderde bedrag een document genaamd ‘betaaloverzicht’ overgelegd waaruit volgt dat op naam van [gedaagde] een bestelling is geplaatst bij decathlon.nl. Op het document is ook het adres van [gedaagde] vermeld en daarin is opgenomen welk product door hem is besteld en voor welk bedrag. De kantonrechter overweegt dat [gedaagde] de juistheid van dit document niet voldoende concreet heeft betwist. Om die reden gaat de kantonrechter ervan uit dat [gedaagde] de bestelling inderdaad heeft geplaatst. [gedaagde] heeft in het kader van de betwisting gesteld dat hij de bestelling heeft geannuleerd. Ter onderbouwing van dit standpunt legt hij een screenshot over van een e-mail van decathlon.nl met in de onderwerpregel “Je bestelling [nummer 1] is geannuleerd”. De kantonrechter overweegt dat uit het screenshot verder niet blijkt wat de inhoud van deze geannuleerde bestelling is of waarom de bestelling is geannuleerd. De verdere inhoud van het bericht van decathlon.nl is ook niet leesbaar, zodat niet achterhaald kan worden van welke datum deze e-mail is.



4.2.
Gezien het voorgaande kan de kantonrechter niet vaststellen dat de e-mail ziet op de bestelling waarvan Riverty nu betaling vordert. Riverty betwist namelijk dat dat het geval is. Zij vordert betaling van een bestelling met bestelnummer [nummer 2] , zoals ook volgt uit het door haar overlegde betaaloverzicht. Overigens vindt de kantonrechter het ook opmerkelijk dat [gedaagde] zich pas voor het eerst in zijn e-mail van 25 december 2025 op het standpunt stelt dat de bestelling waarvan Riverty betaling vordert is geannuleerd. Riverty heeft [gedaagde] in 2023 en 2024 brieven gestuurd over de openstaande vordering. Hierop is door [gedaagde] niet gereageerd.



4.3.
Nu niet vast is komen te staan dat de bestelling waarvan Riverty betaling vordert is geannuleerd, is [gedaagde] in beginsel gehouden om tot betaling over te gaan.



Ambtshalve toetsing van de (pre)contractuele informatieplichten





4.4.
De kantonrechter zal echter een deel van het gevorderde bedrag afwijzen, omdat [gedaagde] bij het sluiten van de overeenkomst te weinig of onjuiste informatie heeft gehad. Naast de beoordeling van het verweer moet de kantonrechter namelijk ambtshalve beoordelen of decathlon.nl en (mogelijk) Riverty aan alle verplichtingen die volgen uit het consumentenrecht hebben voldaan. De kantonrechter overweegt daartoe als volgt.



4.5.
De vordering is gebaseerd op een overeenkomst op afstand tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet ter bescherming van de consument aan de essentiële wettelijke (pre)contractuele informatieverplichtingen van de artikelen 6:230m lid 1 onder a, b, c, e, f, g, h, o en p en 6:230v van het Burgerlijk Wetboek (BW) worden voldaan. Dat aan deze verplichtingen is voldaan, dient gemotiveerd te worden gesteld en onderbouwd.



4.6.
Riverty heeft in de dagvaarding gesteld dat decathlon.nl heeft voldaan aan de (pre)contractuele informatieverplichtingen van artikel 6:230m lid 1 BW. De kantonrechter ziet, gelet op de stellingen en overlegde producties in de onderhavige zaak geen aanleiding te veronderstellen dat niet aan voornoemde verplichting is voldaan.



4.7.
Het voorgaande geldt echter niet voor de verplichtingen uit artikel 6:230v BW. Bij overeenkomsten op afstand moet alle informatie, zoals genoemd in artikel 6:230m BW, op een duurzame gegevensdrager (zoals in een e-mail of een brief) worden verstrekt. Als de consument niet inlogt op een eigen account, maar bestelt zonder in te loggen, wordt deze informatie verstrekt via een betaaloverzicht. Riverty heeft in dit geval een betaaloverzicht overgelegd, maar daarin is niet alle vereiste informatie opgenomen.



4.8.
Allereerst staan in het door Riverty overgelegde betaaloverzicht geen contactgegevens van decathlon.nl vermeld. Op het overzicht wordt wel vermeld dat bij vragen contact opgenomen kan worden met de klantenservice van decathlon.nl, maar dat is volgens de kantonrechter in dit geval niet voldoende. Op het overzicht had op zijn minst een e-mailadres, een telefoonnummer of het adres van een vestiging van decathlon.nl genoemd moeten worden. De kantonrechter oordeelt dan ook dat artikel 6:230m lid 1 onder c in combinatie met artikel 6:230v lid 7 BW is geschonden.



4.9.
Verder is in het betaaloverzicht niet vermeld op welke wijze en op welke termijn de bestelling geleverd zal worden. De verwijzing naar de klantenservice van decathlon.nl voor vragen over de levering is ook hier niet voldoende. Hiermee is artikel 6:230m lid 1 onder g in combinatie met artikel 6:230v lid 7 BW geschonden.



