Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

ECLI:NL:RBZWB:2024:6935

2024-10-04 Strafrecht 02-810555-13 (ontneming)
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Uitspraakdatum
2024-10-04
Publicatiedatum
2024-10-11
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Op tegenspraak
Zaaknummer
02-810555-13 (ontneming)
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

OM niet-ontvankelijk in ontnemingsprocedure. Veroordeelde is overleden.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.909 tekens)
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT




Strafrecht



Zittingsplaats: Breda



Parketnummer: 02/810555-13 (ontneming)




vonnis van de rechtbank d.d. 4 oktober 2024




in de ontnemingszaak tegen





[veroordeelde]
,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1966,
laatstelijk ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres] ,



raadsman mr. J.C. Sneep, advocaat te Breda.





1Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 4 oktober 2024.

De officier van justitie mr. W.J.W.K. Suijkerbuijk heeft gevorderd om het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vervolging in verband met het overlijden van veroordeelde.





2Ontvankelijkheid van de officier van justitie

Uit de stukken van het dossier blijkt dat veroordeelde op [datum] 2023 is overleden.
Ingevolge artikel 69 Sr vervalt het recht tot strafvervolging door de dood van de verdachte. Het bereik van dit artikel strekt zich ook uit tot de ontnemingsprocedure. Het openbaar ministerie dient dan ook – overeenkomstig haar vordering – niet-ontvankelijk te worden verklaard ter zake het voortzetten van de ontnemingsprocedure tegen veroordeelde.





3De beslissing
De rechtbank verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de ontnemingsprocedure tegen veroordeelde Antonissen.


Dit vonnis is gewezen door mr. R.J.H. de Brouwer, voorzitter, mr. D.H. Hamburger en
mr. E.A. van Beelen, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier mr. S. Kroes en is uitgesproken ter openbare zitting op 4 oktober 2024.