Rechtbank Zeeland-West-Brabant
ECLI:NL:RBZWB:2024:1453
2024-03-06
Civiel recht; Personen- en familierecht
10952810 OV VERZ 24-1002
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Erfrecht. Verzoek ontheffing neerleggen boedelbeschrijving 4:211 lid 4 BW. Toewijzing verzoek, nu gebleken is dat de nalatenschap positief is.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.960 tekens)
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Cluster I Civiele kantonzaken
Middelburg
zaak/rolnr.: 10952810 OV VERZ 24-1002
beschikking van 6 maart 2024 op een verzoek ex artikel 4:211 lid 4 BW
ingediend door:
[verzoekster]
, werkzaam bij [notariskantoor] ,
te [plaats 1] ,
nader te noemen verzoekster,
in de nalatenschap van:
[erflaatster]
,
geboren te [geboorteplaats] ( [land] ) op [geboortedag] 1932,
overleden te [plaats 2] op [datum] 2023,
laatstelijk gewoond hebbende te [plaats 3] ,
nader te noemen erflaatster.
1Het verzoek en de beoordeling
1.1
Ter griffie werd op 23 februari 2024 een verzoekschrift met bijlagen ontvangen. Verzoekster verzoekt namens de erfgenamen op grond van artikel 4:211 lid 4 BW te worden ontheven van de verplichting om de boedelbeschrijving inzake de nalatenschap van erflaatster ter inzage te leggen. De betreffende boedelbeschrijving is overgelegd.
1.2
Gebleken is dat [naam 1] en [naam 2] de erfgenamen zijn van erflaatster, alsmede dat zij de nalatenschap beneficiair hebben aanvaard. Derhalve dient de nalatenschap te worden vereffend volgens de wet.
1.3
Uit de boedelbeschrijving en de gegeven toelichting volgt dat de nalatenschap solvabel is. Om die reden kan het verzoek worden toegewezen.
2De beslissing
De kantonrechter:
ontheft verzoekster van de verplichting om de boedelbeschrijving ter inzage te leggen.
Deze beschikking is gegeven door mr. Van der Burgt, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 6 maart 2024, in tegenwoordigheid van de griffier.
Cluster I Civiele kantonzaken
Middelburg
zaak/rolnr.: 10952810 OV VERZ 24-1002
beschikking van 6 maart 2024 op een verzoek ex artikel 4:211 lid 4 BW
ingediend door:
[verzoekster]
, werkzaam bij [notariskantoor] ,
te [plaats 1] ,
nader te noemen verzoekster,
in de nalatenschap van:
[erflaatster]
,
geboren te [geboorteplaats] ( [land] ) op [geboortedag] 1932,
overleden te [plaats 2] op [datum] 2023,
laatstelijk gewoond hebbende te [plaats 3] ,
nader te noemen erflaatster.
1Het verzoek en de beoordeling
1.1
Ter griffie werd op 23 februari 2024 een verzoekschrift met bijlagen ontvangen. Verzoekster verzoekt namens de erfgenamen op grond van artikel 4:211 lid 4 BW te worden ontheven van de verplichting om de boedelbeschrijving inzake de nalatenschap van erflaatster ter inzage te leggen. De betreffende boedelbeschrijving is overgelegd.
1.2
Gebleken is dat [naam 1] en [naam 2] de erfgenamen zijn van erflaatster, alsmede dat zij de nalatenschap beneficiair hebben aanvaard. Derhalve dient de nalatenschap te worden vereffend volgens de wet.
1.3
Uit de boedelbeschrijving en de gegeven toelichting volgt dat de nalatenschap solvabel is. Om die reden kan het verzoek worden toegewezen.
2De beslissing
De kantonrechter:
ontheft verzoekster van de verplichting om de boedelbeschrijving ter inzage te leggen.
Deze beschikking is gegeven door mr. Van der Burgt, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 6 maart 2024, in tegenwoordigheid van de griffier.