4.10.
Tot slot is in het betaaloverzicht geen informatie verstrekt over het herroepingsrecht en de mogelijkheid om de overeenkomst binnen veertien dagen te ontbinden. Het modelformulier dat moet worden bijgevoegd, mist ook. Dit levert een schending op van artikel 6:230m lid 1 onder h in combinatie met artikel 6:230v lid 7 BW.



4.11.
Bij het bepalen van de vermindering van de betalingsverplichting van [gedaagde] heeft de kantonrechter de sanctierichtlijn gebruikt die door de rechtbanken is opgesteld. Volgens deze richtlijn worden meerdere schendingen van de verplichting om informatie op een duurzame gegevensdrager te verstrekken samen als één schending gerekend. Dit betekent dat Riverty in totaal niet meer dan drie informatieverplichtingen heeft geschonden. Op basis hiervan wordt de betalingsverplichting van [gedaagde] met 20% verlaagd.



4.12.
Het voorgaande heeft tot gevolg dat [gedaagde] nog gehouden is een bedrag van (€ 149,99 x 80% =) € 119,99 aan Riverty te betalen.



Ambtshalve toetsing algemene voorwaarden





4.13.
De kantonrechter moet ook onderzoek doen naar (mogelijk) oneerlijke bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. Volgens Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten is een beding oneerlijk wanneer dit het evenwicht tussen de wederzijdse rechten en verplichtingen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. De kantonrechter moet in iedere procedure over ieder onderdeel van de vordering beoordelen of daarover in de algemene voorwaarden afspraken zijn gemaakt en of die afspraken al dan niet oneerlijk zijn ten opzichte van de consument. Als de kantonrechter oordeelt dat een contractuele afspraak oneerlijk is, moet het beding worden vernietigd en moet de vordering op dat onderdeel worden afgewezen (ook als de eisende partij in de procedure een beroep doet op wettelijke bepalingen in plaats van op die contractuele afspraak).



4.14.
Riverty heeft in de dagvaarding aangegeven van mening te zijn dat er geen oneerlijke bedingen voorkomen in zowel de algemene voorwaarden van decathlon.nl als in haar betaalvoorwaarden. Indien de kantonrechter echter van oordeel is dat er wel sprake is van een oneerlijk beding, verzoekt Riverty alsnog de mogelijkheid te krijgen zich hierover uit te laten. De kantonrechter wijst dit verzoek af. Riverty heeft zich immers bij de dagvaarding al over deze kwestie uitgelaten en was, gezien de inmiddels bekend veronderstelde ambtshalve toetsing, op de hoogte van de noodzaak dit direct te doen.



4.15.
De kantonrechter overweegt ten aanzien van de algemene voorwaarden als volgt. In artikel 3.2 van de algemene voorwaarden van Riverty is opgenomen dat bij het uitblijven van betaling steeds 15% van het openstaande bedrag in rekening wordt gebracht met een minimum van € 40,00. Dat percentage is in sommige gevallen hoger dan de door de wetgever redelijk geachte vergoeding die volgt uit artikel 6:96 lid 5 BW en het daarop gebaseerde Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. De bedongen vergoeding wijkt dus ten nadele van consumenten zoals gedaagde partij aanzienlijk af van de wettelijke regeling over de vergoeding van buitengerechtelijke kosten. Het beding is dus onredelijk bezwarend voor consumenten zoals gedaagde partij en wordt daarom vernietigd. Als gevolg daarvan moet de gevorderde vergoeding voor gemaakte buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen. Dat Riverty niet afwijkt van het bij wet bepaalde over de incassokosten nu bij een vordering onder de € 2.500,00, zoals in deze procedure, altijd maximaal 15% van de hoofdsom aan incassokosten in rekening wordt gebracht, met een minimum van € 40,00, maakt het oordeel van de kantonrechter niet anders, omdat dit niet volgt uit de tekst van het beding.




[gedaagde] moet de wettelijke rente betalen





4.16.
De kantonrechter wijst de rente over de toegewezen hoofdsom toe, omdat Riverty genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald. Dit is door [gedaagde] ook niet betwist.




[gedaagde] moet de proceskosten betalen





4.17.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Riverty worden begroot op:









- kosten van de dagvaarding


€


120,78







- griffierecht


€


139,00







- salaris gemachtigde


€


86,00


(2 punten × € 43,00)




- nakosten


€


21,50


(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)




Totaal


€


367,28













5De beslissing


De kantonrechter



5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Riverty te betalen een bedrag van € 119,99, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende factuur, tot de dag van volledige betaling,



5.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 367,28, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,



5.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,



5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.









Dit vonnis is gewezen door mr. Dijkman en in het openbaar uitgesproken op 12 augustus 2026.
















































Hoge Raad 12 november 2021, ECLI:NL:HR:2021:1677.


Artikel 6:230v lid 7 BW.


De Richtlijn Sanctiemodel essentiële informatieplichten (verkort: de sanctierichtlijn) is gepubliceerd op www.rechtspraak.nl